Groninger die opkomt voor LHBT-asielzoekers is nu Ridder: 'Voelt fijn na alle bagger'

Sandro Kortekaas met zijn orde.

Iedereen die zijn nek uitsteekt krijgt er van langs in Nederland. Bij Sandro Kortekaas (56) is dat allicht nog een gradatie erger.

De Stadjer komt al vijf jaar op voor de problemen van LHBT-vluchtelingen, van anti-homogeweld in asielzoekercentra tot procederen bij de rechter en de politiek overtuigen dat de IND inhumaan handelt. Dat ligt erg gevoelig. Vrijdag ontving Kortekaas echter wat anders dan bakken stront, namelijk een koninklijke onderscheiding.

Met zijn strijd voor LHBT’ers, die in de clinch liggen met de IND of in onveilige situaties leven, haalt Kortekaas regelmatig de media. De ene keer gaat het om een groot achtergrondverhaal in een landelijke krant. De andere keer is dat een item op PowNed over de protestactie die Kortekaas met de stichting LGBT Asylum Support hield in Den Haag om meer aandacht te vragen voor de, in hun ogen, ridicule handelswijze van de IND. De dienst onderzoekt de achtergronden asielzoekers om te kijken of ze in aanmerking komen voor opvang in Nederland.

Al die haat

,,Ze praten niet eens Nederlands, alsof ze gesponsord worden door Rutte”, merkt iemand op onder het item van Powned. Een ander vindt het weer 'heerlijk entertainment'.

'Ras' zegt zelfs: ,,Kunnen ze niet beter diep in een grot gaan zitten om daar hun genoegens en behoeftes te realiseren.” En 'Tom' schrijft: ,,Ga in landen zeuren waar het verboden is.” Kortom, allemaal niet erg bemoedigend.

En toch gaat Sandro Kortekaas stug door met zijn strijd. Hij kan niet anders.

Afgelopen vrijdag werd de Stadjer onverwacht gebeld door de burgemeester. ,,Hij vertelde me dat ik ben benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau vanwege mijn verdiensten voor Nederland,” vertelt Kortekaas opgetogen.

De erkenning doet veel met de Stadjer, vooral omdat hij regelmatig moedeloos wordt. ,,Onze onderzoeken zijn gedegen en kunnen aantonen of een vluchteling een LHBT’er is. Maar de IND en rechter leggen dat vaak naast zich neer. En dan zijn er natuurlijk nog de reacties op social media die ik zoveel mogelijk probeer te negeren, maar waar ik wel wat van meekrijg.”

'Het voelt als een soort 1-0'

,,Daarom is deze benoeming tot ridder ook zo fijn”, legt Kortekaas uit. ,,Het is erkenning voor vijf jaar strijd. En weet je wat het bijzondere is? Ik heb vanochtend net een brandbrief verstuurd aan de koning over de onmogelijkheid in asielzoekerscentra om 1,5 meter afstand te houden. Een paar uur later word ik gebeld dat ik ridder ben. Alsof het cirkeltje rond is.”

Daarnaast hoopt en denkt Kortekaas dat de erkenning hem en vluchtelingen gaat helpen. ,,Vorig jaar kreeg ik de Wink-diversity Award, dat was een mooie erkenning vanuit de doelgroep, maar dit is zoveel groter.”

,,Deze benoeming is niet alleen voor mezelf, ik ben maar een schakel. Misschien voor sommigen de belangrijkste en enige schakel, maar het gaat om een grote groep die ik onder de aandacht wil krijgen. Daar helpt dit enorm bij”, duidt Kortekaas het belang van de orde.

Daarnaast voelt het ook als een persoonlijke overwinning op het systeem. ,,Ik ben kritisch naar rechters, het COA, de IND en ministeries. Dat moet ik ook zijn. Maar deze orde gaat via diezelfde ministeries, daarom voelt dit als een soort 1-0.” En het geeft natuurlijk moed en kracht om door te gaan met de strijd.

Eindeloze strijd

Ook dat is belangrijk, want de volgende zaken wachten alweer. ,,We gidsen elk jaar zo’n 200 tot 250 LHBT-vluchtelingen door het systeem. De dossiers blijven zich opstapelen. We proberen zo vroeg mogelijk in contact te komen met vluchtelingen die net in Nederland zijn. Zo kom ik een keer per week in Ter Apel.”

Daarnaast gaat Kortekaas regelmatig naar Den Haag om daar de problematiek onder de aandacht te brengen. ,,Deze groep komt alleen en geïsoleerd in Nederland aan. De procedure is veel ingewikkelder dan voor reguliere asielzoekers. Ze moeten duidelijk maken dat ze LHBT zijn.”

En daar gaat het volgens Kortekaas vaak mis. ,,We zijn al heel lang in discussie met de IND en overheid, maar er lijkt weinig beweging in te komen, ondanks dat verschillende partijen in de Tweede Kamer ons steunen.”

Het grootste probleem, meent Kortekaas, is dat de rechter en IND zijn stichting niet als onafhankelijk zien en dat hun bevindingen en rapportages daardoor niet op de juiste waarde worden geschat. ,,Dat is heel krom, want we staan tegenover de IND die ook niet onpartijdig is. De dienst moet er namelijk voor zorgen dat de quota van de overheid niet overschreden worden. We leveren erg veel in."

Sterke idealen

Ondanks de vaak moeizame weg, waar maar bar weinig resultaten op zijn te vinden, gaat Kortekaas stug door. De kracht daarvoor haalt hij uit zijn sterke idealen. ,,De groep die hier naartoe komt, ziet hoe wij hier in vrijheid leven en met respect met elkaar omgaan qua seksuele voorkeur. Dat is voor hen ondenkbaar, terwijl wij allemaal gebruik maken van die vrijheid. Daar kom ik voor op.”

Dat is een nobele strijd, maar het is ook slopend. Kortekaas maakt op vrijwillige basis dagen van tien tot twaalf uur en dat heeft zijn weerslag op het privéleven van hem en zijn man. ,,We leveren erg veel in.”

En juist daarom is de erkenning, naast dat het enorm bijdraagt aan de goede zaak, zo belangrijk voor Kortekaas. ,,Ik werd dus erg emotioneel toen de burgemeester belde. Dit werk is heel lastig met weinig succesmomenten. Ik doe het al vijf jaar en heb daardoor geen ander inkomen meer. Soms vraag ik me af waar ik het allemaal voor doe. Maar met deze erkenning kan ik er weer volop tegenaan.”

En wat de LBHT-voorvechter ook goed doet: ,,Ik ben met mijn 56 jaar de een na jongste in Groningen die een lintje krijgt. Zo hoor ik ineens weer bij de jongeren. Dat voelt best fijn.”

menu