Hans Feenstra

Hans Feenstra neemt afscheid van het Martini Ziekenhuis in Groningen: 'Een bestuurder die alleen vrienden heeft, stuurt niet goed'

Hans Feenstra FOTO PETER WASSING

Een markant bestuurder neemt afscheid van het Martini Ziekenhuis in Groningen. Hans Feenstra, getogen in Amsterdam, wonende in Oudehaske, had nog wel willen doorgaan maar is 65 jaar geworden. Een gesprek over het falen van de marktwerking in de zorg, de moeizame samenwerking in Noord-Nederland en het maken van schoon schip.

Hans Feenstra is er niet de man naar om zijn eigen invloed te relativeren. In de 11,5 jaar dat hij het Martini Ziekenhuis Groningen leidde is het hospitaal uitgegroeid tot een van de grootste zorginstellingen in Noord-Nederland. Het aantal klanten (patiënten) nam fors toe; Feenstra’s ziekenhuis nam de huisartsenpost plus veel van de basiszorg over van de collega’s van het UMCG; de financiële resultaten gingen flink omhoog; de transformatie naar een ziekenhuis van deze tijd werd voltooid en ook de omgeving van Martini kreeg een modern medisch karakter – zo verrees er bijvoorbeeld nieuwbouw van geneesmiddelenonderzoeker PRA en het medisch laboratorium Certe. ,,Er zijn hier mooie dingen gebeurd’’, zegt hij.

Hans Feenstra is 65 jaar geworden en dan is het tijd om afscheid te nemen. Al had hij ook nog wel willen doorgaan. ,,Ik ben in de kracht van mijn leven’’, zei hij bij de aankondiging van zijn vertrek.

In de noordelijke zorg was hij de afgelopen jaren goed zichtbaar. ,,Als bestuurder moet je niet te bescheiden zijn’’, vindt hij. ,,Je hebt een belangrijke invloed op de hele organisatie, je kunt mensen mobiliseren. Er zijn ook bestuurders die zichzelf niet zo profileren. Ik ben wel iemand die er zelf gaat staan als er iets te vertellen is.’’

Friezen en Groningers lijken meer op elkaar dan ze zelf soms denken

Feenstra sprong in Friesland al in het oog als topman van zorgverzekeraar De Friesland. Ook in Groningen nam hij nooit een blad voor de mond. ,,Friezen en Groningers lijken meer op elkaar dan ze zelf soms denken; niet het achterste van je tong laten zien. Mijn Amsterdamse directheid was zo nu en dan nodig om problemen helder te krijgen.’’

Hij ging conflicten met collega’s en medewerkers niet uit de weg. ,,Zeker in de beginfase in het Martini Ziekenhuis was er hier in huis wel weerstand. Ik kan in zo’n geval kort en duidelijk zijn, maar niet rancuneus. Als ik merk dat je a zegt maar b doet, heb je aan mij niet zo’n makkelijke. Iemand die alleen vrienden heeft, stuurt niet goed. Ik bespreek dat altijd straight en vaak reageerden mensen later ook dat het voor henzelf ook goed uitpakte dat ze iets anders zijn gaan doen. Soms is het nodig om schoon schip te maken.’’

Het stokje in het Martini Ziekenhuis nam Feenstra over van Jack Thiadens. De erfenis: een gloednieuw ziekenhuisgebouw. Normaal gesproken trekt zo’n nieuw ziekenhuis altijd veel nieuwe patiënten. ,,Maar dat werkt alleen de eerste paar jaar. We hebben er echt hard aan moeten werken om het imago onder huisartsen en patiënten te verbeteren’’, voegt hij meteen toe.

loading

Golden boys van het Martini gaan de slag aan met het UMCG

De eerste jaren vormde hij een bestuurdersduo met Paul van der Wijk, nu topman van het Wilhelmina Ziekenhuis Assen. De golden boys van het Martini werden ze wel genoemd. Want het ging Martini schijnbaar voor de wind.

Dat had te maken met de nieuwbouw maar ook met het UMCG, dat in diezelfde jaren door zorgverzekeraars en politiek werd gedwongen zich meer toe te leggen op de complexe, derdelijns zorg. Voor basiszorg moeten patiënten sindsdien naar het Martini of andere omliggende ziekenhuizen. Toch ging dat niet zonder slag of stoot. Het UMCG hield jarenlang nog vast aan de huisartsenpost in de buurt van het eigen ziekenhuis en zag voor zichzelf ook een veel centralere rol in de acute zorg in het Noorden.

