Tineke Raap en Harm Vos van de stichting Mijn en Dijn Belang bij de zoutcaverne aan de Ontsluitingsweg in de buurtschap Tranendal bij Winschoten. Deze caverne moet worden afgesloten maar het zoutbedrijf heeft geen idee hoe dat het beste kan.

Onder Winschoten en Veendam wordt volop zout gewonnen. Zijn de de zoutcavernes na de gasbevingen het volgende hoofdpijndossier in Groningen? Bewoners zijn bezorgd over de veiligheid

Tineke Raap en Harm Vos van de stichting Mijn en Dijn Belang bij de zoutcaverne aan de Ontsluitingsweg in de buurtschap Tranendal bij Winschoten. Deze caverne moet worden afgesloten maar het zoutbedrijf heeft geen idee hoe dat het beste kan. Foto: Huisman Media

In Nederland halen zoutbedrijven jaarlijks 7 miljoen ton zout uit de bodem van Overijssel, Groningen en Friesland. Ondanks twijfel van staatswege over de veiligheid geeft Den Haag nieuwe zoutwinningsvergunningen af. Hoe veilig is wonen boven een zoutcaverne?

Nederlands zout wordt gewonnen uit ondergrondse cavernes, grote holle ruimtes in uiteenlopende soorten en maten, maar vaak van duizelingwekkende grootte. Onder Twente liggen honderden zoutcavernes ter grootte van voetbalstadions, bij Winschoten wordt zout gedolven uit diepe cilindervormige putten waarin met gemak drie gestapelde Eiffeltorens zouden passen.

loading  

De zoutindustrie ligt onder de loep: in zijn jaarplan waarschuwt het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) voor de gebrekkige veiligheidscultuur binnen de zoutsector. Het SodM is bezorgd over de enorme ondergrondse cavernes onder bebouwd gebied, op lange termijn kunnen deze onveilig zijn. Intussen geeft het Ministerie van Economische Zaken doodleuk nieuwe zoutwinningsvergunningen af en legt het de bewijslast bij de bewoners in geval van schadeclaims. Dit alles tegen het advies van SodM in. Omwonenden zijn boos: „Ik voel me een proefkonijn voor de mijnbouw.”

Bodem onder Heiligerlee is een gatenkaas

Jarenlang werd omwonenden voorgehouden dat zoutwinning volstrekt veilig was, tot het in 1991 flink misging bij Hengelo. Bij een boerderij ontstond ineens een gigantisch sinkhole (een groot diep gat) waarna de woning op slag onbewoonbaar was. Buurtbewoners spraken over bomen die tot aan de kruin wegzakten in de aarde. Wonder boven wonder vielen er geen slachtoffers.

Het is toch niet meer van deze tijd? Cavernes aanleggen in de achtertuin van de bewoners hier

loading  

Sinds het sinkhole in Hengelo is de onrust in zoutwinningsgebieden toegenomen. Zeker de laatste jaren in Groningen, met de gaswinningsellende in het achterhoofd. Juist hier liggen de grootste, hoogste ondergrondse cavernes van Nederland. Onder de huizen en boerderijen van Heiligerlee (‘Winschoten-west’) bevinden zich in totaal twaalf van die zoutgrotten. „Een gatenkaas”, typeert een van de bewoners de bodemgesteldheid.

In zeven van deze zoutputten vindt nog zoutwinning plaats. De eigenaar van de cavernes is Nouryon Salt (voorheen Akzo Nobel), een bedrijf dat sinds 2018 in handen is van investeringsmaatschappij Carlyle. Na zestig jaar zoutwinning raken de cavernes leeg, daarom heeft Nouryon plannen voor uitbreiding van de zoutwinning op vijf nieuwe locaties in de omgeving.

