Christaan Triebert: puzzelen met de waarheid bij de New York Times

Als kind onderzocht hij al pootafdrukken van dieren en was hij gefascineerd door jongens uit de buurt die de politieradio in Leeuwarden afluisterden – ‘gewoon met een scanner’. Nu legt Christiaan Triebert voor de New York Times internationale terreurdaden bloot.

,,Ha! Dat bedoel ik nou”, lacht Christiaan Triebert. De smalle straat voor zijn appartement in de hippe New Yorkse buurt Williamsburg wordt geblokkeerd door een midden op de weg stilstaande auto. De chauffeur zit er niet in, wel een vrouw die quasi nonchalant met haar telefoon in de weer is. Een bus en een hele rij auto’s daarachter kunnen niet verder. Er wordt ongeduldig getoeterd.

Lees ook | Christiaan Triebert is ‘a rising star’ bij The New York Times

What the fuck are you doing man? Move the car!, schreeuwt een boze automobilist naar Triebert, die even poolshoogte neemt en wordt aangezien voor de chauffeur. Uiteindelijk verplaatst een wachtende bestuurder de auto, op verzoek van de vrouw met telefoon maar zonder rijbewijs.

„Hier gebeurt altijd wel wat”, grinnikt Triebert. Brooklyn, het stadsdeel waar Williamsburg deel van uitmaakt, ontwikkelt zich razendsnel tot populair alternatief voor het overvolle Manhattan. Hipsters voelen zich er thuis, schreeuwerige billboards zijn hier veelal vervangen door kunstzinnige muurschilderingen waarop reclame wordt gemaakt voor whisky of bier.

Lees ook | Christiaan Triebert (New York Times) nieuwe columnist LC

Voor een appartement moet minstens 2500 dollar kale huur worden neergeteld. Een biertje in de trendy brouwerij naast de Brooklyn Bowl – een bowlinghal die zo model had kunnen staan voor cultfilm The Big Lebowsky – kost minstens 10 dollar. Maar: in deze buurt kun je je ook zonder al te veel gevaar voor eigen leven op de fiets verplaatsen.

Dit is de plek waar Triebert (28), geboren en getogen in Leeuwarden, sinds deze zomer woont. In feite de eerste plek waar hij weer eigen woonruimte heeft sinds zijn studietijd in Groningen en Londen.

Jarenlang trok hij de wereld rond, overal en nergens verblijvend. Eerst als nieuwsgierige student, later even nieuwsgierig voor zijn werk bij onderzoekscollectief Bellingcat. Met altijd zijn koffer onder handbereik voor de volgende stad.

Christiaan Triebert ui Leeuwarden vertelt over zijn werk als onderzoeksjournalist bij de New York Times.

Nu is hij in dienst van de New York Times. Eén van de belangrijkste kranten ter wereld, waarvan dagelijks zo’n 1,1 miljoen exemplaren van de persen rollen. Maar de invloed reikt in dit digitale tijdperk veel verder dan de krantenkiosken in de Verenigde Staten – en dan vooral New York, waar het gros van de oplage wordt verspreid. Met ruim 3 miljoen digitale abonnees en een wereldwijd veelgelezen website verspreidt het nieuws van The Old Gray Lady zich razendsnel.

Speuren naar misstanden

De redactie in Manhattan is nu zijn werkplek. Niet als ‘zomaar’ een van de journalisten die de krant in dienst heeft (dat zijn er wereldwijd 1600). Triebert maakt deel uit van het team Visual Investigations, dat op een vernieuwende manier journalistiek onderzoek doet. Op basis van onder andere satellietbeelden, filmpjes en foto’s op sociale media speuren Triebert en zijn collega’s naar misstanden in de wereld.

Het is een kunst waarmee hij de afgelopen jaren grote faam verwierf bij Bellingcat. Met gebruik van openbare bronnen kwesties ophelderen, aantonen wie er achter schokkende bombardementen of een fatale vergissing zat. Laten zien dat een foto of video juist nep is.

De waarheid blootleggen in een wereld die in zulke gevallen aan elkaar hangt van leugens, misinformatie en bedrog.

Verwondering is zijn drijfveer.

