Bij de deze week overleden journalist Kees Wiese (84) zat het schrijven er al vroeg in. Hij schreef als kleuter al zijn eerste woordjes, met een griffel op een lei. En hij is blijven schrijven. Ruim 40 jaar als dagbladjournalist en na zijn pensionering als romanschrijver.

Kees Wiese begon zijn journalistieke loopbaan omstreeks 1960 bij het toenmalige Vrije Volk. Ooit was ik een van zijn opvolgers bij de Zeeuwse editie van die krant en merkte toen al snel dat Kees daar op relatief jonge leeftijd reeds een groot gezag had opgebouwd bij bestuurlijk Zeeland.

Nieuwsblad van het Noorden

Dat deed hij in de zeventiger jaren ook als regionaal parlementsredacteur van het toenmalige Nieuwsblad van het Noorden. Zonder de journalistieke onafhankelijkheid uit het oog te verliezen, zat hij de noordelijke Kamerleden behoorlijk achter de broek om iets structureels voor het Noorden te doen. Mede daardoor kwam uiteindelijk een integraal structuurplan voor het Noorden tot stand.

Terug op de redactie in Groningen ontpopte Kees Wiese zich als een veelzijdige journalist. Hij was achtereenvolgens algemeen verslaggever, wetenschapsjournalist, columnist en commentator. Als wetenschapsjournalist maakte Kees behoorlijk furore. Hij wist alles over de ‘kleine deeltjes’, maakte deel uit van talrijke wetenschappelijke expedities van de RUG en woonde als een van de eerste Nederlandse journalisten de mondiale Aidscongressen bij.

Vanwege zijn grote kennis op wetenschapsgebied kreeg hij op de redactie de bijnaam ‘Professor Wiese´. Ook de Rijksuniversiteit Groningen wist het journalistieke werk van Kees te waarderen. In 1998 kreeg hij uit handen van Prof. dr. Doeko Bosscher als een van de weinige niet-wetenschappers de Academieplaquette uitgereikt ‘voor trouwe dienst aan de wetenschap’.

Masteropleiding Journalistiek aan de Rijksuniversiteit Groningen

Kees Wiese heeft ook een belangrijke bijdrage geleverd aan de totstandkoming van een journalistieke opleiding aan de RUG. Samen met Prof. dr. Hans Renner schreef hij daarvoor een pleitnota. De kern daarvan was dat de steeds ingewikkelder samenleving ook behoefte had aan academisch geschoolde journalisten om onder meer wetenschappelijke ontwikkelingen voor een breed publiek te kunnen duiden. Die pleitnota was de aanzet tot het vormen van de Stichting Groninger Journalistiek, die de opleiding met warme steun van de RUG van de grond heeft kunnen tillen.

De grote journalistieke ervaring van Kees Wiese leidde ook tot een lidmaatschap van de Raad van de Journalistiek. Hij kwam daarin stevig op voor de belangen van de vrije journalistiek, maar vond daarbij ook wel dat journalisten zich aan de gangbare normen dienden te houden, zoals het recht op wederhoor.

Primeur: CDA-leider Aantjes zat bij de SS

Dat speelde ook een rol bij de kwestie Willem Aantjes. Het Nieuwsblad van het Noorden kwam in november 1978 met de onthulling dat deze toenmalige CDA-leider in de oorlog lid was geweest van de SS. Journalistiek hadden we deze primeur behoorlijk rond, maar we misten nog het commentaar van Aantjes zelf.

Vlak voor sluitingstijd van de krant kreeg Kees Wiese de heer Aantjes aan de telefoon. De telefoon op hard en met het water in de handen luisterden we mee. Kees: ,,Dag Wim, wij brengen vandaag het verhaal dat jij in de oorlog lid bent geweest van de Waffen-SS’’. Aantjes: ,,Dat is niet juist Kees, ... ik was lid van de Germaanse SS.’’ Snel wat correcties en de krant kon zakken. Het nieuws sloeg in Nederland als een bom in.

Debutant op 82-jarige leeftijd

Eind negentiger jaren ging Kees Wiese met pensioen. Zoals het vaker gaat beperkte ons contact zich tot af en toe een telefoontje in het begin, maar een kaartje met de jaarwisseling bleven we trouw sturen. Het was dan ook een verrassing toen ik las dat Kees op 82-jarige had gedebuteerd als schrijver van een roman, Vénavi genaamd. Volgens een recensent gaf hij daarin zijn tomeloze fantasie ruim baan. Daarna volgde nog een aantal boeken, waarin Wiese volgens dezelfde recensent dromen en verzinsels van hemzelf en van anderen, tot rauwe fictie omsmeedde.

Kees Wiese zal ik echter zelf blijven herinneren als een gedreven, journalistieke duizendpoot. Het jongetje dat zijn eerste woorden met een griffel op een lei schreef, heeft als journalist een tien met een griffel verdiend.

Door Dick Dalmolen, oud-hoofdredacteur van het Nieuwsblad van het Noorden.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen