Marga Posthumus, manager bedrijfsvoering en zorg, beent door de gangen van het UMCG.

Embedded in de frontlinie van het UMCG #2: 'Elkaar in de ogen kunnen kijken bij beslissingen over leven of dood'

Marga Posthumus, manager bedrijfsvoering en zorg, beent door de gangen van het UMCG. Siese Veenstra

Dagblad van het Noorden loopt tijdens de tweede coronagolf mee in het UMCG in Groningen. Wat voor gevolgen heeft de coronacrisis voor patiënten en medewerkers? Vandaag: pijnlijke keuzes bij de afschaling van de reguliere zorg

Marga Posthumus beent met korte snelle passen door de gangen van het UMCG. Notieblok onder de arm geklemd, pen en telefoon in de hand.

De manager bedrijfsvoering en zorg van het UMCG maakt meters in coronatijd. Terwijl de meeste managers zich online bewegen, loopt zij het liefste nog bij mensen langs.

,,Als je moeilijke beslissingen neemt, moet je elkaar in de ogen kunnen kijken.’’

Het UMCG staat weer voor pijnlijke keuzes. Net als in het voorjaar zal bij deze tweede golf reguliere zorg moeten wijken voor de behandeling van Covid-patiënten.

Ze zijn beter voorbereid dan in het voorjaar. Maar toch. Hoopten ze eerst nog dat bij de tweede golf een voorzichtige kaasschaaf zou volstaan, inmiddels heeft de realiteit de hoop allang ingehaald. De toestroom van Covid-patiënten én het verzuim en verloop onder personeel is hoger dan verwacht.

De pijn eerlijk verdelen over alle zorg zou te veel gezondheidsschade toebrengen aan de meest zieke mensen. Daarom werken Posthumus en haar collega Evert Jan Beens, met medici en hoofdverpleegkundigen, aan een nieuw plan. Geen kaasschaaf, maar harde keuzes.

Ze hebben nog één dag voordat de besluiten worden genomen. Vandaag moet het klaar. Maar eerst loopt Posthumus naar de ‘beddenhuddle’: sinds Covid vaak haar vaste begin van de dag.

Elke dag de bedbezetting inventariseren

Het UMCG heeft de huddle afgekeken van Amerikaanse ziekenhuizen. Elke ochtend om half negen komen medewerkers van alle verpleegafdelingen bij elkaar om de bedbezetting te inventariseren.

Posthumus en haar collega’s kijken naar een excelsheet op groot scherm: rode vakjes voor de Covid-patiënten, groene voor niet-Covid, grijze voor Covid-verdachten. Een voor een vullen de afdelingen hun laatste cijfers aan.

,,Dus er is een nieuwe Covid-patiënt bij op de IC?’’

,,Ja, die laatste zou gisteravond al komen uit Amsterdam maar daar is allerlei geharrewar over geweest.’’

Het Engelse woord huddle betekent zoiets als ‘de koppen bij elkaar steken’. Ook dit zou misschien best digitaal kunnen; alle bedden worden sowieso ingevoerd in een systeem. Maar administratie is niet altijd up-to-date. En uiteindelijk kan een bed een leven zijn.

Als je elkaar in de ogen kijkt, weet je het zeker.

loading

‘Het land moet op slot’

Het is een eind lopen naar de kamer van Evert-Jan Beens. In het voorjaar waren deze gangen verlaten en liep Posthumus in haar eentje door het haast verlaten ziekenhuis - waar bijna alleen nog Covid-zorg was.

Die leegte willen ze bij deze golf voorkomen. Achteraf gezien is de reguliere zorg in het UMCG bij de eerste golf, op last van landelijke maatregelen van de overheid, te snel en te rigoureus geschrapt.

Beens zit achter zijn computer. Hij is humeurig over de in zijn ogen ontoereikende maatregelen van de overheid - ‘het land moet op slot’ - en werkt aan de laatste versie van het plan.

,,Lees maar even Posthumus.’’

De uitdaging is om af te schalen en toch ernstige gezondheidsschade te voorkomen - wat in een academisch ziekenhuis extra moeilijk is omdat daar al complexe zorg wordt verleend.

Het UMCG gaat de klinische zorg verdelen in drie categorieën, die respectievelijk 10, 20 of 30 procent van de beschikbare verpleegbedden moeten schrappen. Bijvoorbeeld: oncologie (kankerzorg) 10 procent, niet-acute hartbehandelingen 20 procent en gynaecologie of orthopedie 30 procent.

,,Oncologie kan zonder ernstige gezondheidsschade wel 10 procent inkrimpen, maar niet 30’’, zegt Beens. ,,En bij een baarmoederverzakking is het vervelend als een operatie wordt uitgesteld, maar dat leidt niet tot blijvende schade.’’