„Hoe mensen met elkaar omgaan, hoe ze over elkaar denken en praten, dat is eigenlijk wel de basis, ja”, zegt hij in zijn appartement. Zijn eerste rondreizen door Europa en het Midden-Oosten, vaak op de bonnefooi, legden daarvoor het fundament. Op avontuur met vrienden van gymnasium Beyers Naudé in Leeuwarden en van de Rijksuniversiteit in Groningen.

Wat hij op die trips ontdekte: „In Nederland maken ze grappen over Duitsers, in Duitsland hoor je dat de Oostenrijkers eigenlijk niet deugen en daar zeggen ze weer: nou, Hongaren, die zijn pas erg. En in Hongarije hoor je: pas op voor de Bulgaren want díe deugen niet. Maar als je daar bent word je verteld dat de Turken nog veel erger zijn. In Turkije hoor je dan dat Syrië niet pluis is en in Syrië zeggen ze: ga je naar Irak? Je bent niet goed wijs, waarna je in Irak te horen krijgt dat je echt moet uitkijken voor Iraniërs…”

Raar eigenlijk, want in al die landen ontmoette hij „de meest fantastische mensen. Aardig, behulpzaam, geïnteresseerd”. Het liefst wil hij uitgaan van het goede. Triebert is een familiemens, close met zijn ouders en oudere broers en zus; hij koestert zijn vrienden uit Leeuwarden, Groningen en de rest van de wereld.

Lees ook | Oud-Leeuwarder maakt kans op Europese persprijs

Maar dat botst met de rauwe werkelijkheid die hij ook ziet: mensen die elkaar met grof geweld te lijf gaan, meedogenloos martelen, om het leven brengen. „Een ziekenhuis bombarderen… dat doe je toch niet?!”

Dan gaat hij op onderzoek uit. Hoe kan dit gebeuren? Wie is verantwoordelijk? „Iemand is dood. Wat is er gebeurd?”

„Ik heb een poosje gedacht om diplomaat te worden”, zegt hij. Misschien zou hij dan het onbegrijpelijke wél kunnen begrijpen, of een bijdrage kunnen leveren aan het voorkomen van conflicten.

Als student International Relations, Midden-Oostenstudies en Politieke Filosofie was dat best een voorstelbare stap geweest. Maar tijdens een trip naar Iran, ten tijde van het wereldkampioenschap voetbal in 2010, maakte een diplomaat een opmerking die hem altijd bijbleef.

„Op reis sliepen we overal en nergens. Vaak bij mensen thuis. In Iran keken we voetbal op de Nederlandse ambassade. Ik sliep bij een diplomaat thuis en een collega reed ons daarnaartoe. Onderweg kletsten we wat. Toen zei hij: als Wilders aan de macht komt, stap ik op. Zijn boodschap wil ik niet uitdragen.”

'Christiaan Triebert: De wil om iets uit te zoeken en internet, meer heb je vaak niet nodig'

Vrijheid behouden

Dat zette hem aan het denken. Kunnen zeggen wat je ergens van vindt en niet iets hoeven zeggen wat je niet vindt – dat is best een groot goed. „Ik dacht: ik wil mijn vrijheid behouden.”

Als reizende reporter voor onder andere de Universiteitskrant in Groningen maakte Triebert al reportages over internationale gebeurtenissen, zoals de opstand in Oekraïne in 2014. In 2015 verscheen in deze krant een verhaal van zijn hand uit Irak, waar hij aan de frontlinie stond tussen Koerdische peshmerga en IS-strijders.

„Kijk, dit vond ik vroeger al mooi”, zegt hij in zijn appartement en toont het boekje Sporen van het IVN, Instituut voor Natuureducatie en Duurzaamheid. „Gekregen van mijn vader, toen we op de Waddeneilanden waren.”

Weten hoe iets zit. Dingen uitvogelen, het heeft hem altijd gefascineerd. Aan de hand van pootafdrukken achterhalen welk dier ergens had gelopen – je kunt de lijn zo doortrekken naar het digitale speurwerk dat hij nu op zijn Macbook verricht.

Internationale conflicten intrigeerden hem altijd. Waar hij was toen de aanslag op de Twin Towers plaatsvond? „Aan het knikkeren, in het Aldlân in Leeuwarden.” Hij was toen 10 jaar. Ook interessant: met jongens uit de buurt luisteren naar de communicatie op het Leeuwarder politiebureau aan de Holstmeerweg. „Gewoon met een scanner, hoor, niets illegaals.”

