Lees hier het hartverwarmende en persoonlijke verslag van de begrafenis in coronatijd van mijn 90-jarige tante

De oude tante van Lowine van Schuylenburg overleed. Een persoonlijk relaas van een bijzondere begrafenis. Foto: Shutterstock

Een ‘gewone’ uitvaart is er in deze tijd van het rondwarende coronavirus niet bij. Dat is verdrietig, en in sommige gevallen zelfs ook schrijnend en hartverscheurend. Maar het kan ook - hoewel raar - heel mooi en verbindend zijn. Op die manier ervoer Lowine van Schuylenburg de begrafenis van haar tante. Lees hieronder haar persoonlijke en hartverwarmende verslag.

Mijn oude tante - Begrafenis in coronatijd

90 was ze geworden, bijna 91. De laatste zus van mijn moeder. Haar geest was al aangetast door de Alzheimer en nu had haar lichaam het ook af laten weten. Ze was haar hele leven als pionier onderweg geweest en was nu eindelijk thuis bij haar Verlosser. Het was een lange reis met veel kronkelpaden geweest. En nu had ze haar eindbestemming bereikt.

De inktzwarte begrafenisauto staat bij de ingang van het uitvaartcentrum. Vanochtend vroeg zijn de zwart geklede mannen met tante van de Bible Belt naar het hoge Noorden gereden. Al vele jaren hielden haar grootouders daar een plekje voor haar bezet in hun oerdegelijke betonnen grafkelder. Die degelijkheid is een kwaliteit die mijn opa zijn nageslacht met de paplepel heeft ingegoten en de generaties ervoor moeten hetzelfde bij hem hebben gedaan. In mijn opa’s winkel in het centrum van de stad werd nooit rommel verkocht en gingen de spullen voor eerlijke prijzen over de toonbank, ook in oorlogstijd.

***

Mijn broer en mijn neef staan al op anderhalve meter van elkaar te praten bij de ingang. Precies zoals de regering ons voorschrijft in deze coronatijd. We begroeten elkaar op afstand met een zwaai. Die afstandelijkheid past niet bij een begrafenis en werkt bevreemdend. Na het ontbreken van een fysiek contactmoment, komt het gesprek dan toch gemakkelijk op gang. Ondanks dat we ver van elkaar wonen en staan, is afstand bij familie betrekkelijk en goed overbrugbaar.

De kist is nog open en gaat over een half uurtje dicht. Of ik nog even wil kijken. Nieuwsgierig geworden van de verhalen, loop ik naar binnen. Mijn altijd superslanke tante zou de afgelopen jaren namelijk dik zijn geworden. Al direct bij binnenkomst in het zaaltje waar straks de rouwdienst gehouden wordt, zie ik het puntje van tantes neus. Ze is er onmiskenbaar bij. Met nog twee familieleden sta ik bij de kist. Corpulentie kun je verschillend beleven is mijn conclusie, ze ziet er nog precies hetzelfde uit. En tot mijn verbazing lijkt ze nauwelijks ouder geworden in de jaren dat ik haar niet gezien heb.

***

Het is mooi weer en we wachten buiten op de oprit op de familieleden die nog moeten komen. Er mag geen koffie geschonken worden, want het coronavirus hecht zich wellicht aan koffiekopjes en dan deel je met de koffie ook het virus uit. En dat is dus verboden. Maar gelukkig heb ik een nuchtere en praktisch ingestelde familie. Want mijn Groningse opa trouwde over de grens met een struise Friezin en het is duidelijk dat dit gezelschap hun genen deelt. En het blijkt niet uit te maken dat het nageslacht uitwaaierde over Nederland. Om zo min mogelijk stikstof uit te stoten, zijn we met een gangetje van 100 kilometer per uur in vrijwel lege auto’s over bijna verlaten wegen naar het Noorden teruggekomen. We zijn dus wel aan koffie toe. De gastvrouw van het uitvaartcentrum heeft het er zwaar mee, want ze had ons erg graag een bakkie troost willen inschenken.

Maar dit valt op te lossen en al snel komen de thermoskannetjes uit de tassen. We doen staande een bakkie voor de ingang van het uitvaartcentrum. Er wordt een tuinstoel uit een auto gehaald, waardoor een minder mobiele tante er gezellig bij kan zitten. Mijn moeder van bijna 90 houdt zich goed staande. Mijn oudste zus pakt haar rol en tovert een illegale kan koffie en een rol wegwerpbekertjes uit de auto voor degenen die nog droog staan. Cake, koek en corona mag je dan wel niet uitdelen, maar je kunt het wel bovenop een auto zetten. En wij kunnen prima uit de voeten met deze vorm van zelfbediening. Ook de mannen in zwarte pakken zijn er aan toe. Zij gingen al heel vroeg met onze tante uit rijden, zodat ze tijdig op haar eigen begrafenis zou zijn.

