Jeugdofficier Petra van der Vliet ziet het als haar missie om minderjarigen terug in het juiste spoor te helpen.

Geweld en cybercriminaliteit: Meer minderjarigen komen in Noord-Nederland in aanraking met justitie

Jeugdofficier Petra van der Vliet ziet het als haar missie om minderjarigen terug in het juiste spoor te helpen. FOTO PIXABAY

Voor het eerst sinds jaren is er in Noord-Nederland een stijging van het aantal 12- tot 18-jarigen dat in aanraking komt met het Openbaar Ministerie. Jeugdofficier van justitie Petra van der Vliet zet zich graag in voor deze groep: „Regelmatig denk ik: hoe haal je het in je hoofd?”

Het aantal minderjarigen dat in Noord-Nederland in aanraking met justitie kwam steeg van 1057 in 2018 naar 1282 in 2019. „Vooralsnog is er geen eenduidige verklaring voor de stijging te geven”, stelt jeugdofficier van justitie Petra van der Vliet. „Wat in ieder geval opvalt is dat er veel geweldsfeiten bij zitten de laatste jaren.”

Grote impact hadden enkele steekincidenten met minderjarige verdachten. „Het is tegenwoordig onder jongeren doodnormaal om een mes bij je te dragen”, constateert de officier.

„Je moet jezelf toch kunnen verdedigen, heet het dan. Dat kan behoorlijk uit de hand lopen. Dat hebben we bijvoorbeeld een paar keer gezien in Drachten. Dráchten, of all places . Toen ik jong was werden ruzies ook wel met geweld opgelost, maar meestal was het dan wel klaar met een flinke knokpartij met blote vuisten. Zakmessen hadden jongeren vooral bij zich om boomhutten te bouwen.”

Overlast op straat

Er gaat enige tijd overheen voordat verdachten voor de rechter moeten verschijnen. Dat verklaart mogelijk waarom de kentering (nog) niet terug te zien is in de cijfers van de rechtbanken. Het aantal minderjarigen dat zich in de drie noordelijke provincies bij de rechter moest verantwoorden, daalt al tien jaar. Ook vorig jaar nam het aantal af: van 797 naar 710. Het aantal ligt veel lager dan bij het OM omdat lang niet elke minderjarige delinquent voor de rechter verschijnt.

Het aantal geregistreerde minderjarigen bij het OM lag vorig jaar overigens, ondanks de stijging, nog steeds fors lager dan in 2009. Toen werden maar liefst 3108 12- tot 18-jarigen geteld door het OM. Sindsdien vertoonden de cijfers ook bij het OM een nagenoeg continu dalende lijn. Ven der Vliet verbindt er geen scherpe conclusies aan.

„Er zijn meerdere onderzoeken geweest, bijvoorbeeld door het Wetenschappelijk Bureau Openbaar Ministerie, maar niemand kan echt een duidelijke verklaring geven. Je zou kunnen zeggen dat het blijkbaar werkt wat we doen als politie, justitie en gemeenten, maar dat is niet de enige verklaring.”

Volgens Van der Vliet, al zo’n tien jaar jeugdofficier, zijn er wel factoren die duidelijk hebben meegespeeld: „Er is door gemeenten bijvoorbeeld fors geïnvesteerd in het tegengaan van overlast op straat, door met name jeugdgroepen.”

„Veel gemeenten hebben straatcoaches aangesteld die met de jongeren en hun ouders in gesprek gaan. Vroeger had je ook de jeugdagent, die in de wijk en op scholen een bekend gezicht was, maar die is er officieel niet meer sinds de invoering van de nationale politie. Daarnaast spelen ontwikkelingen als de vergrijzing van de samenleving een rol. Er zijn steeds meer ouderen en tegelijkertijd steeds minder jongeren. Dat zie je terug in de criminaliteitscijfers.”

Ook speelt volgens Van der Vliet mee dat kinderen veel minder buiten spelen dan tien, twintig jaar geleden: „Toen wij jong waren bouwden we boomhutten, speelden we blikspuit. Nu zitten ze vooral met hun neus achter de computer. Dat vertaalt zich ook in de cijfers. De afgelopen jaren zien we steeds meer cybercriminaliteit: hacken, ddos-aanvallen.

In veel gevallen zitten daarachter jongeren of jongvolwassenen. Dat is voor het Openbaar Ministerie een punt van aandacht. Er wordt fors op geïnvesteerd met onder meer een team van cybercrimespecialisten. Dat moet ook wel want het is een heel aparte tak van sport, een vorm van criminaliteit die je niet altijd eenvoudig boven water krijgt.”

