Gezicht op Ulrum vanaf het borgterrein, tekening van J. Bulthuis (1750-1801).

De dubbelwierde van Ulrum

Gezicht op Ulrum vanaf het borgterrein, tekening van J. Bulthuis (1750-1801). AFbeelding uit boekje ‘De Marne als éénheid’

Waarom heeft Ulrum twee wierden en welke was er het eerst? Grondboringen in het kader van het project Terpen- en Wierdenland verschaffen een antwoord.

Dat het dorp Ulrum op een dubbelwierde is gebouwd, was bekend. Maar over hoe die twee wierden, gescheiden door de Kerkstraat, zich tot elkaar verhouden en welke de oudste was, wisten we weinig, zegt landschapshistoricus Jeroen Wiersma van de Rijksuniversiteit Groningen. Laat staan over de mensen die deze wierden bewoonden.

Grondboringen

Woensdagavond presenteerde hij samen met zijn collega, archeoloog Gerard Aalbersberg, in het oude stationsgebouw van Ulrum de resultaten van de grondboringen die de afgelopen maanden zijn uitgevoerd.

Het onderzoek in Ulrum is het eerste in deze provincie van het project Terpen- en Wierdenland . Drie Groningse wierdedorpen (naast Ulrum ook Warffum en Godlinze) en drie Friese terpdorpen (Hallum, Firdgum en Wijnaldum) staan daarin centraal. Wetenschappers zoeken samen met bewoners naar sporen van de ontstaansgeschiedenis, zodat die zich bewust worden van het verhaal van hun dorp en dat kunnen gebruiken voor nieuwe plannen.

,,We zijn in Ulrum begonnen omdat de bewoners daar met Project Ulrum 2034 al veel initiatieven hebben genomen om hun leefomgeving te verbeteren’’, verklaart projectleider Geert Schoemakers van Landschapsbeheer Groningen. ,,Daar kunnen wij bij aanhaken. Het verhaal van Ulrum krijgt zo een verdiepingsslag: dat is meer dan alleen de Afscheiding.’’

Argrarische bestemming

Bij de grondboringen zijn op de oostelijke wierde mestpakketten aangetroffen, vertelt Aalbersberg. Dat zijn lagen mest die erop wijzen dat deze wierde voornamelijk een agrarische bestemming had. Op de westelijke wierde, waar kleisporen op overstromingen wijzen, was dat niet het geval. Waarschijnlijk ontstond hier pas later, nadat er dijken waren aangelegd, een handelsbuurtje rond de eind twaalfde eeuw gebouwde Romana-gotische kerk.

Naast de oostelijke wierde verrees in 1659, op de plek van een boerderij, de borg van de familie Asinga. ,,Met Pinksteren moest iedere inwoner voor zonsopgang een lam afdragen’’, weet Wiersma. ,,Dat geeft wel aan hoe de verhoudingen lagen.’’

De imposante borg raakte eind achttiende eeuw in verval en werd in 1809 op afbraak verkocht. De laatste bewoner was baron Ferdinand Folef van In- en Kniphuisen. Hij leidde volgens Wiersma een uitbundig leven, maar maakte daar in 1795 zelf een einde aan.

Opknapbeurt

Het huidige Asingapark op dezelfde plaats is nu hard aan een opknapbeurt toe. Daarvoor bestaan al langer plannen, het Terpen- en Wierdenproject wil hieraan een impuls geven die recht doet aan de geschiedenis van deze plek. ,,Een idee is om de zichtlijn van het park naar de kerk te herstellen’’, aldus projectleider Schoemakers. Samen met de bewoners worden daarvoor de komende maanden plannen gemaakt, die uiterlijk medio 2018 worden uitgevoerd.

menu