Zijn studentenkamer in Groningen, aan de Tuinbouwstraat, hing vol met landkaarten en vlaggen. Van landen waar hij meestal liftend doorheen was getrokken. Oost-Europa, Rusland en Afrika, van Egypte tot Zuid-Afrika: een roemruchte tocht van 25.000 kilometer die hij samen met zijn vrienden Sierd van der Bij en Neda Boin aflegde.

In Groningen sierden ook een speech van Martin Luther King en een portret van Bob Dylan de muren. „Misschien moet ik hier ook wat meer ophangen”, peinst hij. Aan de roodbruine wanden van baksteen (‘Brooklynstyle!’) hangt nu alleen een ingelijste oude plattegrond van Leeuwarden. Met achterop een gedicht van T.S. Elliot. Over weten waar je vandaan komt, waar je ook bent op de wereld.

Christiaan Triebert op de redactie van de New York Times.

„Gekregen van vrienden”, zegt Christiaan. „Dit ook”, zegt hij en laat The Good Old Times zien. Een krant met allemaal verhalen en foto’s van belevenissen van vroeger. „Voor als je ons mist, zeiden ze. Natuurlijk mis ik mijn vrienden en familie af en toe. Maar ik heb geen heimwee naar een bepaalde plek.” Hij legt een hand op zijn hart. „Hier zitten ze, ik ben niet alleen.”

In de kast staat ook de Athena Noctua, het bronzen beeldje van een uil dat hij in september in Groningen kreeg. Bij de opening van het academisch jaar werd hij gehuldigd als Alumnus van het Jaar van de RUG. „Mooi hè?”, zegt hij trots.

Zonder heimwee, maar wel met de onmisbare drie-eenheid van thuis: kaas, sambal en pindasaus. Hij doet de koelkast open om te laten zien wat hij bij zijn laatste bezoek aan Nederland meekreeg.

Sambal en pindasaus om eten op Indische smaak te krijgen. „Mijn vader is afkomstig uit voormalig Nederlands-Indië, dus pindasaus en sambal zijn in de keuken onmisbaar”, lacht hij. En zijn moeder gaf hem kaas mee van de markt in Leeuwarden, van kaashandel Van Dijk.

Zijn ouders, die scheidden toen hij 4 was, brachten hem een nieuwsgierige en open blik op de wereld bij. „Als ik in een discussie iets zei, reageerde mijn moeder vaak met: Christiaan, dat mág je zeggen. Maar wees je ervan bewust dat het iets is wat jij víndt – het hoeft niet wáár te zijn…” De Vrije School, het gymnasium en de universiteit wakkerden die vrije, kritische geest verder aan.

En dus zoekt hij al jaren hartstochtelijk naar de waarheid, en legt hij zo gedetailleerd mogelijk vast hoe hij die waarheid heeft weten te vinden.

Ontspanning

Maar tijd voor ontspanning is er ook. Elke dag maakt hij digitaal wel een praatje met zijn vrienden. En hij voetbalt in een team van journalisten, in de competitie van de Verenigde Naties. Op veldjes in Brooklyn, Queens of Manhattan, met uitzicht op de fenomenale skyline van New York.

In Leeuwarden speelde hij bij ‘de Sweltsjes’ – de Leeuwarder Zwaluwen- en later de Lions. Als fervent aanhanger van SC Cambuur bezocht hij bijna alle wedstrijden, uit en thuis. Hij maakte vooral van uitwedstrijden verslagjes voor CambuurFotoSite.nl, opgericht door twee supporters uit Harlingen.

Als het enigszins mogelijk is gaat hij op de fiets door de stad. Hoewel het verkeer in New York nog niet erg is ingesteld op fietsers, groeit het aantal wielrijders flink. „Je moet zorgen dat je goed zichtbaar bent”, zegt Triebert. Hij toont de fel knipperende lichten op zijn Giant: „Dat is andere koek dan in Nederland, hè? Maar ik moet nog wel een helm kopen.”

Sinds maart is hij in dienst van de New York Times, nadat hij eerder al op freelancebasis onderzoek deed voor de krant. In de zomer trok hij in zijn woning in Brooklyn.