Met name UMCG-bestuurder Frans Jaspers zag met lede ogen aan hoe Feenstra en Van der Wijk steeds meer zorg naar het Martini trokken. ,,Ik heb Frans Jaspers toen weleens de niet-benoemde minister van volksgezondheid van het Noorden genoemd. Dat vond hij niet leuk.’’

Binnen de stad Groningen was er al jaren een behoorlijke concurrentie tussen UMCG en Martini. Een strijd die de zorgverzekeraars ook wel uitkwam, want dan was er wat te kiezen. ,,Dat was alleen niet altijd in het belang van de zorg zelf. De verhoudingen met het UMCG zijn de laatste jaren dramatisch verbeterd.’’

‘Ik ben anders gaan denken over marktwerking in de zorg’

De bestuurders Ate van der Zee van het UMCG en Jos Rietveld van de GGD Groningen pleitten er enkele weken geleden voor om in Noord-Nederland een experiment toe te staan met het loslaten van de marktwerking in de zorg, zodat ziekenhuizen meer kunnen samenwerken.

Feenstra was in zijn tijd bij De Friesland Zorgverzekeraar juist een pleitbezorger van de marktwerking. ,,Maar ik ben er toch anders over gaan denken. Wat ik alleen mis in het verhaal van Van der Zee en Rietveld is wie in een regio dan die beslissingen gaat nemen.’’

Het idee van de marktwerking was dat ziekenhuizen gingen concurreren op kwaliteit, zodat patiënten het ziekenhuis met de beste behandelingen zouden kiezen, zodat daarmee ook de minder presterende ziekenhuizen zouden worden geprikkeld. ,,Dat kiezen op basis van kwaliteit is alleen niet van de grond gekomen. Het vergelijken van het ene ziekenhuis met het andere blijkt gewoon veel te ingewikkeld.’’

Intussen valt er niet zo heel veel meer te kiezen door het tekort aan artsen en ander personeel en de sterk oplopende kosten aan dure medicijnen en nieuwe behandelingen. De krapte is helemaal nijpend geworden tijdens de coronapandemie. De jaarlijkse onderhandelingen tussen de zorgverzekeraars en het ziekenhuis waren Feenstra dan ook steeds meer een doorn in het oog. ,,Die gesprekken blijken uiteindelijk toch altijd weer over geld te gaan in plaats van over de kwaliteit van zorg.’’

Hij is er trots op dat het Martini als een van de eerste ziekenhuizen in het land tot meerjarenafspraken kwam met, in dit geval, zorgverzekeraar Menzis. Dat gaf het ziekenhuis meer zekerheid voor de langere termijn. ,,Bij Menzis was (zorgdirecteur) Joris van Eijck bereid om dat soort afspraken te maken. Je hebt soms ook geluk nodig om dingen tot stand te brengen.’’

Fusie met Drachten ketste af maar kan nog komen: ‘Schaalvergroting is onvermijdelijk’

Minder succesvol waren de pogingen om tot een fusie te komen van het Martini Ziekenhuis, Nij Smellinghe Drachten en het Wilhelmina Ziekenhuis Assen. ,,Besturen is ook een ontdekkingsreis’’, zegt hij daarover. Drachten raakte financieel in zwaar weer na de overname van de Sionsberg Dokkum. ,,Daarna gingen we alleen met Assen verder. Maar als ziekenhuizen te veel in grootte verschillen wordt een gelijkwaardige fusie lastig.’’

Wat niet is kan in de toekomst nog komen, denkt hij. Want het eind van de schaalvergroting in de zorg is volgens Feenstra nog niet in zicht. ,,We hebben in het Noorden al afspraken gemaakt over prostaatkanker en maag-slokdarmkanker. Die behandelingen worden geconcentreerd, waardoor de uitkomsten voor de patiënt beter worden. We gaan in heel Nederland toe naar minder ziekenhuizen en zo’n veertig centra die de acute zorg 24 uur per dag doen. Voor sommige complexe behandelingen komen er in heel Nederland maar drie of vier centra, omdat die het beter doen dan veel kleinere centra. We hebben er als Noorden veel belang bij dat van die centra er ook telkens een in Noord-Nederland komt. Dat is niet alleen goed voor de patiënten maar ook voor de economie.’’

menu