Het juweliersechtpaar Henk (70) en Gerda Oosterhof (71) worstelt nog dagelijks met de gevolgen van het faillissement van twee zaken in 2016. ,,Na vijf jaar kunnen we nog geen kant op.’’

Ze onttrokken geld en goederen uit hun failliete boedel. De rechtbank veroordeelde hen wegens fraude tot acht maanden cel en een taakstraf. In hoger beroep bleef daar eind 2019 een voorwaardelijke celstraf en een taakstraf van 240 uur van over.

Je zou opluchting verwachten, maar de Oosterhofs zijn vooral boos en gefrustreerd. Geen juwelierszaken meer, de miljoenenvilla in de Blauwestad is noodgedwongen verruild voor een sociale huurwoning in Noord-Drenthe. Ze moeten rondkomen van hun AOW, hun oudedagvoorziening is verdampt.

Het faillissement is na vijf jaar nog niet afgesloten en beheerst naar eigen zeggen nog steeds hun leven. Paspoorten en ID-kaarten zijn ingenomen om te voorkomen dat ze opnieuw naar het buitenland vertrekken. ,,We kunnen geen kant op’’, moppert Henk Oosterhof. Voor de Tweede Kamerverkiezingen kon zij stemmen per post, hij bracht geen stem uit, want geen legitimatiebewijs.

‘Curator traineert afwikkeling faillissement’

Ze kunnen geen bankrekening openen zolang ze op de ‘zwarte lijst’ staan. Hun uitkeringen worden overgemaakt via hun dochter. ,,Ook de post wordt geblokkeerd. Henk heeft een afspraak met een arts gemist. Hij kreeg de oproep niet.’’

Ze denken dat de curator de afwikkeling van het faillissement traineert. Maar hun grootste grief is nog altijd gericht tegen de bank die zich in 2016 terugtrok als financier van hun zaken in Veendam en Stadskanaal. Ze hadden een schuld van 1,4 miljoen euro. ,,We konden aan onze verplichtingen voldoen. Maar met één streep maakte de bank alles kapot.’‘

Naar Spanje

Vijf jaar strijd heeft een wissel getrokken. Alsof de jaren dubbel hebben geteld sinds ze uitweken naar Spanje, enkele maanden voor hun faillissement in juni 2016.

loading

Ook hun gijzeling in de de cel, omdat ze weigerden stukken en informatie te overhandigen, is daar ongetwijfeld debet aan. Hij zat in 2017 drie maanden vast, zij twee maanden. ,,Voor ons gevoel was het geen diefstal, we moesten toch ergens van leven?’‘

Ze zijn wel nog even strijdbaar. En wrokkig. Hij spreekt met luide, soms overslaande stem, bij het driftige af. ,,Sorry, dat is mijn karakter” Zij is bedachtzamer. ,,Het is zo onwerkelijk allemaal. We zijn nog nooit met justitie in aanraking geweest en moeten nu ineens een heel andere tak van sport bedrijven.’‘

De spanningen scheppen ook een band. ,,Het mooie is dat we dit samen hebben beleefd. We praten er veel over’‘, zegt zij. Hij: ,,Gerda is mijn maatje.’‘ Ze hebben elkaar gevonden in hun kruistocht. ,,We beginnen een zaak tegen de bank. Die moet worden aangepakt om te voorkomen dat dit een ander gebeurt.’‘

Gevangenisstraf bij nader inzien niet nodig

De Oosterhofs voelen zich gesteund door de aanklager in hun hoger beroepzaak. Het Openbaar Ministerie (OM), dat aanvankelijk 15 maanden cel eiste, vond bij nader inzien gevangenisstraf niet nodig. Ondanks dat het stel de verkoop van twee auto’s, garageboxen vol inboedel en de Spaanse vakantiewoning buiten het faillissement had gehouden en dus schuldeisers heeft gedupeerd.

Het OM koos voor de menselijke maat. Het echtpaar had zich neergelegd bij een veroordeling voor faillissementsfraude en zat al genoeg aan de grond. Een taakstraf was voldoende, meende het OM. Het hof in Zwolle zette vervolgens de celstraf om in een voorwaardelijke straf.

De opgelegde maximale werkstraf van 240 uur is op de lange baan geschoven vanwege de coronacrisis. Ze wonen vlakbij hun dochter en drie kleinkinderen maar zitten net als veel anderen thuis vanwege coronamaatregelen. ,,Een zwart gat’‘, verzucht Oosterhof.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen