Jaap Toorenaar

Gezocht door Jaap Toorenaar: jouw herinneringen aan juf of meester (of aan grappige voorvallen in de klas), voor een kleine geschiedenis van het onderwijs

Jaap Toorenaar foto roeland fossen

Voor een kleine geschiedenis van het onderwijs is Jaap Toorenaar op zoek naar jouw herinneringen aan juffen en meesters, leraren en hoogleraren. De mooiste en ontroerendste anekdotes worden verzameld in Mijn leraar vertelde eens, wijze woorden, onvergetelijke uitspraken en vermakelijke voorvallen in de klas.

Jaap Toorenaar verzamelde familiewijsheden en -zegswijzen in Mijn moeder zei altijd (2015) en Mijn vader zei altijd (2017). En hij schreef, als bedenker van slogans als Slijpsteen voor de geest ( voor NRC Handelsblad) en Pindakaas, wie is er niet mee groot geworden? (voor Calvé) over reclame.

Nu richt Toorenaar zijn pijlen op het onderwijs. ,,Ik verzamel de mooiste verhalen van en over juffen en meesters, leraren en hoogleraren. Wijze woorden, onvergetelijke uitspraken of vermakelijke voorvallen in de klas of collegezaal. Verhalen die het verdienen om bewaard te blijven en waaruit een kleine geschiedenis van ons onderwijs naar voren komt.’’

Volkswijsheden

,,Ik dacht dat met het moeder/vader-project het verzamelen van volkswijsheden wel klaar was’’, zegt Toorenaar. ,,Totdat ik me in maart 2019, op een reünie van mijn lagere school in Zeeland, twee mooie verhalen van de hoofdmeester herinnerde. Ik dacht: als ik er al twee ken, dan moeten er duizenden van dergelijke verhalen zijn.’’

In 1980 gaf ik als jonge vent Nederlands aan 22 brugklasleerlingen, allemaal meiden, op een mavo in Rotterdam-Zuid. Op 5 december waren ze druk en zenuwachtig. Om de spanning te verminderen vroeg ik de meiden om even keihard te gillen. Het was een aanslag op mijn oren en met een glimlach van oor tot oor liep ik de gang op. Daar kwam Anna, een leerlinge uit de vierde klas, aanlopen en zei: ‘Zo joh, hebbie je broek weer laten zakken?’

Jaap Toorenaar vraagt Nederlanders, ook noorderlingen, ‘wijze woorden, onvergetelijke uitspraken of vermakelijke voorvallen in de klas of collegezaal’, met hem te delen door ze te sturen naar info@mijnleraarvertelde.nl . Informatie over het project staat op www.mijnleraarvertelde.nl

Chocoladefabriek

In 1971, in de zesde klas van de christelijke lagere school in Oostkapelle, werd eerbiedwaardig gesproken over de Heere. Zo werd de godheid genoemd in de Bijbelvertaling van 1951. Sprak een leerling in zijn onschuld over ‘de Heer’, dan corrigeerde meester Van Stenis hem ogenblikkelijk. ,,De Heer is een chocoladefabriek.’’

Toorenaar is woonachtig in Oude Wetering bij Leiden. ,, Mijn leraar vertelde eens kan een bijdrage leveren aan de waardering voor het leraarsvak’’, aldus Toorenaar. ,,Al hoeft niet elke inzending een loflied op een leerkracht te zijn.’’

Cassa

In de tweede klas van de Rijks Hoogere Burger School (RHBS) in Ter Apel, was H. Schoonveld onze leraar Nederlandse taal- en letterkunde. Hij hield vast aan de spelling van Louis Couperus en schreef een keer ‘cassa’ op het bord. Ik, Atty Meijer, stak keurig mijn vinger op en zei; mijnheer, ‘ik heb het ook wel eens met een k gezien’. Schoonveld keek mij indringend aan en sprak met stemverheffing: ‘hoort, hoort, Meijer spreekt’. Ik ben het nooit vergeten en ben al 82 jaar.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
menu