Hij deed het altijd zo, want anders moest-ie helemaal om. Dan parkeerde hij zijn auto half op de stoep, half op het fietspad, een stapel kranten ophalen en dan weer door. De scooterrijder heeft hij nooit gezien.

De scooterrijder was er wel. Het was Boelo Dijk. Hij overleed een paar dagen later in het ziekenhuis aan de verwondingen. Boelo Dijk werd 68 jaar.

De bestuurder van de auto is de 73-jarige J. van der V. uit Groningen. Op 25 mei 2018, om kwart over vier in de middag, rijdt hij met auto en aanhanger over de Eendrachtskade Noordzijde. Van der V. bezorgt het NRC Handelsblad en moet zo’n vijftig exemplaren halen uit het depot aan de Willem Barentzstraat.

Iedereen doet het zo

Die straat mag je vanaf de Eendrachtskade niet inrijden. Daarom parkeert Van der V. de auto altijd langs het fietspad, half op de stoep. Nee, dat mag niet, dat weet hij ook wel. Maar iedereen doet dat zo, zegt advocaat Duco Keuning die er vorige week een tijdje heeft staan kijken. ,,Ik zag een auto van PostNL precies hetzelfde doen. En al die busjes die tegenwoordig pakketjes bezorgen.’’

Beroerde verkeerssituatie

De situatie ter plaatse is onoverzichtelijk, ook door de tussen de rijbaan en het fietspad geparkeerde auto’s. ,,Er is sprake van een beroerde verkeerssituatie’, zegt de advocaat. ,,En het gaat daar dag in en dag uit zo.’’

Van der V. knikt. ,,Ik zag wel een fietser aan komen rijden, maar de man op de scooter heb ik niet gezien.’’

In de rechtszaal is de wegenverkeerswet op dit punt helder als glas: wie niet ziet wat er wel is, kijkt niet goed uit. En Boelo Dijk was er wel. Reed hij misschien te hard op zijn scooter? Onderzoek heeft dat niet kunnen achterhalen. Hij droeg geen helm, maar dat hoefde ook niet.

Schuldig aan de dood

Volgens de officier van justitie heeft Van der V. niet alleen geen voorrang verleend, maar heeft hij een reeks aan verkeersfouten gemaakt en dat valt hem te verwijten. En daarmee is hij schuldig aan de dood van Boelo Dijk. De rekening: een taakstraf van 180 uur en zes maanden het rijbewijs kwijt.

Advocaat Keuning vindt dat de te zwaar aangezet. ,,Mijn client heeft een beoordelingsfout gemaakt. Daar past niet zo’n zware strafeis bij.’’ Van der V. knikt opnieuw. Hij bezorgt nog steeds kranten, maar nu in de ochtend. ,,Ik ben mijn rijbewijs wel nodig.’’

Dertig maanden geleden

Bij het bepalen van de strafeis heeft de officier van justitie in het voordeel van de verdachte rekening gehouden met het feit dat het ongeluk dertig maanden geleden plaatshad en nu pas aan de rechtbank wordt voorgelegd.

De uitspraak is op 22 december.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
Rechtbank