Horeca in Groningen houdt hart vast ondanks topzomer

Sinds de heropening van de horeca op 1 juni zaten de terrassen vol. Maar café- en restauranteigenaren vrezen dat de omzet in het najaar keldert. Foto: Corné Sparidaens

Groningse cafés en restaurants met een terras hebben dankzij het mooie weer en het toerisme in eigen land een goeie zomer achter de rug. Maar de horeca vreest de maanden die komen.

Avond aan avond zaten de terrassen afgelopen weken vol, van Groningen tot Garnwerd tot Ter Apel. De Zuid-Europese temperaturen en de vele toeristen zorgden ervoor dat horecazaken met een groot terras een geweldige omzet draaiden.

,,Er zijn records gehaald hoor ik van sommige collega’s en ook van de groothandels. Vergelijk je de weken van deze zomer met die van vorig jaar, dan zie je dat sommige zaken onvoorstelbaar veel meer omzet hebben behaald’’, zegt Jan Bas van Aalderen van café Het Pomphuis, aan het water in hartje Groningen. Hij haast zich te zeggen dat Het Pomphuis een vliegende start maakte omdat dat officieel in juni van dit jaar opende en niet de schade van de eerste coronamaanden te verwerken had.

Drama nachthoreca

Hij heeft met zijn vrouw nog een zaak in het centrum van de stad, Bommen Berend. ,,Ook daar hebben we een goeie zomer gedraaid, waarvan we de uitgestelde betalingen hebben kunnen doen. De opgebouwde buffers die we hadden, zijn in die eerste coronamaanden opgegaan.’’

Van Aalderen hoopt op een warme nazomer maar vreest dat de herfst- en wintermaanden ellenlang duren. ,,De maanden zonder terras worden zwaar. Moet je je voorstellen wat dat betekent voor nacht- en feestcafés die geen profijt hadden van deze zomer. Drama natuurlijk.’’

Dat zegt ook voorzitter Irene van der Velde van Koninklijke Horeca Nederland (KHN), afdeling Groningen. ,,Het beeld is erg wisselend. Horeca met een terras en buitenmogelijkheden is tevreden, al geldt ook daar de kanttekening dat de zomer geen inhaalslag is geweest. Maar horeca zonder terras, of zaken die het moeten hebben van hun zalen en partijen, zagen hun inkomsten kelderen. En de nachthoreca draait ronduit slecht.’’

Faillissementen

Ze zegt dat de horeca er nog lang niet is en verwacht komend kwartaal faillissementen. ,,Ik maak me grote zorgen over de sector. Ik hou m’n hart vast nu het weer omslaat. Ik zie de toekomst niet zonnig tegemoet, ondanks de opleving van de afgelopen zomer. Mensen voelen zich buiten veilig, maar krijg ze straks maar eens binnen.’’

Horecaondernemer Matthijs Kanis heeft verschillende zaken in de stad. Zijn Mexicaanse restaurant El Santo en Flinders Café hebben het relatief goed gedaan, maar zijn nachtclub Wolter Wolthers in de Poelestraat is uitgestorven. ,,De nachthoreca is dood, dat is een doffe ellende . Er is geen lol aan, er is geen cent te verdienen. Mensen mogen er niet staan, de capaciteit is 80 procent minder. Die avondklok van half twee ‘s nachts is een drama voor de sfeer en de omzet. Die zorgt ervoor dat het nachtleven in de stad op vrijdag- en zaterdagavond als een nachtkaars uitgaat. Om kwart voor drie is de tent leeg.’’

Wachten op het voorjaar

Eigenaar Marcel Porrenga van Hotel Boschhuis in Ter Apel zegt een betere zomer te hebben gedraaid dan vorig jaar. ,,Daar zijn we erg blij mee’’, zegt hij. Maar ook hij vreest dat de herfst en winter moeilijk worden. ,,Wij hebben binnen nog een beetje ruimte, maar hoe moeten kleine bedrijven het doen?’’ vraagt hij zich af.

Hij kijkt uit naar het voorjaar. De goeie zomerweken poetsen het verlies van de eerste coronamaanden niet weg. ,,Compenseren is onmogelijk. We zijn elf weken dicht geweest en bijna alle kosten liepen door. Dat is niet in te halen, ook al hebben we een deel vergoed gekregen.’’

menu