De Martinitoren in Groningen.

Imago-onderzoek wijst uit: Groningen mag best wel wat meer van zichzelf gaan houden

De Martinitoren in Groningen. Foto: Deon Prins

‘Calimero-gevoel’ en zelfonderschatting dragen niet bepaald bij aan een succesvolle toekomst van Groningen. Het zelfbeeld is toe aan een opfrisbeurt.

Dat blijkt uit de eerste editie van de imagomonitor van het Nationaal Programma Groningen (NPG). Groningers denken dat buitenstaanders hun provincie matig waarderen. Dat blijkt onjuist. Het beeld van Groningen buiten de provinciegrenzen is veel positiever dan hier wordt gedacht.

Martin Boisen (bureau For the Love of Place), Sierdjan Koster (economisch geograaf, RUG), en Karel Jan Alsem en Jan Wever (Hanzehogeschool) onderzochten hoe Groningers en niet-Groningers denken over Stad en Ommeland. De onderzoekers enquêteerden in opdracht van het NPG meer dan vijfduizend mensen en duizend bedrijven.

Overwegend negatieve beeld klopt niet

Niet dat Groningers zichzelf de grond in boren. Dat niet. Ze zijn op zich tevreden, maar ze denken dat buitenstaanders hun provincie vooral koppelen aan negatieve begrippen als aardbevingen, stug en ver weg en dat buitenstaanders een overwegend negatief beeld van Groningen er op na houden. Dat laatste blijkt niet te kloppen.

‘Geloof in eigen kunnen’

Volgens Boisen en Koster is er duidelijk sprake van zelfonderschatting. ,,Groningers zijn trots maar waar het op aankomt, is wat ze met dat gevoel doen. Je moet ook als gebied van jezelf houden en geloof hebben in je eigen kunnen. Het gaat fout als je ten onrechte denkt dat de rest van de wereld je niet ziet zitten’’, zegt Boisen. “Dit kan leiden tot de verkeerde strategie en de verkeerde beleidskeuzes”.

‘Meer vieren wat goed is en goed gaat’

,,Dan heb je de neiging om vooral tijd, geld en energie te steken in het rechttrekken van een beeld dat eigenlijk niet zo negatief is en maak je zelf het probleem groter dan het is’’, vult Koster aan. ,,Richt je liever tot de Groningers en roep ze op om meer te vieren wat goed is en goed gaat. Dat gaat misschien in tegen de Groningse cultuur in die wars is van borstklopperij, maar het geeft wel een beter beeld van wat hier gebeurt. Als je blijft denken dat je er minder toe doet, redeneer je niet vanuit kracht en is dat een stuiptrekking die in andere delen van het land niet wordt begrepen. Het is ook onnodig.’’

Boisen noemt het gevoel niet interessant te zijn voor anderen een zelfprojectie die bij veel Groningers doorslaat. ,,Je hoeft mensen er niet van te overtuigen dat Groningen mooi is. Vertel liever wat hier te beleven valt en hoe Groningen zich wil ontwikkelen. Als je niet oppast breng je pessimisme over op je jeugd en dwarsboom je talentontwikkeling in je eigen provincie. Dan denken jongeren dat ze het ergens anders moeten maken omdat hier niets lukt.’’

Marketing en promotie over andere boeg

Het is mede om die reden dat Boisen en Koster adviseren het marketing- en promotiebeleid over een andere boeg te gooien. ,,Richt je meer op de eigen bevolking en ondernemers. Het gaat niet alleen over het aantrekken van toeristen, maar ook over de bereidheid van bedrijven om hier te blijven of te komen ondernemen. Dat is belangrijk voor de economie en de werkgelegenheid. Je mag verwachten dat mensen zich vestigen op plekken waar het goed toeven is. Als je kijkt waar een economie op draait dan is dat hier vernieuwing en verduurzaming van het midden- en kleinbedrijf.’’

Rust en ruimte?

Het beeld wat Groningers verschaffen van hun provincie, steekt zeer nauw bij het aantrekken van nieuwe bedrijven. Boisen: ,,Het kan bijvoorbeeld gevaarlijk zijn om steeds de rust en ruimte van de provincie te blijven benadrukken in de toeristische promotie, omdat die boodschap niet alleen gehoord wordt door potentiële toeristen, maar door iedereen”, aldus Boisen. “Hiermee wordt een beeld neergezet van een gebied waar niet zoveel gebeurt. Niet per se een gunstig beeld voor iemand die een baan zoekt, onderneemt of investeert.”

De onderzoekers vinden dat de marketing van Groningen veel breder dan nu het geval is moet worden aangepakt. Boisen: ,,Marketing Groningen is een professionele organisatie die al goed gepositioneerd is om Stad en Ommeland in samenhang te vermarkten. Maar dan moet de organisatie daar ook wél een sterk mandaat voor krijgen. Het is té versnipperd qua doelmarkten. Maak er een breed verhaal van. Er wordt te fors de nadruk gelegd op toerisme en recreatie.“

Niet alleen mooie woorden

Tot slot benadrukken Boisen en Koster dat ambitieuze en beeldbepalende projecten gerealiseerd moeten worden. ,,Denk aan de Lelylijn. Een snelle spoorverbinding gaat niet alleen over reisbewegingen en reistijd, maar ook over de schwung die dat geeft in een samenleving. Vertrouwen in de toekomst, trots, investeringsbereidheid, dat hangt allemaal met elkaar samen”, aldus Koster ,,Je laat de jeugd zien wat voor potentie je regio heeft en dat die niet alleen in mooie woorden in verkiezingsprogramma’s terecht komt.”

Trots op Forum

Koster herinnert nog even aan de discussie rond het Forum. ,,Over de komst en de haalbaarheid zijn enorme discussies gevoerd en de weerstand was groot. Nu is de overgrote meerderheid trots op dat gebouw en wat het Stad en Ommeland te bieden heeft. Los van de businesscase van het Forum zelf, gaat het mij in deze context om het signaal dat met dit project is afgegeven. Namelijk dat Groningers niet alleen mooie plannen kunnen maken, maar ze ook uitvoeren” Boisen: ,,Laat dat een goed voornemen zijn voor de komende jaren en zoals alle goede voornemens zit het succes niet in het zeggen, maar in het doen.’’



menu