„New York is mooi, maar het is ook een harde, rauwe stad”, zegt Triebert. Een bezoekje aan de huisarts kost zomaar 250 dollar. Huisvuil staat in vuilnisbakken op straat en dat zorgt ook in Williamsburg voor de aanwezigheid van ratten. „Er is veel armoede, maar ik ben me er zeer van bewust dat ik behoor tot de privileged few die zich geen zorgen hoeft te maken.”

Het is na de jaren bij Bellingcat een verfrissend en uitdagend hoofdstuk. Werken in een team op de redactie en niet vooral in zijn eentje achter zijn laptop in Jordanië, Turkije, Zuid-Afrika of waar dan ook ter wereld – het is anders dan hij gewend was maar zeker ook leerzaam.

Christiaan Triebert: „Hoe mensen met elkaar omgaan, hoe ze over elkaar denken en praten, dat is eigenlijk wel de basis.”

„Weet je, ik moet nu gewoon wennen aan het niet-reizen. Voor Bellingcat was ik continu onderweg. De workshops leveren geld op voor het onderzoeksteam en ik was destijds de enige zonder gezin. Dus als er een workshop in Colombia moest worden gegeven, dan kwam al gauw de vraag: kun jij? Ja! En ik wilde ook heel graag.”

Voor de onderzoeken van het team bij de New York Times had hij graag naar Afghanistan en Syrië gewild. „Het was te gevaarlijk. Maar het gebeurt ongetwijfeld. We krijgen alle ruimte om te doen wat we willen doen. Maar ik moet dus wel iemand vinden die de planten water geeft, hahaha.”

Het vasthoudende onderzoekswerk heeft hem inmiddels internationale bekendheid opgeleverd. Hij zit net zo makkelijk aan tafel bij De Wereld Draait Door als bij CNN en laat overal graag zien hoe hij feiten boven tafel krijgt. Maar, zegt hij nadrukkelijk: „Ik doe het echt niet alleen. Het is altijd een kwestie van samenwerken.”

Leuk is het werk ook niet altijd. Onderzoek naar de moord op journalist Jamal Khashoggi, naar een gifgasaanval op burgers, de ziekenhuisbombardementen door Rusland in Syrië en de Amerikaanse raket die per abuis een Afghaans gezin doodde – de ruwe beelden zijn vaak schokkend.

„De meest gruwelijke beelden laten we weg in de video’s die we voor de Times maken, maar je moet ze tijdens het onderzoek wel professioneel bekijken. We willen aantonen wat er is gebeurd…”

Op video’s die in de gebombardeerde ziekenhuizen in Syrië zijn gemaakt komt een zwangere vrouw om. Een omstander houdt de ongeboren baby in handen en schreeuwt: ‘Is dit een terrorist?!?’ „Het is walgelijk om te zien, maar het geeft me ook een drive om door te gaan.”

Dankbetuigingen

De publicatie van de verhalen en de video’s leveren veel dankbetuigingen op. Door geweld geteisterde burgers, die via Twitter zeggen: bedankt dat je dit doet en de wereld laat zien wat hier gebeurt.

„Dat is fijn om te horen.”

Het is voor die vele lieve, goede, onschuldige mensen die hij tijdens zijn reizen overal tegenkwam dat Triebert speurt naar de misdaden van anderen.

Een glimlach.

„De wil om iets uit te zoeken en een internetaansluiting. Meer heb je echt niet altijd nodig om de waarheid bloot te leggen.”

[firstName], je hebt net een artikel gelezen! Nu je hier toch bent, vragen we graag je aandacht voor het volgende:

Je hebt op dit moment een gratis account. En dat is natuurlijk prima. Je hebt daarmee toegang tot een belangrijk deel van het nieuws dat onze 100+ journalisten elke dag brengen, maar je mist nu wel veel. Zo kan je niet onbeperkt onze verdiepende PLUS-artikelen lezen en heb je ook geen toegang tot onze digitale krant. Zonde natuurlijk! Daarom bieden we je graag een proefabonnement aan, zodat je kennis kan maken met alle interessante extra’s die je nu mist.

Onze PLUS-artikelen bieden verdieping van het nieuws. Ook de extra's van het Dagblad vallen onder PLUS, zoals bijzondere columns en commentaren. Met trots gemaakt voor de lezers die willen weten hoe het écht zit. In tekst, foto en video leggen wij uit wat het nieuws betekent voor jou en jouw omgeving.

Bekijk proefabonnementen
Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.