Jacky Wang: ,,Groningen is gewoon Stad voor mij. En toch word ik als buitenstaander gezien.’’

Dit is Jacky Wang, die jongen van De Chinees. 'Ik vraag toch ook niet elke Nederlander of hij kaas eet?'

Jacky Wang: ,,Groningen is gewoon Stad voor mij. En toch word ik als buitenstaander gezien.’’ Foto: Siese Veenstra

In de stroeve coronasamenleving waarin afstand de norm is, steekt discriminatie gemakkelijk de kop op. Want onbekend maakt onbemind. Vandaar een serie portretten van Groningers en Drenten die een stap extra moeten doen om de wereld bij te benen. Vandaag deel 5: Jacky Wang, Gróningse jongen die vooral als Chinees wordt gezien.

Deze vraag: ‘Hebben je ouders een restaurant of een cafetaria?’

Jacky Wang (26) vindt het een vraag van niks, maar het is een van de meest gestelde vragen aan hem, al zijn hele leven. ,,Van de miljoenen vragen die je kunt stellen, kiezen zo veel mensen deze als openingszin. Waarom? Ik vraag toch ook niet aan een Nederlander of hij kaas eet?’’

Hong Seng

De vraag bevat een vooroordeel, vindt Jacky, de vraag gaat voorbij aan wie hij is, los van zijn Chinese wortels. Overigens − zijn ouders hebben inderdaad een Chinees restaurant, in Warffum. Hong Sheng heet het, vrij vertaald uit het Chinees betekent het zoiets als succes en geluk, zegt Jacky.


Hij woont in Groningen. ,,Ik ben een Groninger, ik kom graag bij Mr. Mofongo, ik drink cocktails bij Oceans. Groningen is gewoon Stad voor mij. En toch word ik als buitenstaander gezien.’’

Hij heeft net zijn studie commerciële economie aan de Hanzehogeschool afgerond. Hij is op zoek naar een baan, liefst in de horecagroothandel. Met zijn vriendin Jasmijn woont hij samen in de Oosterparkwijk.

Zij is ook Chinees − als meisje van 1 werd ze geadopteerd. Ze groeide met haar zusje op in een Fries gehucht. ,,We hebben het er wel eens over hoe goed we het hier hebben. Als je werkloos bent, krijg je een uitkering, je hoeft hier niet dakloos te zijn, er zijn voedselbanken. In Nederland kun je altijd ergens terecht.’’

Gelukszoekers

Hij wil maar zeggen: Nederland is een groots land waar hij niets op aan te merken heeft. Hij snapt dat zijn ouders drie decennia geleden China verlieten om in Nederland op zoek te gaan naar een betere toekomst. ,,In China was een gebrek aan kansen, door het communismeverhaal, het ontbreken van een sociaal vangnet’’, verwoordt hij de beweegredenen van zijn ouders. ,,Ze zijn gelukszoekers’’, zegt hij, haast trots.

loading  

Het geluk vonden ze, omdat ze elkaar tegen het lijf liepen in dat land waar ze net nieuw waren. Ze streken neer in Baflo, zijn vader werkte bij Chinees restaurant Blauwe Lotus in Groningen. Jacky en zijn broertje werden geboren en ze verhuisden naar Winsum.

,,Ik was de Chinees in dat kleine dorp’’, zegt Jacky. ,,Misschien was ik sowieso een buitenbeentje, maar ik denk ook dat het door mijn Chinese uiterlijk kwam dat ik me anders voelde. Er waren in Winsum denk ik vier of vijf Chinese gezinnen. Ik vroeg me af: waarom ben ik niet net als iedereen? Waarom kreeg ik soms naar mijn hoofd dat ik terug moest gaan naar mijn eigen land?’’

Daar zit toch geen hond in?

Hij herinnert zich dat hij liever geen kinderen van school mee naar huis nam, want het rook bij hem thuis altijd naar de Chinese keuken. Hij herinnert zich dat hij Chinese rijstcrackertjes mee kreeg naar school. ,,Daar zit toch geen hond in?’’ vroeg een klasgenootje.

Het is een vraag die hij later vaker hoort. Jullie eten toch honden en katten. Jullie Chinezen.

Als kind had hij geen weerwoord, hij wist niet wat hij moest antwoorden. ,,Ik had geen referentie, behalve die acteur, Jackie Chan, ook een Chinees, ook een Jacky. Maar ik had niks met vechtsport, niks met komedie.’’


