Felix Huiskes bij zijn nieuwe stookketel in de oude rookruimte in café De Singelier.

Meesterschenker van café De Singelier in Groningen wil zijn eigen borrel en laat stookketel maken

Felix Huiskes bij zijn nieuwe stookketel in de oude rookruimte in café De Singelier. Foto: Duncan Wijting

Het spant erom wie meer glimt: de fonkelnieuwe stookketel of de trotse eigenaar daarvan Felix Huiskes. De meesterschenker wil zijn eigen drank kunnen schenken en extra beleving bieden in zijn café De Singelier in Groningen.

Een smal gangetje door, het hoekje om en we staan in de oude rookruimte van het café. Voortaan is het de stookruimte, glundert Huiskes. De stookketel die daarin staat is geheel naar zijn wens gemaakt, inclusief het unieke 75 litervat daarin. Grof geld legde hij ervoor neer, maar hij verwezenlijkte er een langgekoesterde wens mee.

Stamgasten deden het eerst af als ‘veredelde hobby’, zegt Huiskes lachend. „Maar toen ze de ketel echt zagen, was het wel ‘oké, het is toch een stuk indrukwekkender.’” De ketel moet een extra stukje beleving en reuring brengen, de ingrediënten komen uit de streek. De afgelopen jaren was het zelfgebrouwen speciaalbier helemaal in, de komende jaren wordt het sterke drank, voorspelt Huiskes.

Kroegleven

Daar heeft de man verstand van, blijkt uit de muur vol certificaten. Hij is een van de weinige kroegeigenaren die de oorkonde van meesterschenker verdienden. De Stichting Vakbekwaamheid Horeca erkent ermee dat hij veel kennis heeft van wijnen, bieren, koffies, sterke drank en cocktails.

Ja, Huiskes houdt van drank en de ambiance van een goede kroeg. Hij veert op wanneer de overleden journalist en columnist Simon Carmiggelt ter sprake komt, met de kroegverhalen en de ‘oude klare’ die de olie is van menig column. „De geheelonthouders hebben gelijk, maar alleen de drinkers weten waarom”, citeert hij lachend.

‘We fröbelen allemaal’

De passie van Huiskes ligt echter niet zozeer in de hoeveelheid, maar in de smaak. Niet voor niets reisde hij een jaar lang iedere week naar België voor zijn opleiding tot distillateur. Met zijn eigen mini-distilleerderij wil hij dan ook proeverijen, workshops en personeelsuitjes organiseren. „Als je bestaansrecht wilt hebben, moet je wat extra’s te bieden hebben.” Op termijn wil hij ook een ketel speciaal voor jenever.

Hij hoeft niet alleen van zijn stookketel te leven, zegt hij. Dat betekent ruimte voor experimenteren: „We fröbelen allemaal wat. Ik ga eerst bezig met gin en eau de vie.” Dat vindt hij nog best spannend. „Dan sta je daar alleen bij de ketel en komt het moment dat het gaat gebeuren.”

menu