Dader Groninger hiv-zaak was opnieuw verpleger

Peter M., de verpleger die in 2008 en 2012 werd veroordeeld in de Groninger hiv-affaire, werkte na zijn gevangenisstraf als wijkverpleegkundige.

De man mag niet langer als verpleger werken, oordeelde het Regionaal Tuchtcollege in Amsterdam deze week. M. heeft het beroep van verpleegkundige onteerd en geschaad, aldus het tuchtcollege, dat met de maatregel het publieke vertrouwen in de beroepsgroep wil herstellen.

Sollicitatie
Peter M. werd veroordeeld omdat hij mannen tijdens seksfeesten injecteerde met bloed dat was besmet met hiv. Ook stal hij injectienaalden en medicijnen bij zijn toenmalige werkgever. Hij kreeg een gevangenisstraf van acht jaar.

M. kwam eind 2012 vervroegd vrij. Hij volgde scholing en liet zich opnieuw als verpleegkundige inschrijven in het BIG-register. Tussen 2013 en 2015 werkte hij bij twee verschillende werkgevers als wijkverpleegkundige. Beide keren zei hij tijdens zijn sollicitatie niets over zijn veroordeling en beide keren werd hem er ook niet naar gevraagd. Een Verklaring Omtrent het Gedrag hoefde hij evenmin aan te leveren.

Geen beroepsverbod
Er zijn geen aanwijzingen dat M. na zijn vrijlating patiënten heeft benadeeld, aldus het tuchtcollege. Wel heeft hij zich misdragen naar collega’s, blijkt uit een gespreksverslag. Collega’s omschrijven M. als een man met twee persoonlijkheden: soms voorkomend, deskundig en charmant en soms dominant, narcistisch, manipulatief en leugenachtig. Hij speelde volgens hen machtsspelletjes, omschreef collega’s als ‘domme koe’ en ‘schaapjes’ en genoot er zichtbaar van om vooral weerloze collega’s te vernederen en klein te maken.

M. vindt zelf dat hij prima als verpleger kan blijven werken, zo blijkt uit het verslag van het tuchtcollege. Zijn verweer luidt dat hij het werk nodig heeft om rond te komen, dat hij zijn langdurige gevangenisstraf heeft uitgezeten, dat de strafrechter hem destijds geen beroepsverbod heeft opgelegd en dat de strafbare feiten die hij pleegde plaatsvonden in de privésfeer en dus niets te maken hebben met zijn werk.

Onzin
Onzin, oordeelt het tuchtcollege, dat de zaak begin 2015 op het spoor kwam door een klacht van de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Wat M. deed, is zo ernstig dat het niet uitmaakt of het tijdens werk of in privétijd plaatsvond.

Dat M. zijn straf ondertussen heeft uitgezeten is weliswaar waar, aldus het tuchtcollege, maar dat maakt in dit geval niet uit. Het medisch tuchtrecht is er om de kwaliteit van de gezondheidszorg te bewaken en dat staat volgens het college los van het strafrecht.

Lees hier de uitspraak van het tuchtcollege.

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.