Een praatje, tips over routes en een puutje met folders

’s Zomers gaan veel mensen letterlijk het schip in. De redactie Oost-Groningen gaat deze zomer op zoek naar mensen op en rond het water.

Bertus Hanenburg (63) wordt in de volksmond wel de waterambassadeur van Veendam genoemd. Hij is de Parkstad een bekende verschijning. Mensen roepen in het voorbijgaan ‘Moi Bertus’, toeteren of steken een hand op.

‘Als we rood geven: stoppen!’

Van 1 mei tot 1 oktober zijn hij en z’n collega’s in touw om bootjesmensen een goede en veilige doorvaart te verlenen. Van maandag tot en met zondag van 08.00 tot 17.00 uur zijn ze bij toerbeurt actief. De telefoon gaat voortdurend. Het is druk. Daar heeft iemand moeite met een sluis, elders liggen drie bootjes te wachten. ,,Geen dag is hetzelfde’’, zegt Hanenburg. ,,We hebben 32 bruggies en drie sluizen te bedienen.’’

Hij houdt van het werk aan het water. ,,Het is intensief, maar leuk werk. Vooral het contact met de mensen is mooi. We krijgen van alles voorbij. Veel Nederlanders natuurlijk. Ook Duitsers, Engelsen en laatst nog een Australiër. Och, dan maak je een praatje. De mensen krijgen een puutje met folders mee over Veendam en Oost-Groningen, je hebt het over hun boot en geeft tips over mooie vaarroutes. Ik mag dat wel. Het is zelden dat we met narrige mensen te maken krijgen.’’ Waar hij zich wel aan ergert, zijn weggebruikers.

,,Mensen die roekeloos door rood licht rijden brengen niet alleen zichzelf maar ook anderen in gevaar. Al zijn de slagbomen naar beneden, dan nog willen ze de brug over. Ik kan het niet vaak genoeg zeggen. Als we rood geven: stoppen!’’

Hachelijke avonturen

Zeker 1200 tot 1300 bootjes ziet hij per vaarseizoen voorkomen. Door de week bestaat het team brugwachters uit vijf personen. ’s Ochtends wordt beslist wie waar naartoe gaat. Naar Bareveld of het Zuidlaardermeer, naar de bruggen over het Winschoterdiep, Oldambtmeer of Stadskanaal; zo groot is het werkgebied van de brugwachters. Hanenburg blijft het liefst in Veendam. Zomervakantie heeft hij al jaren niet. In het najaar is hij vrij.

,,Vier weken in oktober. In de winter draai ik mee met de onderhoudsploeg en het zout strooien.’’ Soms beleeft hij hachelijke avonturen. Zo redde hij een keer iemand uit het water. ,,De man kwam ’s avonds naar Veendam. Ik erheen. Toen ik de boot op wilde, verstapte de man zich en viel in het water. Ik hem na. Gelukkig kon ik hem op het droge krijgen. Maar ik moest zelf ook worden geholpen. Ik was onderkoeld geraakt en kon weinig meer. Ja, toen zat ik wel even in de piepzak.’’

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.