Leerlingen op het Montessori Lyceum in Groningen hebben mondkapjes op bij het wisselen van lokaal.

Naar een middelbare school in coronatijd, waar alles anders is: 'Denk om je mondkapje!'

Leerlingen op het Montessori Lyceum in Groningen hebben mondkapjes op bij het wisselen van lokaal. Foto: Corné Sparidaens

,,Denk om je mondkapje!’’ zegt de conciërge tegen een leerling die door de gang loopt. De jongen grijpt in zijn zak en zet ’m snel op. Corona. Alles is anders op de middelbare school.

Bij de ingang van het Montessori Lyceum in Groningen staat een zeeppompje. Iedereen die de school binnenkomt desinfecteert zijn handen. Buitenstaanders moeten een formulier invullen en hun gegevens achterlaten. De vloeren en trappen zijn met geel-zwarte tape in tweeën gedeeld. Rode pijlen geven de looprichting aan en grote blauwe borden aan de muur waarschuwen: Houd 1,5 meter afstand!

Wat meteen opvalt, is dat de deuren en ramen van klaslokalen openstaan. ,,Onze ventilatie doet het goed’’, zegt rector Arno Moeijes van de school. ,,Maar dit zijn de landelijke voorschriften. Soms doen we de ramen even dicht om het lokaal weer op te warmen. Maar we hebben geluk: het is buiten nog steeds niet echt koud.’’

loading

Vier dagen op school, een dag thuis

Leerlingen op middelbare scholen mogen sinds de zomervakantie weer allemaal naar school. Maar alles anders. Zo krijgen op het Montessori dagelijks zo’n 1150 leerlingen les. Maar het is deels een oud gebouw met smalle gangen. Bij het wisselen van de lessen wurmden honderden leerlingen en leraren zich naar een ander lokaal. ,,Het was te druk. Daarom laten we sinds de herfstvakantie minder mensen toe. Leerlingen krijgen vier dagen per week op school les en een dag thuis. We noemen het verdunning en het scheelt per dag tussen de 180 en 280 leerlingen.’’

Leerlingen en docenten hebben zo meer ruimte. Leerlingen die thuiswerken − ook eersteklassers en examenleerlingen − moeten op de thuiswerkdag huiswerk maken. ,,We vertrouwen erop dat ze dat doen.’’

Docenten verlaten eerder de lokalen

Tijdens de wisseling van de lessen hebben leerlingen in de gangen allemaal een mondkapje op. Voordat leerlingen het lokaal verlaten, grabbelt bijna iedereen automatisch in zijn zak. ‘Waar is dat ding?’ Leerlingen die het vergeten, krijgen een seintje van hun klasgenoten of van de docent. ,,Mondkapje!’’ Als zij door de gang lopen, zie je nauwelijks leraren, want die hebben vijf minuten daarvoor het lokaal al verlaten.

,,Wij willen voorkomen dat jongeren en volwassenen samen door de gang lopen. Het moet besmettingen zoveel mogelijk tegengaan’’, zegt Moeijes. Jongeren worden gezien als een besmettingshaard. Ze kunnen het coronavirus onder de leden hebben zonder er veel van te merken, maar toch anderen besmetten.

‘Afstand houden lukt niet altijd’

Docent Peter Rutgers (39) geeft Frans. Hij is blij met de maatregel. ,,Ik heb een vader die kwetsbaar is, dus ik let goed op. Ik heb veel contacten. Ik reis met de trein naar school, ik zie collega’s en veel jongeren. Maar ik houd goed afstand en spreek leerlingen aan die zich niet aan de regels houden. Die snappen dat.’’

Maar als het aantal besmettingen weer oploopt, krijgen hij en zijn zijn collega’s het extra benauwd. ,,Vaak wil je aan het eind van de les met een leerling nog even wat bespreken en ga je later de klas uit dan zou moeten. Dan moet je toch door die drukke gangen en lukt afstand houden niet altijd.’’

Zijn werk is door corona flink veranderd. Leerlingen werken veel in groepen en zitten aan tafels bij elkaar. Rutgers: ,,Normaal gesproken beweeg ik voortdurend door de klas en loop ik langs de groepjes. Nu sta ik voorin, in mijn afgetapete vak, achter een spatscherm. Leerlingen achterin de klas moet ik voorin aansturen, dat is heel anders.’’

loading  

Incomplete klassen

Veel klassen zijn niet compleet. ,,Dan missen er zes leerlingen omdat eentje positief is getest, of omdat een gezinslid positief is en ze niet naar school mogen.’’