Af en toe rommelt de aarde

Harm Vos woont in het Lanengebied in Winschoten, waar de meeste cavernes liggen. Op circa 30 meter van zijn huis zijn plannen voor een nieuwe put. Hij is fel tegenstander van uitbreiding. „Dat is toch niet meer van deze tijd? Cavernes aanleggen in de achtertuin van de bewoners hier.”

loading  

Vos raakte in 2004 betrokken bij de gevolgen van de zoutwinning, omdat ook toen vlakbij zijn huis een zoutput werd aangelegd. „Veiligheidsissues kwamen nog absoluut niet bij mij op, het was puur een landschappelijke kwestie. Totdat er vanaf 2010 scheuren in de muren ontstonden.” Hij en zijn buren horen de aarde af en toe „rommelen”. Een buurtbewoonster die pal tegenover een zoutlocatie woont heeft op haar schoorsteenmantel een spiegel staan, met een vaas er vlak voor. Zodra er een trilling is hoort ze gerinkel.

loading  

Nouryon geeft aan dat tot dusver geen bewijzen zijn voor schade door zoutwinning. Wel legde het bedrijf samen met het KNMI in 2018 uit voorzorg een seismisch meetnetwerk aan, om trillingen in kaart te brengen. Uit recente metingen blijkt dat er vaker dan verwacht seismische activiteit gemeten wordt in de nabijheid van twee cavernes. De trillingen zelf geven geen schade, zo geeft ook het Staatstoezicht op de Mijnen aan, maar kunnen wel iets zeggen over de stabiliteit van een caverne.

De toezichthouder heeft naar aanleiding van de toenemende ondergrondse activiteit een gedetailleerd rapport van het zoutbedrijf gevraagd over wat deze trillingen zeggen over de stabiliteit van het cavernesysteem. Dit rapport is aangeleverd en ligt momenteel bij SodM.

Een causaal verband tussen zoutwinning en schade aan huizen is lastig vast te stellen. Bodemdaling wordt bijvoorbeeld ook veroorzaakt door het grondwaterpeil en gaswinning in het gebied. Daarom pleiten inwoners en de gemeente voor het omkeren van de bewijslast, zoals dit ook geldt voor schade veroorzaakt door de gaswinning. Ook SodM adviseert het kabinet om in ieder geval op plaatsen in Nederland waar meerdere ondergrondse activiteiten tegelijk plaatsvinden de bewijslast om te keren. Het kabinet, dat werkt aan één landelijk schadeloket voor alle mijnbouwactiviteiten, voelt hier weinig voor.

Belangengroep wil van alles, maar bovenal veiligheid

Beschadigde huizen, geluidsoverlast en gebrek aan transparantie vanuit Nouryon beginnen steeds meer inwoners dwars te zitten. Na de knullig verlopen informatiebijeenkomst in 2018 van Nouryon over uitbreiding met nog eens zes cavernes is voor Vos de maat vol. Hij slaat met enkele andere inwoners de handen ineen. Zij richten de stichting Mijn en Dijn Belang op, om de belangen van inwoners te behartigen. De stichting heeft zich inmiddels volledig vastgebeten in het zoutdossier. Het doel: meer transparantie, vertrouwen, een gedegen schadeafhandeling, maar boven alles veiligheid.

Aan een grote tafel, bezaaid met multomappen, bodemkaarten en plattegronden van de cavernes in de omgeving, laat de club zien wat hen zorgen baart. Vos pakt de plattegrond van de huidige cavernes in Winschoten erbij. Er staan cirkels die de noodzakelijke veiligheidsmarges aangeven, deze zouden elkaar volgens hem niet mogen raken. Maar dat is wel het geval. Op de kaart is goed te zien dat de hartafstand in een aantal gevallen nauwelijks 200 meter bedraagt, terwijl in een bijlage van het oorspronkelijke winningsplan een minimum van 500 meter als veilige afstand wordt beschouwd.

loading  

Staatstoezicht op de Mijnen geeft aan dat in de jaren 70 inderdaad criteria zijn vastgelegd waarin is bepaald dat de afstand van middenpunt tot middenpunt groter dan 250 meter moet zijn. Volgens SodM is uit nieuwe studies echter gebleken dat een kleinere onderlinge afstand ook veilig is. Wel geeft SodM geeft aan dat tenminste één caverne in Heiligerlee op lange termijn een gevaar kan vormen voor omwonenden. Hiernaar wordt meer onderzoek gedaan.