Wachtlijsten

„Tegelijkertijd zien we dat de problematiek waarmee veel jongeren kampen steeds complexer wordt. Vaak vallen ze tussen de wal en het schip – onder meer door de lange wachtlijsten – en kunnen ze niet de begeleiding krijgen die ze nodig hebben. Dat is enorm frustrerend en dan kunnen zaken ook behoorlijk escaleren.”

„Sommige wanhopige ouders doen aangifte tegen hun kind in de hoop dat er dan wel snel hulp komt. Ook zie je dat jongeren binnen de hulpverlening vaak van hot naar her worden gestuurd. Het probleem is vooral dat specifieke regionale zorg voor complexe psychische problematiek ontbreekt. Heel jammer. Er is gewoon vaak heel veel mis, zo veel dat ook professionals met de handen in het haar zitten.”

(Tekst leest door onder de grafiek)

loading

De meesten kampen volgens de officier met moeilijke thuissituaties. Huiselijk geweld. Gebroken gezinnen. Vechtscheidingen. „Daarvan worden kinderen diep ongelukkig. Heel triest. Als je een thuis hebt waarvan de fundamenten verrot zijn is het gewoon heel moeilijk om van daaruit gezond verder te bouwen in de maatschappij. Dat gaat me aan het hart.”

„De rechtspraak heeft daarin ook een rol en die wordt gelukkig ook heel serieus opgepakt. Aan de andere kant zie je ook jongeren die prima ouders hebben, gewoon keurig naar school gaan, maar een eenmalige puberale uitglijder hebben. Dan denk ik: domme actie, maar gelukkig is dit kind relatief eenvoudig weer op de rit te zetten.”

HALT

Bij lichtere strafbare feiten zoals een vernieling of een winkeldiefstal kan het OM de zaak buiten de rechter om afdoen met een reprimande, een boete, een werkstraf of een leerstraf. In veel gevallen worden jongeren doorverwezen naar een zogenaamd HALT-traject (afkorting van Het Alternatief). Dat waren er vorig jaar in Friesland 469, in Groningen 467 en in Drenthe 345. Daarbij worden de deelnemers onder meer via leeropdrachten geconfronteerd met de gevolgen van hun gedrag.

„We hebben het wel over pubers met een onvolgroeid brein”, stelt Van der Vliet. „Regelmatig denk ik: hoe haal je het in je hoofd? Maar ze kunnen de gevolgen van hun daden nog niet zo goed overzien zoals volwassenen dat kunnen.”

Door de HALT-interventie leren ze wat hun actie met de slachtoffers heeft gedaan. „Als een jongere bijvoorbeeld een tuinhekje vernielt, dan moet hij of zij direct met de billen bloot: excuses aanbieden en eventuele schade vergoeden.”

Ook een korte werkstraf kan onderdeel uitmaken van een HALT-afdoening. „Door zo snel mogelijk na het delict in te grijpen hopen we te voorkomen dat het gedrag van kwaad tot erger wordt. We proberen ook partijen bij elkaar brengen door mediation. Waar nodig betrekken we scholen erbij.”

Als een jongere meewerkt aan zo’n traject, krijgt hij in ieder geval geen justitiële aantekening. Plegers van zwaardere delicten en recidivisten komen voor de rechter. Dan kunnen ook zwaardere straffen worden opgelegd, zoals jeugddetentie (maximaal een jaar voor 12- tot 16-jarigen en twee jaar voor 16- tot 18-jarigen) of bij ontwikkelingsstoornissen jeugd-tbs (de zogeheten PIJ-maatregel).

(Tekst leest door onder de grafiek)

loading

Speciale roeping

Van der Vliet ziet het als haar missie om minderjarigen terug in het juiste spoor te helpen. „Het is een speciale roeping. Dit onderwerp gaat me aan het hart. Ik heb het ook altijd over ‘mijn kinderen in Noord-Nederland’ en wil zo graag dat ze op een normale manier door het leven kunnen gaan, want ze zijn vaak ongelukkig. Ik keur het gedrag af, niet de persoon. Ook probeer ik zo vaak mogelijk complimentjes te geven, het gevoel dat ze de moeite waard zijn en een kans verdienen. Dat missen ze vaak.”

„Niet zelden zijn deze jongeren door ouders de deur uitgezet. Afwijzing op afwijzing. Daarvan krijgen ze een tik mee.”

„Ik herinner me een moeder die tijdens een zitting zei: ‘U moet maar zien wat u met hem doet, ik heb hem opgegeven’. Dat begrijp ik wel een beetje. Haar zoon was moeilijk te sturen. Tegelijkertijd denk ik: maar wij geven hem niet op. Juist op dat soort momenten denk ik, dat wij voor zo’n jongere het verschil kunnen maken. Hopelijk is dat bij deze jongen een beetje gelukt. In ieder geval kom ik hem niet meer tegen in onze systemen. Dat is positief. Blijkbaar heeft hij ergens toch zijn draai weten te vinden.”

menu