Zijn studie naar het nut van vaccins uit 2018 is ineens weer hoogst actueel. ,,Geen enkel vaccin biedt 100 procent zekerheid’’, zegt epidemioloog Maarten van Wijhe.

Epidemioloog Maarten van Wijhe (31) promoveerde twee jaar geleden aan de Rijksuniversiteit Groningen op het nut van vaccinaties. Dankzij de ontwikkeling van coronavaccins heeft het ineens weer actualiteitswaarde. Al is het maar om twijfelaars en antivaxers over de streep te trekken. ,,Dat zou kunnen’’, zegt hij bescheiden aan de andere kant van de lijn in Denemarken, waar hij werkt bij het Statens Serum Institut in Kopenhagen en de Universiteit van Roskilde.

Niet misselijk

Zijn proefschrift ging over vaccinaties bij kinderen. Dat is een compleet andere doelgroep dan bij corona, benadrukt hij. De lijst met vaccinaties die kinderen tegenwoordig krijgen is niet misselijk: difterie, kinkhoest, tetanus, polio, hib-ziekten, hepatitus B (DKTP-Hib-HepB, tot 11 maanden), bof, mazelen, rodehond (BMR, 14 maanden), pneumokokken (tot 11 maanden), meningitis ACWT (14 maanden), DKTP (4 jaar), BMR (9 jaar), DTP (9 jaar), HPV (13 jaar), MenACWY (14 jaar). Deze behoren in Europa en in veel andere landen in de wereld tot het standaard vaccinatieprogramma. Verschil bestaat er alleen tussen het moment van inenting.

De infectieziekten die ze onschadelijk moeten maken woekeren vaak al millennia lang voort op aarde. Nog altijd maken ze veel slachtoffers. Zo stierven vorig jaar wereldwijd 200.000 mensen aan de mazelen, vooral in de Derde Wereld. Van Wijhe: ,,2019 was een van de ergste jaren van de laatste decennia. De vrees bestaat dat het aantal in 2021 nog veel groter is, omdat in Afrika veel vaccinatieprogramma’s door corona zijn uitgesteld.’’

Topje van de ijsberg

In Nederland dateert de laatste uitbraak van mazelen van 2013-2014. Er viel één sterfgeval te betreuren, een persoon die niet was ingeënt. De kans dat je het hier oploopt is nihil, maar dat kan wel op vakantie in het buitenland. ,,In het algemeen zijn de sterfgevallen het topje van de ijsberg. Het overgrote deel van de geïnfecteerden wordt er alleen ziek van.’’

De gevaarlijkste ziekte waarvoor we zijn ingeënt is tetanus (veroorzaakt door de tetanusbacterie), met een mortaliteit die aan het begin van de twintigste eeuw tussen de 80 en 90 procent bedroeg. De laatste tien jaar is er in Nederland nog maar één persoon aan overleden. Je loopt het op door in een roestige spijker te trappen. Dat is het klassieke voorbeeld. ,,Het kan leiden tot spierverkramping met de dood tot gevolg. Als je ermee in het ziekenhuis belandt, krijg je voor de zekerheid vaak een nieuwe tetanusvaccinatie.’’

Permafrost

Sommige infectieziekten waar je vroeger tegen kon worden ingeënt zijn inmiddels uitgeroeid. Dat geldt ook voor pokken. Rond 1980 is dat virus van de aardbodem verdwenen. ,,Misschien dat het nog ergens in een lab of in de permafrost huist’’, zegt Van Wijhe.

Lange tijd waren oorzaak en verspreiding van infectieziekten onbekend. De beschrijving van symptomen van ziekten als mazelen en kinkhoest lijken in oude bronnen vaak op die van griep en verkoudheid, dus zijn daarvan moeilijk te onderscheiden, zegt Van Wijhe. ,,Veel infectieziekten waren lastig te determineren. Bacteriën werden pas in de 19de eeuw ontdekt en virussen in de 20ste eeuw. Daarvoor hield men er de meest fantasierijke ideeën op na, variërend van de miasmatheorie die ervan uitging dat ziekten werden verspreid door slechte lucht, tot religieuze verklaringen die besmetting zagen als een straf van God voor begane zonden.’’

