Ik wacht (8): Tineke Bieringa-Spakman uit Delfzijl

Tineke Bieringa-Spakman in haar keuken waar de scheur achter de kastjes steeds breder wordt. Foto: Jan Zeeman

Een jaar na de aardbeving in Zeerijp wachten nog vele Groningers op een oplossing voor de schade aan hun huis. DvhN lanceert Ik Wacht, een serie over Groningers die het wachten zat zijn. Aflevering 8: Tineke Bieringa-Spakman uit Delfzijl.

‘Ik laat het hier echt niet bij zitten’

Tineke Bieringa, geboren Spakman, wil over een ding even duidelijk zijn: ,,De boel staat niet op instorten. En ik wil mezelf niet vergelijken met al die Groningers die wel in die situatie zitten.”

De schade aan haar huis valt, relatief gezien, mee. Er zitten scheuren in, dat is wat anders dan de gestutte huizen die ze in Loppersum en Appingedam heeft zien staan.

Maar toch. Een scheur is een scheur. Er zit een in het plafond boven de keukentafel, die was in 2015 nog dichtgemaakt, je zag er toen niks meer van, maar nu is de scheur terug. En er zijn meer: in de garage, in de slaapkamermuren, boven de hoek van het keukenblok.

Verontrust

Wat haar het meest verontrust is de scheur in de tegels boven de kraan. ,,De man die hier in 2015 kwam, wees me erop, maar ik had die schade niet gemeld, dus hij kon niets doen. Hij zei nog: nou, de volgende keer dan maar. Ik zei: Dat zal toch niet?”

Wel dus.

,,Die scheur bij de tegels wordt steeds breder”, zegt Tineke Bieringa-Spakman. Ze kijkt naar de keukenkastjes boven en onder de gootsteen. ,,Ik vertrouwde het niet, dus ik ben op een ladder geklommen om boven de kastjes te kijken. De scheur loopt van onder naar boven.”

Achter de ramen van de bovenste keukenkastjes staan glazen in het gelid. Dat maakt een hoop herrie als dat allemaal naar beneden komt, en ze moet er niet aan denken dat er dan juist een kleinkind bij de gootsteen staat. Maar dat is juist wel waar ze aan denkt. ,,Zo’n grote scheur in de muur, die steeds breder wordt, dat kan toch nooit goed zijn, ik ben bang dat die kastjes naar beneden komen.”

Een k*-gevoel

Angst is ook wat ze voelde toen ze in 2013 tv zat te kijken en er een beving kwam, waardoor ze het gevoel kreeg dat ze met stoel en al de grond in werd getrokken. ,,Dat was echt een k*-gevoel, zo griezelig, dat wens ik niemand toe.”

In januari 2014 deed ze haar eerste schademelding bij de NAM. ,,In april kwam er iemand langs, in juli kreeg ik een contactpersoon toegewezen, in januari 2015 was de schade hersteld.” Dat was dat.

Maar de bevingen namen niet af en de scheuren maakten hun rentree. In 2017 maakte ze opnieuw melding van schade, dit maal bij de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen. ,,Ik was een dag te laat, anders had ik nog gewoon bij de NAM terecht gekund.”

Ze wachtte. ,,Ik hoorde maar niks, ik dacht, nou dat schiet lekker op, maar in augustus 2018 kwamen er twee mannen langs, een maakte foto’s van het hele huis en de ander zei bij een aantal scheuren dat het niet aan de bevingen kon liggen.”

En twee cent

Weer brak een periode van stilte aan, die uiteindelijk doorbroken werd.; in november plofte aanbod voor schadevergoeding op de mat: 461,02 euro,. Zegge: vierhonderd-één-en-zestig euro en twee cent.

‘Daar komen ze niet mee weg’

Tineke Bieringa-Spakman wil over een tweede ding ook even duidelijk zijn: ,,Daar komen ze niet mee weg. Ik moet dat hele keukenblok weg laten halen, die muur laten herstellen, ik ben alleen aan voorrijkosten al de helft van dat geld kwijt. Ik ben toch niet achterlijk?”

Dus heeft ze maar even gebeld. ,,Om bezwaar aan te tekenen moest ik een zienswijze indienen, zeiden ze, dat heb ik gedaan. Ik wil een second opinion.”

Dat was november vorig jaar.

En daarna werd het weer stil.

,,Het zal wel weer een jaartje later worden’’, zegt Tineke Bieringa gelaten – maar niet heus: ,,Ik laat het hier echt niet bij zitten.’’

 

menu