Ondertussen glipt de geboekte organist stilletjes het gebouwtje in. Tante begraven zonder orgelmuziek is namelijk ondenkbaar. Hij moet langs de nog open kist naar het kleine orgel toe dat in de hoek van de ruimte staat. Hij zit met de rug van zijn geblokte blouse naar de zaal toe en ik heb werkelijk geen idee hoe hij eruit ziet. Zou hij het vreemd vinden om zijn bladmuziek naast de kist met mijn tante er zichtbaar in door te nemen? Of zou dat doodnormaal zijn als je gewend bent aan kerkliederen, waarin het eeuwige leven centraal staat?

Gevraagd wordt wie er bij het sluiten van de kist wil zijn. Een paar getuigen melden zich. Want we willen natuurlijk wel zeker weten dat onze eigen tante zich die kist bevindt. Het is een plechtig moment, een definitieve afsluiting. De schroeven worden stevig vastgedraaid.

***

De stoelen staan opgesteld alsof we examen moeten doen, alleen de tafeltjes ontbreken nog. Bijna automatisch neem ik plaats op de achterste rij, die ik samen met mijn zus en mijn nicht volledig bezet. Met timmermansoog schat ik in dat we de anderhalve meter niet in stand houden wanneer ik mijn benen zou strekken. Zou je in dat geval in overtreding zijn? De telefoon van mijn broer staat als webcam opgesteld voor de deelnemers die het buiten veiliger vinden. Zij volgen het afscheid van tante op afstand.

De dienst gaat beginnen. Gezien de ruime ervaring van mijn familie op het preekgestoelte, heeft tantes eigen dominee de lange reis naar het Noorden niet hoeven te maken. Ze doen het goed, de organist start en de klanken van de eerste psalm klinken harmonisch door de zaal. Het orgel neemt het gezelschap op sleeptouw en iedereen lijkt de liederen te kennen. Ik besluit geen risico’s te nemen, met 16 mensen met veel zangervaring is de ruimte voldoende gevuld.

***

Mijn moeder vertelt over de jeugd van tante. Ze woonden met 5 kinderen boven de zaak van opa. Onze tante heeft op haar 13e tbc gehad. Daardoor is ze kleiner gebleven dan de rest van de familie. Ze heeft een half jaar in quarantaine in haar eentje in hartje stad boven op een zolderkamer liggen herstellen met de ramen wijd open. Alleen oma kwam eten brengen, de broers en zussen mochten haar al die tijd niet zien. Daar lijkt corona opeens bij in het niet te vallen. Vanuit hun huis zagen ze in de oorlog hoe de Joden nergens hun inkopen meer mochten doen. Verschrikkelijk. Minder geloofwaardig was dat tante en mijn moeder zo’n plezier hadden in de afwas. Ze zongen dan samen het hoogste lied, mijn tante de eerste stem en mijn moeder de tweede. Mijn moeder staat met haar 89 jaar fier rechtop achter de kansel en de zaal hangt aan haar lippen. Een heel mensenleven kun je niet in 15 minuten samenvatten. De tijd vervliegt door haar mooie jeugdverhalen, en ook doordat mijn broer de tijd kwijt is, omdat zijn telefoon nu dienst doet als webcam.

Dan is het de beurt aan mijn broer en mijn neef. Hoe tante hoofd van een kleuterschool in een klein dorp in de provincie werd. Wat een leuke dingen ze daar deden. Tante was zeer creatief en kon uitstekend met kinderen omgaan. De geit Antje en een schip Antje, waar zus Antje doodsangsten uitstond op de wankele loopplank. En aan het einde van de logeerpartij gingen ze met de boot naar Schiermonnikoog, die er toen nog 2 uur over deed. Allemaal voor mijn tijd, ik ben de jongste en heb veel minder geschiedenis met onze tante. Naarmate de dienst vordert, nemen ook de Bijbelse teksten en uitdrukkingen toe. Het afscheid wordt kracht bijgezet door het zingen van kerkliederen.

***

De al wat oudere begrafenisondernemer heeft vast al veel afscheidsdiensten verzorgd. Het is mij een raadsel hoe de man precies op het juiste moment het zaaltje weet te betreden. Het is tijd voor de teraardebestelling. Drie neven en één van mijn broers pakken de handvatten van de kist stevig beet en rijden tante het zaaltje uit naar de inktzwarte auto die nu met open deuren uitnodigend op de oprit staat. Het is een plechtig moment. De kist wordt stevig vastgemaakt in de auto. We krijgen allemaal een zwart vlaggetje op onze auto. Het geeft iets plechtigs aan de lange stoet van toch wel 14 auto’s met in totaal 16 mensen erin. We krijgen overal ruim baan. Een bouwvakker staat met gekruiste armen respectvol stil voor zijn bestelauto. Het lijkt alsof iedereen een moment stilstaat bij alle coronadoden die de wereld nu zo bezighouden. Maar onze tante koos tot op het laatst haar eigen weg in het leven. Ze overleed zonder tussenkomst van het coronavirus.