Koepokken

De Britse arts Edward Jenner wist als eerste de verspreiding van pokken te achterhalen. In 1798 publiceerde hij de resultaten van zijn onderzoek naar de beschermende werking van koepokken. Hij ontdekte dat boerinnen die koeien melkten geen pokken kregen. Wat bleek? Koeien hadden een milde variant van het pokkenvirus onder de leden, die boerinnen bescherming boden. Van Wijhe: ,,Dat is de start van de vaccinaties. Aan het eind van de 19de eeuw kwam de ontwikkeling ervan in een stroomversnelling.’’

Tegenwoordig zijn er meerdere soorten vaccins. Het eerste is gebaseerd op een onderdeel van het virus, zoals bij pneumokokken. Als dat bij de mensen wordt ingespoten, dan maken ze antistoffen aan die het virus uitschakelen. Een soortgelijke werking heeft een verzwakt virus, dat ons net niet ziek maakt, zoals bij mazelen het geval is. Geïnactiveerde vaccins maken gebruik van gedode versies van de bacterie of het virus, zoals bij polio. Toxoïde vaccins bevatten schadelijke stoffen die het virus of de bacterie uitscheidt (tetanus en difterie). De nieuwste lichting vaccins is gebaseerd op de genetische code (mRNA) van het virus.

Gods schepping

Ook de coronavaccins van Pfizer en Moderna maken gebruik van mRNA. Die van AstraZenica uit Oxford wijkt daarvan af. Deze is geënt op een gemodificeerd verkoudheidsvirus waaraan een gen van het coronavirus is toegevoegd. Op deze werkwijze berust ook het Russische coronavirus Sputnik V.

Van oudsher was er verzet tegen vaccinaties. De aanhangers van sommige religies vinden dat de mens niet mag ingrijpen in Gods schepping. Andere tegenstanders waren bang voor neveneffecten. Dat was niet uit de lucht gegrepen. De eerste pokken-vaccins hadden nogal wat bijwerkingen. Van Wijhe: ,,Je kon er goed ziek van worden. Naar onze maatstaven waren het slechte vaccins. Daarna zijn ze steeds beter geworden, maar nog altijd is geen enkel vaccin 100 procent effectief. Dat geldt ook voor coronavaccins.’’

‘Fenomenale prestatie’

Van Wijhe is onder de indruk van de snelheid waarmee verschillende coronavaccins worden ontwikkeld. ,,Meestal duurt dat al gauw 10 jaar of langer. Bij hiv is het er na 35 jaar nog steeds niet. Ook het denguevirus grijpt nog altijd onbelemmerd om zich heen. Voor het malariavirus is er nu wel een vaccin, maar de effectiviteit ervan is niet hoger dan 60 procent. Vergelijk dat eens met de ruim 90 procent zekerheid van de coronavaccins van Pfizer en Moderna. Wetenschappers over de hele wereld hebben dat binnen een jaar voor elkaar gekregen. Dat is een fenomenale prestatie.’’

Hij is ervan overtuigd dat de veiligheid van deze virussen gewaarborgd is. ,,Wat niet wil zeggen dat er geen vraagtekens meer zijn. Het is nog onbekend hoe lang de vaccins werken en hoe effectief ze op langere termijn zijn. De vraag is ook of de geclaimde 90 procent effectiviteit in de echte populatie overeind blijft. Het is evenmin duidelijk wat het effect is van het vaccin op mensen die besmet zijn geweest met het virus.’’

Vertrouwen

De epidemioloog heeft er desondanks vertrouwen in dat er goed werkende vaccins op de markt komen. ,,Er zullen meerdere vaccins verschijnen voor diverse doelgroepen en situaties. Ik kan me voorstellen dat er voor kwetsbare ouderen een apart vaccin komt. Maar ook eentje voor jongeren. Wat ook meetelt zijn de omstandigheden waarop het moet worden opgeslagen en vervoerd. Een vaccin dat moet worden bewaard bij min 80 graden lijkt me niet zo geschikt voor Afrika.’’

Kuddebescherming

Dat houdt ook in dat er niet voor iedereen op korte termijn een vaccin is. ,,De maatregelen zullen dus nog wel even van kracht blijven. In de wetenschap wordt er vanuit gegaan dat kuddebescherming in werking treedt als 70 procent van de bevolking gevaccineerd is. Dat moet het virus verdrijven. Ik denk dat het al met 50 procent te bereiken is.’’

Vooruitkijkend wil hij wel een voorzichtige voorspelling doen. Hij vreest dat we ondanks de van start gaande vaccinatieprogramma’s een groot deel van 2021 nog met de nodige restricties moeten leven. ,,Ik heb goede hoop dat we pas in 2022 echt coronavrij zijn.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen