Het huis van William Moorlag in Winsum. FOTO DVHN

Moorlag: ‘Een Jodenkerk? In mijn huis?’

Het huis van William Moorlag in Winsum. FOTO DVHN

In Groningen, Appingedam en Winsum zijn op 4 mei woningen open waar Joodse families leefden. Op de Open Joodse Huizendag worden ze herdacht.

Nieuwsgierigheid

Toen William Moorlag in de Westerstraat in Winsum een keer zijn huis uit kwam met zijn hond, werd hij aangesproken door een voorbijganger. ,,Kom je met een hond uit de sjoel? Vroeger was dit een Jodenkerk’’, zei de fietser.

Het was een terloopse opmerking, maar de nieuwsgierigheid van Moorlag was gewekt. Een Jodenkerk? In zijn pas gekochte huis? Hij dook in de archieven en vond dat in zijn woning een huissynagoge was gevestigd. ,,In een koopakte van 1871 staat dat Jan Pieter Takens, scheepsbouwer en kerkvoogd van de Hervormde Kerk, het huis verkoopt aan een zadelmaker. Maar er werd een uitzondering gemaakt voor het gedeelte dat in gebruik was als synagoge van de Israëlitische Gemeente. Een kamer van ongeveer 30 vierkante meter.’’

In de huissynagoge werden diensten gehouden en joodse families uit de wijde regio (Bedum, Baflo, Eenrum, Leens, Ulrum en Warffum) maakten er gebruik van. Ze traden er in het huwelijk, vierden er bar mitswa’s en andere joodse feestdagen. ,,Probeer je eens voor te stellen’’, zegt Moorlag. ,,De hervormde Jan Pieter Takens zit aan zijn keukentafel en in de ruimte ernaast bidden en zingen de Joden. Meestal met veel lawaai. Twee geloven onder een dak. Toch ging dat blijkbaar goed.’’ De huissynagoge functioneerde waarschijnlijk zo’n dertig jaar tot er in 1879 een echte synagoge in Winsum kwam. Uit onderzoek van stichting Joodse Erfenis Winsum blijkt dat er waarschijnlijk 45 huwelijksceremonies hebben plaats gevonden.

loading

Open Joodse Huizendag

Moorlag (56) doet woensdag mee aan Open Joodse Huizendag. Hij stelt zijn huis open en vertelt samen met Herman Knorringa (84) uit Emmen over de synagoge en Koos de Vries, een van de Joodse inwoners van Winsum.

Knorringa is de neef van Koos de Vries en weet nog dat het een ‘rustige, kalme man was’. Knorringa woonde met zijn ouders in Uithuizen en ging regelmatig op bezoek in Winsum. De Vries was veehandelaar en slager, en verdiende later de kost met de verkoop van groente en fruit. De vrijgezel woonde samen met zijn twee ongetrouwde zusters Esther en Rosa. Rosa sterft in 1941 en is de laatste die wordt begraven op de Joodse begraafplaats in Winsum.

In de zomer van 1942 moet Koos naar een werkkamp in Diever. Hij stuurt nog een kaartje naar huis. ,,Alles is goed.’’ Maar in oktober wordt hij naar Kamp Westerbork gebracht, net als Esther. Ze zien elkaar niet meer. Al na een paar dagen gaat hij naar Auschwitz waar hij sterft in de gaskamers.

Vader Knorringa in Uithuizen wil net als zijn broer naar de Verenigde Staten emigreren, maar zijn vrouw wil bij de familie blijven. Als compromis verhuist het gezin naar Zuid-Holland. ,,Achter de waterlinie’’, zegt zoon Knorringa. ,,Mijn vader dacht daar veiliger te zijn dan in Noord-Groningen. Hij wilde zich niet op laten pakken. Hij zei: ‘Je kunt je beter dood laten schieten dan dat je achter het prikkeldraad komt’. Hij wist wat er in de kampen gebeurde.’’ Zijn inschatting bleek een goede. Het gezin dook in Oegstgeest bijna drie jaar onder en overleefde de oorlog.

Knorringa is blij met de Open Joodse Huizendag. ,,Na de oorlog was het: we moeten verder. We hebben geluk gehad en we leven nog. Families spraken niet meer in detail over de oorlog.’’ Nu is het opener geworden. ,,De emoties zijn weggeëbd. Nu moeten we er over vertellen zodat het verleden blijft bestaan.’’

loading

menu