Maya Wildevuur bij haar coronadoek.

Kunstenares Maya Wildevuur verwacht staande te sterven

Maya Wildevuur bij haar coronadoek. Foto: Duncan Wijting

Kunstenares Maya Wildevuur doet dit jaar niet wat ze het liefste doet: schilderen en reizen. De onzichtbare vijand die corona heet, houdt haar thuis.

Slechts twee aquarellen heeft ze tot dusver gemaakt. Corona heeft haar ‘verlamd’. Maar kunstenares Maya Wildevuur (75) verwacht toch staande te sterven. In het spreekwoordelijke harnas dus. ,,Want ik kan niets anders dan schilderen. Dat is mijn leven. Het is een soort van overlevingsstand. Tijdens je leven maak je hoogte- en dieptepunten mee. Schilderen heeft me altijd op de been gehouden. Daarom is dit nu ook zo’n rare periode. Ik denk veel na. Lees veel, kijk naar Netflix, maar het liefst ben ik natuurlijk aan het werk en op reis.’’

Ik leef bij de dag

Lange tijd was haar galerie in de Ennemaborg in Midwolda, waar ze sinds 1992 woont en werkt, vanwege corona gesloten. Qua productie is het een verloren jaar. Haar jaarlijkse uitstapje naar haar zus op Texel is erbij ingeschoten. ,,Daar maak ik mijn bekende klaproosdoeken.’’ Ook tripjes naar Griekenland, Portugal en Sevilla zijn geannuleerd. Ze moet het dit jaar doen met de herinneringen. In de galerie hangen bijvoorbeeld werken die ze in Frankrijk heeft gemaakt. Of ze staart naar de schommelbank die ze ooit in India kocht. Reizen geeft haar nog steeds inspiratie, maar dit jaar even niet. ,,Het is nu geen tijd om plannen te maken. Ik leef bij de dag. Weet je, voor corona stierven er veel kennissen en bekenden uit mijn omgeving. Nu nog niet eentje. Dat is dan toch weer raar.’’

,,We zijn in oorlog met een onzichtbare vijand. Vroeger zag je de vijand achter een boom met een geweer. Maar nu staat de wereld op zijn kop. Dat maakt velen angstig. Ik durfde dit jaar niet langs de weg te staan om te schilderen. Niet alleen vanwege corona, maar ook omdat ik alleen ben. Je weet nooit wat ze een vrouw langs de kant van de weg aandoen.’’

De jeugd koopt liever kunst bij Ikea

De verkoop van haar doeken is ingestort. Natuurlijk heeft ze klanten die huren, maar grote opdrachten blijven achterwege. ,,En de jeugd koopt liever bij Ikea. Kunst wordt minder gekocht.’’

De dood, het komt toch telkens ter sprake. Niet dat ze sombert, maar ze wil haar nalatenschap goed regelen. Een stichting is inmiddels opgericht. ,,Als ik omval moet mijn levenswerk behouden blijven en het liefst in de Ennemaborg. Daar woon, leef en werk ik. Op zolder en in de kelder bewaar ik onnoemelijk veel kunst. De grote doeken hangen elders. Dat alles mag niet verkocht worden tijdens een veiling. Dan gaat het voor een habbekrats weg. Nee, het hoort tot in lengte van dagen in de Ennemaborg. Dit moet een museum annex galerie worden. Maar met Het Groninger Landschap, de verhuurder, heb ik nog geen afspraken gemaakt.’’

Dan loopt ze door haar galerie naar een doek van 1,5 bij 1,5 meter. Overal gekleurde vierkantjes. ,,Dat heb ik afgelopen weekend afgelakt. Het coronadoek heb ik het gedoopt.’’

De mens is supersterk

De felgekleurde blokjes zijn niet geaccentueerd. Hier en daar zijn zebrastrepen gemaakt en in het midden heeft ze enkele vierkantjes met bladgoud geschilderd. Het symboliseert deze coronatijd. ,,Niemand weet waar het heengaat. Maar voordat je veilig bent, moet je over de zebra om uiteindelijk bij het goud te komen. De hoop van de toekomst. Ik ben ervan overtuigd dat er weer een goede tijd komt. De mens is supersterk.’’

menu