In de expositie 'Stort!' zien bezoekers welke verhalen afval ons vertellen en hoe ons denken over vuilnis geleidelijk is veranderd.

De geschiedenis van afval is te zien in het Noordelijk Scheepvaartmuseum in Groningen

In de expositie 'Stort!' zien bezoekers welke verhalen afval ons vertellen en hoe ons denken over vuilnis geleidelijk is veranderd. Foto's: Corné Sparidaens

Haal alles uit je afval . Het staat op elke gemeentelijke vuilniswagen. Oud-docent Nick Landman uit Groningen deed het. En hoe. Zaterdag begint op zijn initiatief in het Noordelijk Scheepvaartmuseum de tentoonstelling Stort! 10.000 jaar Groningers en hun afval .

Splinters vuursteen die duizenden jaren geleden tijdens het bikken van gereedschap op de grond vielen, tot kinderschoentjes uit een van de 349 containers die in januari 2019 uit het containerschip MSC Zoë overboord kletterden. Het eeuwenoude pand van het toekomstige Museum aan de A – zoals het Noordelijk Scheepvaartmuseum in Groningen gaat heten – is dezer dagen volgestouwd met afval.

Veel komt uit de collectie van Nick Landman. Zonder een boze brief, zo’n tien jaar geleden, was de expositie Stort! er wellicht niet geweest. Een omwonende van De Vosbergen in Paterswolde klaagde bij het Terra College – waar Landman destijds docent was – over de flesjes frisdrank en de zakjes chips die leerlingen in het natuurgebied achterlieten. ,,Dus ik stuurde leerlingen vervolgens met vuilniszakken De Vosbergen in’’, blikt Landman terug.

Hoe belandt een Duitse veldfles uit WOI in het Friescheveen?

Ongeveer vijf jaar geleden, hij werkte inmiddels bij het Groene Lyceum – onderdeel van Terra Eelde – in Paterswolde, liet hij zijn leerlingen los op afval in het Friescheveen, een laagveenmoeras met open water tussen Haren en Paterswolde. Hij koppelde er een opdracht aan. ,,Wat is het? Hoe oud is het? Waar komt het vandaan? Dat wilde ik weten.’’

De leerlingen kwamen terug met een Duitse veldfles uit de Eerste Wereldoorlog. ,,Hoe was dat ding daar nou in vredesnaam beland? Heel waarschijnlijk was hij van een van de Engelse soldaten die tijdens de Eerste Wereldoorlog in Duitsland in krijgsgevangenschap zaten en na de oorlog naar het Engelse Kamp aan de Hereweg waren gebracht. Die hadden van de Duitsers zo’n mooie veldfles gekregen.’’ De veldfles staat nu in een van de vele vitrines.

loading  

Appel- en perenbomen ontkiemden uit zaadjes in het afval

Een deel van het natuurgebied deed tussen 1900 en 1930 dienst als vuilstort van de stad Groningen. ,,Met het huisvuil werden de oevers verstevigd’’, legt stadsarcheoloog Gert Kortekaas uit. Hij werkt deels bij het museum, hielp mee met de totstandkoming van de expositie en voorzag deze royaal met vondsten uit de collectie van de gemeente. Landman: ,,Er groeien daarom ook appel- en perenbomen en frambozen. Die verwacht je daar helemaal niet, maar ze zijn het gevolg van zaadjes in het afval die zijn ontkiemd.’’

De leerlingen vonden meer, veel meer. Een foto toont een omgevallen boom. In de wortels zitten als vissen in een net geëmailleerde pannetjes, deksels en flessen verstrikt. Zijn leerlingen hielden verbaasd stokoude parfumflesjes in hun handen vast. ,,Die stonden in een vitrine op school.’’ Hij glimlacht. ,,Af en toe verdween er wel eens een flesje. De meiden vroegen waar je kurkjes kon krijgen. Ze wilden de flesjes dus weer gebruiken.’’

Botervloot? Nog nooit van gehoord

Sommige voorwerpen veroorzaakten grote verwarring onder de leerlingen. ,,Kwamen ze met een deksel van aardewerk aanzetten. Bleek van een botervloot te zijn. Een botervloot? Hadden ze nog nooit van gehoord.’’

Een andere vitrine toont vondsten uit de volgestorte meanders van het Aduarderdiep. Een oud-leerling van Landman wees hem op de oude stortplaats aan de Aduarderdiepsterweg, ten noordwesten van Hoogkerk. Het Aduarderdiep was decennialang een belangrijke vaarweg van en naar Suikerfabriek Vierverlaten. Maar de meanderende rivier werd in de jaren vijftig in een strak keurslijf getrokken. Landman: ,,Alle uitlopen werden volgestort met afval. Ik vond er onder meer een lege fles shampoo van Andrélon. Maar dan van glas! Ik kwam erachter dat dit model alleen in 1957 werd gebruikt.’’

Maar eh, waar staat die fles dan? Die belandde uiteindelijk – o ironie – alsnog bij het vuilnis. Landman zucht. ,,Ik deed hem cadeau aan een kapper, maar iemand dacht dat het afval was en de fles is weggegooid.’’ Hij steekt zijn vinger omhoog. ,,Maar dit leidde wel tot dé mooiste vondst van allemaal. Vind ik dan. Want de vader van de kapper had nog wel een ander flesje voor me en dat is deze.’’

Hij wijst naar een flesje met een prachtig etiket. Een moeder wrijft teder over het hoofd van haar kind. De tekst meldt: Hoofd Eau de cologne (jachtwater). Egberts & Co. Groningen . ,,En dan die reclametekst. Geweldig! Doodt onmiddellijk alle levend onrein. Onmisbaar voor schoolgaande kinderen .’’

loading  

Museum krijgt afval cadeau

En zo heeft hij bij elke fles, elk stukje aardewerk, elke pan wel een verhaal. Maar wat doet Landman nu eigenlijk met alle spullen als de expositie is afgelopen? Hij kijkt een beetje bedenkelijk. ,,Tja, thuis worden ze er ook wel een beetje gek van. Ik schenk ze aan een goed doel: het Noordelijk Scheepvaartmuseum.’’


De expositie Stort! 10.000 jaar Groningers en hun afval is van 19 september tot 29 februari te zien in het Noordelijk Scheepvaartmuseum, Groningen.

menu