'Eenrichtingsverkeer in de winkelstraat is zo gek nog niet'

Beeld van voor de crisis: De Herestraat in Groningen. Foto: Corné Sparidaens

Winkeleigenaren hebben volop maatregelen genomen om de 1,5 meter afstand in hun zaak zo goed mogelijk na te leven, maar in de Nederlandse winkelstraten ontbreekt het juist aan duidelijke richtlijnen. Volgens Hester Duursema, directeur van Detailhandel Nederland, moeten er zo snel mogelijk afspraken worden gemaakt om de drukte in goede banen te leiden. ,,Denk bijvoorbeeld aan het instellen van eenrichtingsverkeer.’’

Winkelstraten worden drukker, sommige burgemeesters riepen hun inwoners afgelopen weekend op niet meer naar het centrum te komen. Is zo’n ‘blijf vooral thuis’-advies nog vol te houden?

Duursema: ,,Wij vinden dergelijke oproepen onwenselijk. Steeds meer winkels openen de deuren, je merkt dat mensen makkelijker naar buiten gaan, zeker nu het virus wat meer onder controle lijkt. We zijn in een volgende fase beland, je kunt mensen niet nog wekenlang thuis houden. Dus is het zaak dat we samen met de overheid afspraken maken over het inrichten van de 1,5 metersamenleving in de winkelstraat. Want ín de winkel is het inmiddels goed geregeld, maar voor buiten is er helemaal niks afgesproken. Dat kan niet.’’

U wilt deze week nog in gesprek met de besturen van de 25 veiligheidsregio’s in ons land, om gezamenlijk een protocol voor de winkelstraat op te stellen. Welke maatregelen stelt u voor?

,,Maatregelen die het efficiëntst werken om de passantenstroom onder controle te houden. Dan denk ik vooral aan het aanbrengen van looproutes. In sommige steden wordt inmiddels geëxperimenteerd met eenrichtingsverkeer in de winkelstraat. Dat zou, schat ik in, in de praktijk goed kunnen werken. Maar wij staan in principe voor alles open om ervoor te zorgen dat er verantwoord kan worden gewinkeld. In Spanje wordt sinds kort gewerkt met verschillende tijdslots. Leeftijdsgroepen mogen op verschillende momenten van de dag naar buiten. Burgemeester Femke Halsema van Amsterdam denkt bijvoorbeeld ook na over het scheiden van leeftijdscategorieën. Die tijdslots zou je ook voor winkelen kunnen instellen.’’

Zijn jullie niet te laat met het maken van dit soort afspraken. Het is al een paar weken behoorlijk druk in de stadscentra.

,,Het zou mooi zijn geweest als er een draaiboek voor dit soort situaties klaar had gelegen, maar deze situatie is voor iedereen nieuw. De coronacrisis betekent vooral learning by doing. Ik vind niet dat we te laat zijn. Nog niet alle winkels zijn open en dat geldt helaas ook voor de horeca. Als dat gebeurt, wordt de druk op de winkelstraten een stuk groter. Daarom moeten we wel zo snel mogelijk aan de slag om de richtlijnen op te stellen.’’

U pleit voor eenduidig beleid en wil voorkomen dat elke gemeente er een eigen noodverordening op nahoudt om de drukte in de centra onder controle te houden. Maar de Kalverstraat in Amsterdam kun je moeilijk vergelijken met een winkelstraat in pak ’m beet Doetinchem of Middelburg.

,,Dat klopt, maar ik denk dat de Kalverstraat echt een uitzondering is qua drukte en afmetingen, het is een relatief smalle straat. Voor de meeste winkelstraten in ons land kun je dezelfde richtlijnen opstellen die je goed moet kunnen handhaven. Voor consumenten, maar ook voor politie en boa’s is het noodzakelijk universele regels te hebben, anders krijg je verwarring. Alleen voor uitzonderlijke gevallen, zoals een Kalverstraat, kun je lokale regels opstellen.’’

Stel dat het winkelstraatprotocol in korte tijd kan worden geregeld. Is dan ook de weg vrij om weer te gaan funshoppen? 

,,Nee, zo ver zijn we nog niet. Ook wij roepen klanten op doelgericht naar de winkels te gaan. Dat is voor sommigen lastig, maar we zijn nog niet van het virus af en als we de regels massaal aan onze laars lappen, dan is het risico groot dat het virus keihard terugslaat. We kunnen weer naar bijna alle winkels, maar we moeten voorzichtig blijven en zeker niet met de hele familie erop uit. Dan wordt het te snel te druk en daar dupeer je anderen mee. Door het strenge deurbeleid staat er nu al regelmatig een rij op straat. Laat staan als er tien keer zoveel mensen rondlopen. Die anderhalve meter afstand blijft nog wel even, het is aan ons om de samenleving daar zo goed mogelijk op in te richten.’’

menu