Zijn werk is zwaarder geworden. ,,Als een leerling afwezig is, moet je regelen hoe je contact houdt. Als ik een toets geef, moet ik voor afwezige leerlingen een andere maken. Soms breng ik een toets bij iemand thuis en maak ik afspraken met ouders over de afname. Soms neem ik een digitale toets af. Het is veel meer werk. Gelukkig is een aantal vergaderingen gecanceld, zodat we er meer tijd voor hebben.’’

Op het Montessori raakten sinds de zomervakantie achttien leerlingen (van de 1150) en twee medewerkers (van de 130) besmet. Dat valt nog mee, vindt rector Moeijes. Maar als leerlingen symptomen hebben of besmet zijn, zijn ze snel een tot twee weken afwezig. De vraag is of ze leerachterstanden oplopen. Moeijes: ,,Wij hebben net de eerste toetsweek gehad en nog niet alle cijfers zijn binnen. Docenten hebben individuele leerlingen die het moeilijk hebben wel in het vizier, maar we gaan ook na of een hele klas achterblijft of een hele jaarlaag. Haalden ze vorig jaar gemiddeld een 6,5 en nu een 5,1? Dan moeten we kijken waar het aan ligt. We maken ons wel zorgen over wiskunde. Daar moet je iets onder de knie hebben voor je een volgende stap kunt maken. We gaan onze parttime-docenten vragen extra uren te geven.’’


'Geen afstand, wel afstand'

,,Een dag per week thuiswerken is best fijn, want dan kan ik tot half negen uitslapen. Vervolgens kijk ik in Magister wat ik moet doen. Nadeel is dat ik thuis snel ben afgeleid. Ik zoek wat lekkers te eten... Ik zie op mijn mobiel of laptop een filmpje voorbijkomen... Er is zo weer een halfuur voorbij. Thuis hebben we een soort werkkamer gemaakt waar ik kan zitten. Mijn moeder werkt ook thuis en dat is wel gezellig.

Als ik iets niet weet, kan ik het haar vragen. Maar het liefst ga ik naar school. Docenten leggen toch beter uit en je ziet je vrienden. Digitale lessen, zoals we ze voor de zomervakantie kregen, zijn vaak kort en als de docent uitleg geeft, zit iedereen op zijn mobiel te kijken. Naar school is veel fijner, maar nu ook raar. Eerst moesten we allemaal anderhalve meter afstand houden en hadden we halve klassen. Nu hoeft dat niet meer en ik snap niet zo goed waarom.

Op school mag je met dertig leerlingen in een klas zitten, maar buiten mag je maar met zijn vieren op straat lopen. Dat mondkapje vind ik heel irritant. Je kunt niet goed ademen, hebt het snel benauwd en je bril beslaat.’’

Mare Castelijn (13), 2 tl/havo

 

'Thuiswerken is een uitrustdag'

,,Ik heb steeds een verschillende dag per week vrij; zo krijg je toch al je lessen. We werken met weektaken en op je dag thuis kun je daarmee aan de gang. Ik sta om 10, 11 uur op. Ontbijt en ga rond half 12 aan de slag tot uiterlijk 4 uur. Het is een soort uitrustdag. Ik werk niet zo hard als op school.

Thuis zit ik vaker op mijn mobiel, ik heb de tv aan of luister een muziekje. Ik ben best een brave leerling en doe wat ik moet doen. Ik was blij dat ik na de zomervakantie weer naar school kon met een docent die gewoon voor de klas staat. Je kunt naar hem toe, je stelt makkelijker een vraag. Digitaal doe je dat minder snel. Op school zie ik mijn vrienden. Tot augustus had ik sommigen bijna een halfjaar niet gezien.

Op 16 november was ik jarig, maar ik mocht geen feestje houden. Dus vierde ik dat een beetje op school en maakte er nog wat van. We vragen ons wel af hoe het met de eindexamens moet. Gaan ze door? Worden ze verspreid over meerdere dagen of krijgen we alleen examens voor de kernvakken Nederlands, Engels en wiskunde, en de rest met een schoolexamen? We weten het niet.’’

Lars Traas (16), 5 havo

menu