We rijden in colonne de begraafplaats op en parkeren de auto’s achter elkaar in een lange rij. In de kringen waarin mijn tante bij leven vertoefde, horen bloemen niet bij een begrafenis. Mijn moeder en ik zijn burgerlijk ongehoorzaam en lopen met bescheiden bosjes tulpen achter de kist aan. Tante hield tenslotte wel veel van bloemen. Dat weten we allemaal van de trouwe ansichtkaarten die we altijd van haar kregen voor verjaardagen, huwelijken en andere hoogtijdagen. Naast uitgebreide verhalen over bloemen en bramen, bracht ze dan ook altijd haar rotsvaste geloof op ons over. De begrafenisondernemer gedoogt de bloemen en het is een mooie tocht over de idyllische begraafplaats. De zonovergoten bomen werpen hun schaduwen over de vele oude graven.

***

De grafkelder van mijn overgrootouders staat uitnodigend open. De wanden zijn zo prachtig wit, dat het tot me doordringt dat er schilders zijn die met hun hoofd hangend in grafkelders muurtjes witten. Want ze zullen er toch niet in gaan staan? Tantes kist wordt op twee stevige balkjes boven het graf gezet. De touwen waarmee mijn broers en neven de kist zullen laten zakken liggen klaar en worden door de handvatten gehaald. Na een Bijbeltekst en het uitspreken van het Onze Vader is het moment daar. De teraardebestelling zal plaatsvinden en tante zal net als haar voorouders tot stof wederkeren.

De begrafenisondernemer kijkt wat zorgelijk, wat goed past bij zijn kleding. Ook de technische neven aan beide zijden van de kist beginnen wat te schuifelen. Langzaam begint tot het gezelschap door te dringen dat de kist weleens te groot zou kunnen zijn voor de betonnen grafkelder. Tegen beter weten in, wagen ze toch een poging om tante te laten afdalen. Maar de handvatten van de kist maken al snel een schurend geluid tegen de witte wanden. Tante verrijst uit het graf en de balkjes worden teruggezet. Sinds het verscheiden van mijn overgrootouders zijn mensen en kisten waarschijnlijk in omvang toegenomen. Mijn tante zou echter prima in een kleinere kist hebben gepast. Maar misschien zijn kisten op maat niet praktisch voor begrafenisondernemers.

De begrafenisondernemer komt tot de slotsom dat we de plechtigheid op deze zeer ongebruikelijke en onbevredigende wijze zullen moeten afsluiten. Hij zal het voor ons oplossen en wij kunnen het beste richting auto’s gaan. Een tante werpt een zorgelijke blik op mijn moeder, dit kan toch niet zo. Mijn moeder vindt het echter wel wat voor haar zus en moet een beetje lachen om de rare situatie waarin we ons bevinden. Maar we zijn het er als familie in ieder geval unaniem over eens dat we onze vrijgezelle tante aan het einde van haar aardse bestaan niet alleen zullen achterlaten bij een paar wildvreemde mannen in pikzwarte kleren. Nee, we kwamen om haar ter aarde te bestellen en we blijven tot het einde.

***

Tante was creatief en wist altijd overal oplossingen voor te bedenken en die gave blijkt familiair te zijn. Een belrondje van de begrafenisondernemer levert het inzicht op dat de betonnen grafkelder vergroot moet worden. Het is ons duidelijk dat het tijd is voor praktische oplossingen. De begrafenisondernemer is niet bekend in het noordelijke uitvaartcircuit en kan daardoor niets ritselen of regelen. Hij heeft hulp nodig en laten wij daar nu net heel goed in zijn. Hij is aan mijn familie overgeleverd en ondergaat het gelaten.

Gelukkig vinden mijn overgrootouders hun rust al jaren ergens in een hoekje achteraf. Een grote eikenboom verhult de activiteiten die zich daaronder afspelen. Ondanks het mooie weer is het verder uitgestorven op de begraafplaats. Want Nederland heeft de opdracht zichzelf achter de eigen voordeur op te sluiten en we blijken een stuk plichtsgetrouwer dan we ooit hadden kunnen dromen. Het grootste deel van het gezelschap verspreidt zich over het kerkhof om daar diverse familieleden te bezoeken die het tijdelijke al eerder voor het eeuwige verwisselden.

