'De bedelaar van Albert Heijn begon met slaan, niet te zien, maar het is wel zo'

Zittingszaal 14 in de rechtbank van Groningen. Rob Zijlstra / DVHN

Hij woont al bijna dertig jaar in Groningen, maar heeft een tolk nodig om zich in de rechtszaal verstaanbaar te maken. Zijn strafblad is een boekwerk, zijn alcoholprobleem is niet minder groot. Op straat waar Mohamud (47) leeft, noemt iedereen hem Foxy.

In juli vorig jaar zou hij hebben geprobeerd een oude kennis dood te schoppen, in het halletje naar de parkeergarage, ook de zijingang van de Albert Heijn aan het Gedempte Zuiderdiep in Groningen. Dat is wat de officier van justitie zegt. Het slachtoffer is de vaste bedelaar voor de supermarkt.

Op camerabeelden is het een en ander te zien. Dat Mohamud schopt (of stampt) tegen (op) het hoofd van de bedelaar die dan al - na een paar klappen - op de grond ligt. Een man die boodschappen komt doen, kijkt heel even en loopt dan door alsof er niets aan de hand is.

Hij heeft er hier weinig van gebakken

Mohamud schopt niet alleen. Hassan (38) huppelt er wat omheen en slaat vooral. Anders dan Mohamud is Hassan een welbespraakte man die geen tolk nodig heeft. Ook hij kwam ooit vanuit Somalië naar Nederland, naar Groningen. Hij heeft er hier weinig van gebakken.

Reden: ook hij heeft een megagroot drankprobleem. Daar wil hij nu wel vanaf, hij wil zich zelfs wel laten opnemen in een kliniek, op voorwaarde dat hij daar geen medicijnen hoeft te slikken. Dat zal hij nooit van zijn leven doen. Ooit stond hij terecht voor een moord in de Groninger binnenstad, in café De Drie Gezusters, augustus 2006. Hij werd toen vrijgesproken.

Het hoofd is een kwetsbaar lichaamsdeel

Schoppen tegen het hoofd is vanwege de kwetsbaarheid van dit lichaamsdeel in de rechtszaal bijna altijd een poging tot doodslag. Wie iemand tegen het hoofd schopt neemt voor lief dat die ander zal komen te overlijden.

Mohamud en Hassan ontkennen. Dat wil zeggen, ze sloegen wel, maar terug. De bedelaar was begonnen met slaan. Misschien niet te zien, maar het is wel zo, zeggen ze.

Aan de slag met drankprobleem

Dat er geweld is gebruikt, zegt de officier van justitie, staat niet ter discussie. Wat ze beweert, staat op beeld. Mohamud - de schopper - hoort 24 maanden celstraf eisen, Hassan, 20 maanden (waarvan 8 voorwaardelijk). Zodra hij vrijkomt moet hij aan de slag met zijn drankprobleem.

Dat geldt eigenlijk ook voor Mohamud, maar hij heeft geen status om in Nederland te mogen zijn. Hulp bij een gezonde terugkeer naar de maatschappij is dan nauwelijks mogelijk.

Minder ernstig

De advocaten pleiten voor lagere straffen. Het slaan en schoppen was veel minder ernstig dan de officier van justitie wil doen geloven. Er is eerder sprake van een mishandeling of openlijk geweld. Daar passen, zeggen de advocaten, dan dus ook lagere straffen bij.

Uitspraken op 3 november

menu