Ik wacht (100): Ida Wierenga uit Uithuizermeeden

Ida Wierenga is molenaar, al 32 jaar, op de poldermolen Goliath in de Eemshaven. Foto: Jan Zeeman.

Een jaar na de aardbeving in Zeerijp wachten nog veel Groningers op een oplossing voor de schade aan hun huis. Ik wacht is een serie over mensen die het wachten zat zijn. Vandaag aflevering 100: Ida Wierenga uit Uithuizermeeden.

Naam: Ida Wierenga
Leeftijd: 72
Woonplaats: Uithuizermeeden
Beroep: Molenaar
Type huis: Molen de Goliath

Wacht u ook?  We zoeken nog kandidaten voor deze serie. Mail naar 
groningen@dvhn.nl

De vuurvreter van de Goliath

Het eerste bod was vijftienhonderd euro. Uit ‘coulance’, want eigenlijk vonden ze dat het geen aardbevingsschade was maar achterstallig onderhoud. Daar dacht molenaar Ida Wierenga - nogal - anders over. ,,Wij hadden een expert laten kijken naar de frontmuur van de molen. Het bekken stond er los voor. Kostte twaalfduizend euro om te repareren.’’

Ida Wierenga is molenaar van De Goliath, de oude poldermolen in de Eemshaven. Dat is ze al 32 jaar en dat kan nauwelijks iemand zijn ontgaan. Wierenga is nadrukkelijk aanwezig. In haar enthousiasme, haar gedrevenheid, haar liefde voor de molen, haar rode jasje. En zeker ook in haar vechtlust.

,,De volgende dag was hun bod 3000 euro. Zo ging het veertien dagen heen en weer. Uiteindelijk was het: ‘mevrouw, we hebben het zo gemaakt, u heeft toch meer schade dan we eerst dachten, we kunnen u 11.700 euro bieden’. Ik zeg: ‘jij godverdommense mierenneuker’. Acht weken later had ik 12.000 euro op de rekening staan.’’

Vechtlust uit onrust

Haar vechtlust, zegt ze, komt voort uit onrecht. Als jong meisje fietste ze hier al vanuit de Heuvelderij door de polder naar school in Uithuizermeeden. Het enige meisje. Oudere jongens plaagden haar. ,,Ze hielden me vast. Sloten me op.’’

Ze was anders. Ze was groot, hielp thuis altijd mee, was sterk als een beer en liet zich niets vertellen. Vertelde een boer haar als vijfjarig meisje dat het kalfje uit de bek van de koe was gekomen, zei ze dat die koe zijn bek dan wel op een hele vreemde plek had zitten.

Tas stenen voor de voeten van Henk Kamp

Een vuurvreter. Zo noemde Henk Kamp haar, de oud-minister die ze in Loppersum ooit een tas vol afgebroken stenen voor de voeten wierp. ,,Vuurvreter. Dat had ie wel goed gezien. Een knappe kerel die mij onder tafel lult. Maar ik ben niet haatdragend.’’

Haar gevechtservaring deed Wierenga vooral op in de strijd tegen het windmolenpark rondom De Goliath. In het onderhandelen met energiereuzen, bezwaar maken tegen bestemmingsplannen, pleidooien schrijven voor in de rechtbank.

Wat ze kan doet ze zelf. ,,Vroeger maakte je huiswerk, nu is het dit.’’ Ze verloor de strijd tegen het windpark en tegenwoordig staat De Goliath als een eenzaam symbool van eenvoudige tijden tussen reusachtige windmolens en energieslurpende industrie.

Vastberaden maar met een onverwoestbaar goed humeur toont Wierenga de schade aan de molen uit 1897. Een deel is zonder problemen gerepareerd, maar sinds de beving in Zeerijp zijn er nieuwe scheuren. ,,We zullen zien.’’

Vloeken op station Rotterdam-Zuid

In het aardbevingsdossier zit zoveel onrecht dat Wierenga er graag de tanden in zet. ,,Als ik merk dat mensen moedwillig ergens beter van willen worden, ten koste van anderen, dan ga ik de boom in.’’

Ooit stond ze op station Rotterdam-Zuid te vloeken in het Gronings tegen een paar mannen die iemand schopten die op de grond lag. Dacht ze niet over na, deed ze gewoon. Ze is nooit bang geweest.

Angst ziet ze wel bij de mensen in het aardbevingsgebied. Vooral bij ouderen. ,,Ze zijn heel onzeker geworden, vrezen voor een ramp. Die mensen moet je troosten, een arm om ze heen slaan. Dit heeft al veel te lang geduurd.’’

De stenen tikten tegen elkaar aan, de deuren rammelden

De eerste keer dat Wierenga de grond bij de molen voelde schudden, gaf ze net een cursus. De stenen in de vloer tikten tegen elkaar aan, de deuren rammelden. Daarna deed ze een keukenkastje open en de hele inhoud donderde kapot op de vloer. ,,Glazen en kopjes. Daar zit geen geld in. De angst dat je onder zo’n kast terechtkomt. Die is veel erger.’’

En toch moet je er nooit aan toegeven. De Groningers, vindt ze, zijn veel te terughoudend en bang. ,,Je bent een schijtlijster als je anderen de kolen voor je uit het vuur laat halen. Je moet voor jezelf opkomen, anders ben je het leven niet waard. Leer vechten voor jezelf.’’

Ze lacht een ondeugend trotse lach. ,,Als dat je lukt geeft het zo’n triomfantelijk gevoel. Dat ontdekte ik als klein meisje al.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
Ik wacht