Mijn broers verdwijnen naar hun auto’s en komen terug met gereedschap. De handvatten moeten van de kist af. En omdat de schroeven aan de binnenkant zitten, moet de kist weer open. En zo geschiede. We nemen de verantwoordelijkheid voor de teraardebestelling over van de begrafenisondernemer. Bij gebrek aan alternatieven ondergaat hij onze onverschrokken familiaire daadkracht lijdzaam. Tante is in de witte nevelen van een katoenen doek gehuld, doch duidelijk aanwezig. Om de schroeven van de handvatten te kunnen bereiken moet ze af en toe wat opschikken. Uiterst zorgzaam en eensgezind werken haar neven gestaag door. Met gezwinde spoed haalt mijn broer tussendoor een setje dopsleutels uit de auto, terwijl de anderen mijn tante trouw bewaken onder het toeziend oog van de begrafenisondernemer. De anderhalve meter regel van de regering is even ondergeschikt aan het doel van de dag. Het deksel van de kist ligt ondertussen geduldig bij de buren te wachten totdat de klus geklaard is.

***

Alle familiegraven zijn uitgebreid bezocht en herinneringen zijn opgehaald. In coronatijd heeft niemand haast en na weken thuis te hebben gezeten is het goed om elkaar weer te zien. We zijn gedempt lacherig van de vreemde situatie waarin we ons bevinden. Het is een zeer gedenkwaardige begrafenis geworden en tante zou alle aandacht en zorg vast mooi hebben gevonden. En mijn moeder met haar noordelijke nuchterheid is werkelijk niet van haar stuk te brengen. Ze loopt als een kievit over de begraafplaats, terwijl ze haar rolstoel voor lange afstanden heeft uitgeleend aan haar schoonzus. Hoe ver zouden de neven ondertussen met tantes teraardebestelling zijn?

De verantwoordelijkheid voor een waardig afscheid drukt op de technische mannen. Duidelijk is dat het gezelschap langzaam begint te naderen. Tante zal spoedig moeten afdalen. We weten allemaal dat er niemand zijns weegs zal gaan totdat die klus geklaard is. Mijn broer loopt ondertussen triomfantelijk rond met een paar afgeschroefde blankhouten handvatten in zijn hand. Nu wordt gemeten of het deksel ook past, maar die blijkt net iets te lang te zijn. Niemand heeft een zaag in de auto liggen en de gedachte aan zaaggeluiden op de begraafplaats spreekt ook niemand aan.

Besloten wordt om de kist eerst open in de kelder te laten zakken, want dat past in ieder geval. Daarna volgt dan het deksel. Tante wordt zorgvuldig bovenop haar grootouders geplaatst. Na rijp beraad wordt daarna eerst de smalle kant van het deksel naar beneden gelaten, dan volgt de brede kant. En die past inderdaad niet helemaal. Maar geen nood, wij zijn van de praktische oplossingen. En voordat iemand er erg in heeft, plaatst mijn broer zijn volle gewicht op het deksel. Een schurend en licht krakend geluid dient zich aan, maar….. de kist is potdicht en het deksel zit muurvast! Snel de schroeven met de houten bolletjes erin en de teraardebestelling is een feit. Missie geslaagd!

***

Net op tijd, het gezelschap nadert ras. De verboden bloemen plaatsen we in de bovenhoeken van de kist. Het ziet er helemaal keurig uit en aan niets is te zien wat zich hier heeft afgespeeld. We kunnen tante nu met een gerust hart achterlaten. De begrafenisondernemer vraagt of ze de bloemen straks bovenop het graf moeten leggen. Maar wij vinden dat tante nu wel genoeg heeft meegemaakt. En we willen het de arme man niet aandoen om straks ook nog ondersteboven in die grafkelder te moeten hangen om de bloemen eruit te vissen. De bloemen mogen dus mee begraven worden. Mijn broer zoekt ondertussen een bestemming voor de los geschroefde handvatten. Na overleg met de inmiddels gearriveerde grafdelvers wordt besloten om ze mee te begraven. Alle gereedschap wordt verzameld en we lopen eensgezind terug naar de auto’s.

Nog steeds heeft niemand haast. De tijd is gevlogen en staat tegelijkertijd stil. We praten op afstand en zijn dichterbij elkaar dan ooit. In de schaduw van de eikenboom is de rust wedergekeerd en het stof neergedaald. Omdat groepsbijeenkomsten verboden zijn, staan we bij de auto’s in de zon na te praten. Op minimaal anderhalve meter afstand van elkaar. Ook de begrafenisondernemer heeft er duidelijk behoefte aan om deze gebeurtenis samen met ons te verwerken. We komen samen tot de conclusie dat we tot op het laatst een bijzondere tante hadden, die de dingen op haar eigen manier deed. We kijken met een glimlach terug op een warm en stijlvol afscheid in coronatijd, dat niemand van ons ooit zal vergeten.

Lowine van Schuylenburg, Groningen

menu