De poliklinische behandelingen – waarvoor geen opnames nodig zijn – gaan gewoon door. Inkrimping van de klinische zorg biedt genoeg ruimte om te voldoen aan wat het Landelijk Coördinatiecentrum Patiëntenspreiding (LCPS) vraagt. Voorlopig althans. Als de exponentiële groei van het aantal besmettingen doorzet, worden de keuzes snel pijnlijker.

Maar dit keer wil het UMCG niet te vroeg zijn.

‘Te vroeg gaat ten koste van non-Covid zorg, te laat is stress in de tent’

,,Die timing luistert zo nauw’’, zegt Stephanie Klein Nagelvoort Schuit, nieuw lid van de raad van bestuur, in de werkgroep capaciteit. ,,Te vroeg gaat ten koste van non-Covid zorg, te laat is stress in de tent.

Het klinkt zo makkelijk, een bed erbij. Maar in een ziekenhuis draait de beddencapaciteit eigenlijk om personeel. Extra verpleegkundigen, zeker ic-verpleegkundigen, trek je niet zomaar eventjes uit de kast. Al helemaal niet nu het ziekteverzuim door Covid hoog is en niet iedereen is hersteld van de eerste golf.

,,We hebben nét eindelijk een rooster rond’’, verzucht Iris Rinsma, hoofdverpleegkundige van Covid-verpleegafdeling E4. Een nieuw afschalingsplan, hoe hard het ook nodig is, betekent wel weer een nieuwe planning.

Van de eerste golf is geleerd: je kunt niet álles vragen van medewerkers. Contracturen worden gerespecteerd, vakanties blijven voorlopig staan. ,,We hopen dat ondersteuning voor Covid op basis van vrijwilligheid kan’’, zegt Beens. ,,Maar of dat lukt?’’

Het meest heikele punt is de ic. Die zal volgens de landelijke spreiding straks 44 bedden in totaal beschikbaar moeten hebben – wat gezien de personeelskrapte een grote opgave is. ,,En hoe gaan we dat dan verdelen?’’, vraagt Beens. ,,Vinden we dat er genoeg bedden over zijn voor non-Covid?’’

Daar kunnen we niet zoveel van vinden, zegt Johan van der Meer, manager van de ok en de spoedeisende hulp. ,,Als het LCPS vindt dat wij niet genoeg afschalen, worden we overruled. Dan leggen ze zonder overleg Covid-patiënten op de ic-bedden waar je gewone patiënten zou willen.’’

‘Opname op ic soms geen behandeloptie’

Marga Posthumus is nog nooit zo moe geweest als na de eerste golf. En toch gaf het ook energie. Ze houdt van actie. Door het ziekenhuis rennen en snel besluiten nemen waar anders een lang stroperig proces aan vooraf gaat.

Zoals het maken van een afschalingsplan.

Aan het einde van de middag neemt ze met Van der Meer, Beens en de twee chirurgen Ger Sieders en Paul Werker de gevolgen voor de operatiekamers door. Het is een goed plan, concluderen ze.

Toch maakt Beens zich nog steeds zorgen. ,,Als Covid-patiënten in ademnood naar de ic moeten, en acute zorg gaat altijd voor, waar blijft dan die patiënt die de volgende dag gepland staat voor een hartoperatie?’’, vraagt hij. ,,Dan kiest de intensivist logischerwijs toch altijd voor de benauwde Covid-patiënt, terwijl de hartpatiënt zonder operatie over een aantal weken ook doodgaat?’’

Nee, zeggen de artsen aan tafel. Dat is niet zo. Bij krapte op de ic is er altijd een ‘triage-team’ dat de afweging maakt.

,,Dat is in het voorjaar ook gebeurd’’, zegt Van der Meer. ,,Als een kwetsbare 85-jarige Covid-patiënt binnenkomt, met bijvoorbeeld ook COPD en prostaatkanker, dan weegt het team deze factoren en zet deze af tegen kwaliteit van leven en de kans op een positieve uitkomst. Dan beslist dat team, in overleg met de patiënt en diens familie, dat opname op een ic geen behandeloptie is.’’

Die zorg van Beens leeft breed binnen het ziekenhuis, zegt chirurg Sieders. ,,We krijgen vragen over Covid-patiënten die maar ‘rucksichtslos’ op de ic worden gelegd. Ook vandaag zijn er ok’s afgezegd omdat er geen ic-bedden zijn. Het lijkt me belangrijk om duidelijk te maken dat het niet rucksichtslos gaat.’’

Iedereen aan tafel knikt. Beens is opgelucht. Ze kijken elkaar in de ogen. De pijnlijke keuzes zijn helder.

,,Zullen we terug naar het plan?

Er is nog zo veel te doen.

menu