Huzaar Erik uit Wildervanksterdallen mist op Prinsjesdag koning Willem-Alexander, de koets en zijn eigen kameraden

Wat Erik van den Wijngaarden mist in de maatschappij, dat vindt hij bij de cavalerie. Dat hij vandaag met zijn merrie Famke de koning niet mag begeleiden, komt hard aan bij de ‘linksback’ uit Wildervanksterdallen.

Tijdens de Slag bij Waterloo probeerden de Huzaren van Boreel de Franse cavalerie van zich af te houden; 205 jaar en drie maanden later zit het 1422ste lid van het regiment aan de Senseo-koffie in zijn achtertuin in Wildervanksterdallen. Het is niet de plek waar Erik van den Wijngaarden (51) deze week wil zijn. Op Prinsjesdag hoort hij in Den Haag, om met zijn mede-huzaren de koninklijke rijtoer te begeleiden.

‘We zijn uit elkaar gescheurd’

Maar de rit in de koets van Paleis Noordeinde naar het Binnenhof is een publiekstrekker en vanwege de coronacrisis niet mogelijk. Prinsjesdag heeft vandaag een zakelijk karakter. In de app-groep met zijn peloton maakt hij er wat geintjes over (,,ik hou wel van ouwehoeren”), maar eigenlijk doet het hem veel pijn dat de circa zestig man sterke ere-escorte te paard dit jaar niet bij elkaar kan komen. ,,We zijn uit elkaar gescheurd”, zegt Van den Wijngaarden.

Dit zou zijn dertiende jaar worden. Links achterin de optocht, op zijn Gelderse merrie Famke (,,een pittige dame”), dat is al jaren zijn plek. ,,Ik ben de vaste linksback, zeg maar”, zegt de besnorde huzaar, die in het dagelijks leven monteur is van digiborden.

Tiendaagse Veldtocht om de Belgen

,,Dat lijkt Erik ook wel leuk”, zei zijn partner Renate van der Woude ooit tegen Max Bentum, toen de advocaat uit Veendam vertelde dat hij op zijn paard meeliep in de escorte van koningin Beatrix. Niet veel later werd Van den Wijngaarden doorgelicht, getraind en ingewijd als lid van het roemruchte paardenregiment, dat begin negentiende eeuw knokte bij Quatre Bras en deelnam aan de Tiendaagse Veldtocht om de Belgen er onder te houden. Dat hij als dienstplichtige het klappen van de zweep bij de landmacht kent, zal bij het verkrijgen van de erebaan wel geholpen hebben, vermoedt hij.

Bij de Huzaren van Boreel vond hij wat hij mist in het dagelijks leven. ,,Kameraadschap, vertrouwen, voor elkaar door het vuur gaan. De maatschappij is mij te individualistisch.” De manier waarop een nieuw lid ontgroend wordt, zegt wat dat betreft veel, vindt hij. ,,Ten overstaan van iedereen uit een karaf met wijn een paar flinke teugen nemen en dan ‘trouw!’ roepen. Hoe harder, hoe mooier.”

Oefening op het strand

Meerdere keren per jaar komen de huzaren bijeen om met hun paarden te trainen voor Prinsjesdag. De meest intensieve oefeningen zijn de dagen vóór de derde dinsdag van september. Met als hoogtepunt de oefening op het strand van Scheveningen, een dag van tevoren, als kinderen met potten en pannen mogen slaan en er vuurwerk wordt afgestoken, om te kijken of de paarden en hun ruiters zich in alle hectiek rustig houden. ,,Dat is al geweldig. En dan krijg je dag zelf nog, als slagroom op het toetje.”

Rond een normale Prinsjesdag is Van den Wijngaarden al met al een week in Den Haag. Van elk moment weet hij precies wat er van hem verwacht wordt. ,, Born ready , noem ik dat. Daar denk ik dus de hele tijd aan. O ja, nu zou het appel zijn geweest. En nu is het tijd om Famke te wassen. Het zit in mijn bloed, denk ik.”

menu