Steven Arnold, chauffeur van de UMCG-ambulancebus.

Dit is de chauffeur van de coronabus die naar Groningen gesleept moest worden: 'Ik heb even flink gevloekt'

Steven Arnold, chauffeur van de UMCG-ambulancebus. Foto: Geert Job Sevink

Steven Arnold (35) uit Groningen is chauffeur van de coronabus, die maandag buiten zijn schuld met pech naar het Noorden moest worden gesleept. De ritten maken grote indruk op Arnold. ,,Na een trip weet je waarvoor je het doet. Artsen stonden met tranen in de ogen naast de bus.”

Drie keer reed Steven Arnold de coronabus naar het Zuiden van Nederland om in Breda, Veldhoven en Heerlen coronapatiënten bij ziekenhuizen op te halen. ,,Dan zie je met eigen ogen hoe overbelast de ziekenhuizen daar zijn. Het heeft diepe indruk op mij gemaakt. Als artsen je met betraande ogen uitzwaaien doet me dat wel iets. Ik ben een gevoelsmens en dergelijke beelden laten me niet koud, maar het werkt anderzijds ook erg motiverend.”

Een ‘tripje’ naar het Zuiden is appeltje eitje voor de ervaren chauffeur, maar een terugreis met zes coronapatiënten en een compleet medische staf van artsen en verpleegkundigen aan boord, maakt de terugweg tot een uitdaging. Wat heet. ,,Je moet natuurlijk voorkomen dat de bus heen en weer gaat, want dan kunnen de medici vallen. De patiënten worden kunstmatig in slaap gehouden, maar voor hun is het ook belangrijk dat de reis perfect verloopt. Zelfs voor een slecht wegdek moet je uitkijken.”

Neem hier een kijkje in de coronabus:

Slechts twee keer op het rempedaal gestaan

,,Belangrijk is dat je in een vloeiende lijn naar Groningen rijdt. Dat betekent onderweg zo weinig mogelijk remmen. Want, de bus remt op lucht en reageert direct als ik op het rempedaal trap. De eerste keer van Breda naar Groningen heb ik slechts twee keer aan het rempedaal gezeten. Mede met dank aan de begeleiding van de motoragenten. Als het nodig is maken zij de weg vrij."

,,We werken als een hecht team en staan steeds via de mobilofoon met elkaar en de verkeersleiding in Driebergen in verbinding. Op de weg zijn we een opvallend transport en dat merk je aan de reacties van mede weggebruikers. Ze zien mij achter het stuur met een mondkapje en steken een duimpje omhoog.”

Eigenlijk is de bus, eigendom van de drie noordelijke Regionale Ambulancevoorzieningen (RAV’s), bedoeld om bij een calamiteit razendsnel zes mobiele behandelplaatsen tegelijk ter plekke te brengen. ,,Maar nood breek wet in deze uitzonderlijke periode, en daarom is besloten er een mobiele IC van te maken met alles er op en er aan. Van zuurstof tot speciale monitoren. Best bijzonder.”

Zernike-lijn

Dat Arnold op de bus rijdt is volgens de bescheiden ambulance chauffeur (‘dit moet vooral geen Arnold-show worden’) toeval. ,,Ik was ingeroosterd en beschik over ervaring met het rijden op een bus. Ik ben ooit begonnen als taxichauffeur en heb daarna een aantal jaren bij Arriva op een streekbus gereden, onder andere op de Zernike-lijn. Maar we gaan nu een pool maken van collega’s die ook ervaring hebben met het rijden op een bus. Dat moet ook, want rijden op de coronabus is best inspannend.”

Wat ook heel belangrijk is, zo heeft Arnold opgestoken van zijn eerste reis. ,,Zorg goed voor jezelf. Ik had voor de terugreis van Breda naar Groningen te weinig gegeten en gedronken. Dat overkomt mij niet weer.”

Met zestien kilometer per uur en amper duizend toeren naar de afrit

Begin deze week baalde de chauffeur stevig toen hij de bus met pech langs de snelweg moest parkeren. ,,Ik heb even flink gevloekt.”

Hoewel hij er niets aan kon doen voelde het niet tof. ,,Vanuit het busje met reserve materiaal dat achter ons reed, kreeg ik een seintje dat er iets weglekte. Toen ik in de zijspiegel keek wist ik voldoende. Vloeistof. Met amper 1000 toeren en een snelheid van zestien kilometer per uur kon ik de bus nog naar een afrit rijden. Toen was het echt over."

,,Reparatie ter plekke was onmogelijk, maar gelukkig zijn we door de sleepdienst naar Groningen gebracht. De reis vanaf Nijmegen was heel bijzonder. Doordat de motor het niet meer deed was de kachel uitgevallen. Iedereen aan boord heeft de reis naar het UMCG met warmtedekens afgelegd. Uiteindelijk is de reis prima en veilig verlopen, mede ook omdat de noodaggregaat zijn werk deed en de apparaten daardoor hun werk konden blijven doen. En die chauffeur van de sleepdienst heeft prima gereden.”

'Mijn vader en vriendin zijn mijn uitlaatklep'

Arnold prijst zich in de gelukkige omstandigheid dat hij prima collega’s heeft, waarmee hij zijn ervaringen kan delen. ,,We waren al hecht, maar de saamhorigheid is nu ongekend. Bij mijn vader, die al sinds 1987 op de ambulance rijdt, kan ik ook altijd terecht. Hij is mijn uitlaatklep. Dat geldt ook voor mijn vriendin, want ik ben weliswaar een professional, maar ook een gevoelsmens. En dat komt naar boven als je de ellende in die ziekenhuizen ziet.”

menu