Esmée Cornelissen op haar kamer met een afbeelding van haar overleden broertje Kester.

Esmée Cornelissen uit Groningen wordt 20 in 2020: 'Ik heb geen zorgeloos leven meer’

Esmée Cornelissen op haar kamer met een afbeelding van haar overleden broertje Kester. Foto: Corné Sparidaens

In de rubriek ‘20 in 2020’ vertellen jongeren die zijn geboren in het jaar 2000 over hun leven. Wat doen deze (bijna-)twintigers, wat houdt hen bezig en hoe zien zij de toekomst? Vandaag Esmée Cornelissen uit Groningen.

Anders

,,Kester is dood. Mijn broertje. Hij overleed in juli 2018, bijna twee jaar geleden, ik mis hem elke dag. Ik wil graag meedoen aan deze serie omdat mijn verhaal wel anders is, denk ik, dan dat van de meeste andere 20-jarigen. Als ik hun verhalen lees, denk ik: zo had mijn leven ook kunnen zijn.

Ik had een studentenleven kunnen hebben met feestjes en zo. Maar het is alsof ik op een eilandje zit. En alsof er tussen mij en de wereld een dunne wand van glas zit. Ik zit niet in die wereld, ik kan er niet bij. Ik heb geen zorgeloos leven meer.’’

Zachtaardig

,,Kester was heel lief, rustig en zachtaardig. En heel erg slim. Ik denk dat hij later wetenschapper zou zijn geworden, of dierenarts. We waren de allerbeste maatjes, we hadden altijd superveel lol, sprongen op de trampoline, keken filmpjes op Youtube, we hielden van dezelfde dingen. Hij was net als ik. Iemand zei een keer dat ik de vrouwelijke versie ben van Kester. Omdat ik ook qua uiterlijk op hem lijk. Toen hij nog leefde zag ik dat niet.’’

(Tekst gaat verder onder de afbeelding)

loading  

,,Hij was 12 toen hij stierf aan een agressieve vorm van kanker. Drie jaar lang heeft hij chemo’s en bestralingen gehad in verschillende ziekenhuizen. Soms sloeg de behandeling aan, maar dan was er ineens toch weer een tumor te zien op de scan. Maar m’n ouders, m’n zus, Kester en ik hielden toch hoop.

Op 13 juni 2018 hoorde ik dat ik was geslaagd voor mijn havo-examen. Ik was heel blij, mijn zus ook, zij was ook geslaagd. Maar mijn blijdschap voelde ook onwezenlijk omdat Kester zo zwak en moe op de bank lag, dus ik ging niet mee de stad in, met mijn vriendinnen. De dag daarna kregen we te horen dat hij niet lang meer te leven zou hebben. En toen ging hij snel achteruit. Op 15 juli overleed hij. Ik vind het moeilijk om terug te kijken op die periode. Ik weet nog dat ik alleen maar bij hem wilde zijn.’’

Hey Kes

,,Ik denk aan Kester ’s morgens als ik wakker word en voordat ik ga slapen en de hele dag tussendoor, er is eigenlijk geen moment dat ik niet aan hem denk. In een boekje schrijf ik stukjes aan hem. ‘Hey Kes’, schrijf ik dan, ‘ik heb een tentamen gehaald.’

Dat hij niet weet wat ik meemaak, dat hij dat nooit zal weten, dat doet zo zeer. Dat zijn vrienden nu de baard in de keel krijgen, daar kan ik niet goed tegen, ik denk dan: hoe zou hij hebben geklonken, hoe zou hij eruit hebben gezien nu. Nieuwe dingen vind ik het moeilijkst. Soms ben ik zo kwaad. Waarom moest hij dood? Ik vind het zo oneerlijk.’’

Vasthouden

,,We hebben thuis een site gemaakt, www.kestercornelissen.nl waar we dingen over hem schrijven. Zo houden we hem bij ons. Praten over Kester is wat ik het liefste doe. Ik wil hem op zoveel mogelijk manieren vasthouden.’’

,,Ik heb fijne vriendinnen, ze hebben veel begrip. Maar hun levens zijn zo anders. Dat is wel eenzaam, maar ik wil m’n vriendinnen ook niet teveel belasten. Ik ben veranderd. Ik was altijd optimistisch en vrolijk, maar ik ben somberder en angstiger geworden.

Na Kesters dood heb ik een jaar thuis gezeten. Ik studeer nu pedagogiek aan de Stenden Hogeschool, maar ik kan niet alle lessen volgen. Ik heb weinig energie en ben erg gevoelig voor prikkels, daardoor kan ik niet tegen drukke plekken. Ik kan gelukkig goed leren, ik haal alles. Vroeger hockeyde ik fanatiek, dat gaat nu niet meer. Nu sla ik mijn woede stuk op de boksbal in onze tuin.’’

Ongrijpbaar

,,Waar Kester is, ik weet het niet. Dat is een mysterie. Ik denk niet dat er iets is na de dood. Ik zou wel willen dat hij ergens is. Dat hij helemaal weg is, ongrijpbaar, dat ik mijn leven zonder hem zal moeten leven, is zo pijnlijk. Ik heb rouwtherapie, dat is prettig maar het maakt me niet minder somber. De tijd heelt, zeggen ze, maar ik heb juist het gevoel dat het gemis steeds groter wordt. Ik moet accepteren dat mijn leven nu is wat het is, ik moet hiermee verder. Maar er is geen route voor.’’

,,Twintig. Ze zeggen dat dat de mooiste tijd van je leven is, maar voor mij is dit niet de mooiste tijd. Ze zeggen soms dat het leven maakbaar is. Ik heb geleerd dat dat niet zo is.’’

Word je dit jaar 20 jaar en wil je meedoen aan deze rubriek? Opgeven kan via 20in2020@ndcmediagroep.nl .

menu