Deze vraag: ‘Kun je iets in het Chinees zeggen?’

Jacky begrijpt niet waarom kinderen en volwassenen hem dat keer op keer vragen. ,,We spreken thuis een dialect dat nauwelijks voorkomt. Wenzhounees heet het.’’

Ni hao!

Hij vergelijkt deze vraag met de talloze kinderen en volwassen mannen die hem passeren of tegemoetkomen op straat en hem groeten. Ni hao, roepen ze dan. Of konnichi wa, Japans voor hallo.

,,Ik vind het denigrerend. Ze kijken om, ze lachen, giechelen. Ik voel me op die momenten een vreemde in het land waar ik geboren ben. Hier in Groningen beginnen mensen standaard in het Engels tegen me te praten. Ze denken vaak dat ik een international ben.’’


Intussen weet Jacky wél iets terug te zeggen.

Hij werkt in het restaurant van zijn ouders. Een mevrouw kwam eten bestellen, maar Jacky verstond haar niet goed, omdat ze een mondkapje droeg. De mevrouw zei op verwijtende toon: ,,Ik spreek gewoon Nederlands tegen je.’’

Hij bedenkt zich dan niet en vraagt waaróm ze zoiets zegt. Dan valt het stil. Dan bedoelde ze het niet zo. Dat is een zwaktebod, vindt Jacky, die liever zou zien dat mensen voor hun fout durven uit te komen.

Hou je van gokken?

,,Winsum en ook Warffum hebben me gevormd tot wie ik nu ben. In Warffum was ik altijd die jongen van De Chinees’’, zegt Jacky. ,,Bij ons thuis is het gewoonte om vervelende opmerkingen te negeren, maar ik heb me door de jaren heen juist het omgekeerde aangeleerd. Ik spreek me uit als iets me niet zint. Ik vraag mensen vaak waarom ze zeggen wat ze zeggen. Ik vraag waar het goed voor is. Vaak beginnen mensen te stamelen en leggen ze uit dat het grappig bedoeld is.’’


Deze vraag: ‘Hou je van gokken? Alle Chinezen houden toch van gokken?’

Jacky schiet in de lach als hij het vertelt, omdat hij zich kan voorstellen dat het ongeloofwaardig klinkt dat mensen hem serieus deze vraag stellen. Hij kan nog wel even doorgaan met het opsommen van opmerkingen die hij geregeld hoort. Dat alle Chinezen op elkaar lijken. Dat Chinezen spleetogen zijn. Dat mensen ineens zin krijgen in een loempia, als ze hem zien. Dat kinderen het liedje Hanky Panky Shanghai zingen.

Nou ja, van kinderen kan hij het nog wel hebben, die zijn onwetend, zegt hij. Maar dat kinderen voor de grap bellen met het restaurant van zijn ouders en vragen: ,,Verkopen jullie ook hond?’’ dat gaat hem te ver. ,,Ze hebben dat ergens gehoord. Van hun ouders ofzo?’’

Veel schokkender dan plagerijtjes van kinderen vindt hij de volwassenen die zich vanwege corona uitlaten over de herkomst van het virus. China. ,,Jullie serveren je eten toch wel coronavrij?’’ vragen ze gerust. Mensen hoesten voor de grap als ze hem ontwaren. Toen zijn ouders in januari op familiebezoek waren geweest in China en verkouden terugkeerden in Warffum, belde een van de restaurantbezoekers de huisarts om te melden dat meneer en mevrouw Wang corona hadden.

Almere, de gemengde stad

Nee, zegt hij, hij voelt zich niet volledig thuis in Nederland. Ook niet in China. Hij was er tweemaal, maar hij zou er niet kunnen aarden, omdat hij denkt dat hij moeite heeft zich aan te passen aan de taal en de cultuur. Nederland is een veel relaxter land, vindt hij.

Hij fantaseert over later, als hij kinderen heeft. Hij wenst een andere wereld voor hen. Hij liep vorig jaar stage in Almere en daar te zijn vond hij een verademing. ,,Alle nationaliteiten lopen daar rond. Je wordt niet begroet met ni hao, je bent daar niet de Chinees. Het is een gemengde stad.’’

De serie ‘Bekend maakt bemind’ maken we samen met het Discriminatie Meldpunt Groningen en CMO STAMM in Drenthe en is een afgeleide van het Groningse project ‘Verhalen van Nu’. Meer informatie over discriminatie of zelf melding maken: www.discriminatie.nl

menu