Allert van der Hoeven. Foto Simone Bouwstra

Dit is de man die vluchtelingen in Ter Apel helpt die weer naar hun land van herkomst moeten: 'Op terugkeer rust een taboe'

Allert van der Hoeven. Foto Simone Bouwstra

Lang niet elke vluchteling die in Nederland asiel aanvraagt mag hier blijven. In 2019 werden drie op de tien aanvragen afgewezen of ingetrokken. Allert van der Hoeven van Vluchtelingenwerk begeleidt asielzoekers uit Noord-Nederland die teruggaan naar hun land van herkomst. ,,Het voelt goed als ik ze kan helpen vanuit een moeilijke situatie een nieuwe start te maken.’’

Soms voelt hij zich een missionaris in zijn eigen organisatie, bekent de 54-jarige Van der Hoeven in het kantoor van Vluchtelingenwerk op de Vrijheidsbeperkende Locatie (VBL) in Ter Apel, waar 450 uitgeprocedeerde vluchtelingen verblijven. Sinds ruim een jaar werkt de Groninger als ‘consulent landen van herkomst’ voor het terugkeerproject ‘Met opgeheven hoofd’ (MOH), en dan ben je toch ietwat een vreemde eend in de bijt binnen een organisatie die van oudsher gericht is op de ondersteuning en integratie van vluchtelingen die hier mogen blijven.

,,Het is een organisatie met heel betrokken mensen, die er vooral op gericht zijn mensen te helpen tijdens de asielprocedure en erna, bij het opbouwen van een nieuw bestaan. Terugkeer is een lastig onderwerp waar nog wat een taboe op ligt. Vluchtelingen die uitgeprocedeerd zijn, worden dus niet automatisch naar ons doorverwezen.’’

Jammer, vindt Van der Hoeven. ,,We kunnen mensen ook helpen door ze perspectief te bieden bij vertrek.’’

Traject in twee fasen

Dat is dus wat hij probeert in het terugkeerproject. Dit bestaat uit twee fasen: toekomstoriëntatie en re-integratie. Het traject wordt in gang gezet als een asielaanvraag is afgewezen of als de persoon om andere redenen overweegt terug te keren. Van der Hoeven is een van de vijf landenconsulenten in Nederland. Hij begeleidt voornamelijk vluchtelingen uit West-Afrika, zoals Ghana, Nigeria en Sierra Leone, onder meer van de gezinslocatie in Burgum, maar ook elders in het land.

In de toekomstoriëntatie wordt gekeken of er nog juridische mogelijkheden zijn voor een verblijfsvergunning. Dat is vaak niet het geval. Daarna zijn de enige opties nog: kiezen voor terugkeer of uit de opvang vertrekken, de illegaliteit in. ,,Wij proberen dan duidelijk te maken dat dit geen aantrekkelijk perspectief is’’, zegt Van der Hoeven, die benadrukt dat Vluchtelingenwerk niet meewerkt aan terugkeer als de organisatie vindt dat een land niet echt veilig is.

Vluchtelingenwerk werkt via het European Reintegration Support Organisations (ERSO) samen met partnerorganisaties ter plekke: onafhankelijke NGO’s (niet-gouvernementele organisaties) die altijd worden gescreend.

Als iemand uiteindelijk besluit terug te gaan, volgt de re-integratiefase. ,,Met de vluchteling en de partnerorganisatie maken we een toekomstplan. Dan kijk je naar huisvesting, werk, medische voorzieningen, je bespreekt of er nog een netwerk is, waar de persoon goed in is, en wat men wil.’’

Een jaar gevolgd

Vluchtelingen die kiezen voor zelfstandige terugkeer naar hun land van herkomst hebben recht op financiële bijstand voor de eerste kosten, bijvoorbeeld huisvesting, werk, scholing en medische ondersteuning. ,,Hiermee geven we mensen de mogelijkheid om een goede nieuwe start te maken, zodat ze met opgeheven hoofd teruggaan.’’

Het gaat om 1500 euro in natura (dit wordt bijvoorbeeld overgemaakt naar een onderwijsinstelling ter plaatse) en 300 euro aan contanten, voor onder meer kosten tijdens de reis.

Als de basisvoorwaarden voor een verantwoorde terugkeer op orde zijn, wordt er een vlucht geboekt. De terugkeerder wordt bij aankomst in het land opgevangen door de partnerorganisatie of iemand uit het eigen netwerk. Hij of zij wordt daarna nog een jaar gevolgd. Van der Hoeven: ,,We willen graag weten hoe het de persoon vergaat, ook op de wat langere termijn.’’

Een van de mensen die Van der Hoeven begeleidde was een Ghanees, die hiv-positief was. ,,De man was al vijftien jaar ongedocumenteerd in Nederland, en wilde terug om voor zijn moeder te kunnen zorgen. De partnerorganisatie heeft voor ons gezocht of de benodigde medicijnen beschikbaar en betaalbaar waren, en of ze vergelijkbaar waren met de medicijnen die hij in Nederland kreeg. Met hulp van het re-integratiebudget heeft hij een klein boerenbedrijf kunnen opzetten, in combinatie met een vervoersdienst.’’

Veel corruptie

Essentieel voor het welslagen van de terugkeer is een netwerk ter plaatse. ,,In veel landen waar vluchtelingen vandaan komen, is het leven kwetsbaarder dan hier. In het Westen hebben we een wereld aan mogelijkheden voor opleidingen en werk. Elders is dat heel anders. Baantjes gaan vaak via via en als je geen werk hebt, ben je afhankelijk van je familie. En er is veel corruptie.’’

In december, nog voor de coronacrisis, reisde Van der Hoeven naar Irak, om te zien hoe het terugkeerders daar verging. Hij sprak onder meer iemand die een snackbar was begonnen, een winkeltje in een vluchtelingenkamp, een autoreparatiebedrijf en een man die taxichauffeur was geworden. Het was lang niet allemaal rozengeur en maneschijn; nogal wat geïnterviewden bleken te kampen met psychische klachten of hadden moeite om hun geld te verdienen. Maar met vallen en opstaan probeerden ze weer een nieuw leven op te bouwen.

,,De meeste mensen willen in eerste instantie natuurlijk niet terug. Ze zijn niet voor niets gevlucht.’’ Er zijn dan ook grote verschillen tussen de ‘cliënten’, merkt de consulent. ,,Sommigen zijn veeleisend, boos of emotioneel. Anderen maken actief plannen of zijn juist passief.’’ Het lukt ook niet bij iedereen; regelmatig vertrekt iemand ‘met onbekende bestemming’ (MOB). Van der Hoeven: ,,Bij terugkeer moet je niet te lang pappen en nathouden. Het is goed als mensen weer de controle over hun leven krijgen. Niemand is er voor gemaakt om in een kamertje te wachten totdat iemand anders over je toekomst beslist.’’

‘Ik voel vreugde als ik denk aan terugkeren’

Loukman Atokou (36) is een van de vluchtelingen die momenteel onder begeleiding van Allert van der Hoeven bezig is met terugkeer. In 2014 kwam de Togolees vanuit Libië, in een bootje, in Italië aan. Hij had zijn geboorteland ,,na wat kleine problemen thuis’’ verlaten en in het onrustige Libië lukte het niet om iets op te bouwen. ,,Vrienden van me stelden voor om naar Europa te gaan, en ik ben meegegaan.’’

loading

De islamitische Togolees had geen duidelijk beeld van zijn toekomst in Europa, hij zou wel zien wat er op zijn pad kwam. Na omzwervingen in Italië en Frankrijk, waar hij niet veel over kwijt wil, kwam hij in maart in Nederland. ,,Als kind had ik veel over Nederland gehoord, ik dacht daar moet ik maar eens heen.’’

Vanuit Amsterdam werd hij rechtstreeks naar Ter Apel gestuurd, waar hij sinds die tijd verblijft, in een unit met vijf andere mannen. Hij vroeg asiel aan maar was na vier maanden, door de vertragingen bij de IND, nog altijd niet in een procedure geplaatst.

In juli hakte hij de knoop door. Hij besloot zijn asielaanvraag in te trekken en terug te gaan naar Togo. Hij zegt de afgelopen jaren een afkeer van Europa te hebben gekregen, al kan hij niet goed uitleggen waarom. ,,Ook al zou ik nu een verblijfsvergunning krijgen, ik zou toch teruggaan.’’

Atokou wil een kleine garage openen in zijn dorp. ,,Ik heb veel werkzaamheden geleerd. Ik kan lassen, ben monteur.’’ Hij heeft zin om na al die jaren terug te gaan, vertelt hij. ,,Ik voel vreugde en trots als ik er aan denk.’’

Inmiddels is er contact gelegd met de lokale partnerorganisatie. Er zijn geen belemmeringen voor terugkeer. Wel moet er via de ambassade een laissez-passer , een tijdelijk reisdocument, worden geregeld. Daarna kan er een vlucht naar Togo worden geboekt, mits de coronacrisis het toelaat.

Per jaar gaan er zo’n drieduizend mensen vanuit Nederland terug naar hun land van herkomst, ongeveer de helft van het aantal uitgeprocedeerden. Vluchtelingenwerk begeleidde zo’n 250 mensen in de re-integratiefase. Hiervan keerden de afgelopen twee jaar 75 mensen daadwerkelijk terug. De meeste mensen gaan terug via IOM, de Internationale Organisatie voor Migratie.

menu