De belangenbehartigers zijn er niet gerust op en onderbouwen hun argumenten met verschillende rapportages en documenten die zij in de afgelopen twee jaar verzameld hebben. Vos: „We boren in iets waar we nog nooit geweest zijn en waarvan we geen idee hebben hoe het uitziet. De cowboys van Nouryon zijn aan iets begonnen, waarvan ze niet weten hoe het afloopt en dat gebeurt onder onze voeten.”

Nouryon herkent zich niet in dit beeld. „Wij houden ons aan de minimumafstand tussen cavernes. Bovendien weten wij dankzij bodemonderzoek en meer dan 60 jaar ervaring in het gebied heel goed hoe de bodem eruitziet.”

In juni van dit jaar verlengde Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) echter het verscherpte toezicht op Nouryon, onder andere vanwege ‘onvoldoende begrip van de complexiteit van de mijnbouwkundige projecten en de omvang van de risico’s, en daaruit voortvloeiend, onvoldoende besef van urgentie’.

Zou er ook een lokaal lek kunnen ontstaan?

Niet alleen Nouryon ligt onder een vergrootglas. Ook op de andere zoutwinningsbedrijven in Nederland ziet SodM scherp toe. Dat was in het verleden niet altijd het geval. Pas in 2016 krijgt de toezichthouder meer aandacht voor veiligheid in de zoutsector. Directe aanleiding was een reeks pijplekkages in Twente, in bezit van Nouryon. Ook stelde het bedrijf het opruimen van oude zoutcavernes te lang uit. Hierop volgde het verscherpte toezicht.

De lekkages zijn inmiddels onder controle en oude leidingen zijn gesaneerd, maar net als andere zoutbedrijven in Nederland weet Nouryon niet hoe de oude putten op een veilige manier achtergelaten kunnen worden. Ingediende sluitingsplannen zijn tot dusver niet goedgekeurd. Het verscherpte toezicht is dan ook voor het vierde jaar op een rij verlengd, hoewel SodM nu liever spreekt over een ‘verbetertraject’.

loading  

Gerco Hoedeman, inspecteur van SodM: „Eigenlijk is tot 2017 aangenomen dat het veilig was om een oude put af te sluiten met een cementplug and that’s it . Na afsluiting neemt de druk in de achterblijvende pekel (zeer zout water) steeds verder toe. Dit gebeurt enerzijds doordat de pekel opwarmt en anderzijds doordat het omliggende zout langzaam naar de caverne toekruipt. Op een gegeven moment wordt de pekeldruk net zo hoog als de krachten die het gesteente bij elkaar houden. De grote vraag is: wat gebeurt er dan? Zou er ook een grotere scheur of een lokaal lek kunnen ontstaan?”

In Veendam verdween in 2018 al 100 miljoen liter pekelwater in de bodem

De toezichthouder besloot deze aanname beter te onderzoeken. Dit onderzoek werd in april 2018 al ingehaald door de praktijk. Bij het magnesiumzoutbedrijf Nedmag in Veendam lekte 100 miljoen liter pekelwater en mogelijk honderdduizenden liters dieselolie weg in de ondergrond door een scheur in het dak van de caverne, de exacte hoeveelheid is onbekend. Nedmag heeft geen idee waar de pekel en dieselolie gebleven is. De gevolgen voor mens en milieu zijn onbekend.

De grote lekkage deed de alarmbellen afgaan bij de toezichthouder: ‘kan dit ook gebeuren bij de zoutcavernes in Heiligerlee?’ Inmiddels is gebleken dat afsluiten met cementplug ongewenste en niet eerder voorziene effecten kan hebben. Op advies van Staatstoezicht staat het ministerie van Economische Zaken daarom uitbreiding van nieuwe putten in de omgeving van Winschoten niet toe, zolang er geen inzicht en geen plan is over hoe de oude cavernes veilig kunnen worden afgesloten.

Deze verplichte afsluitingsplannen zijn er nog steeds niet, ondanks de aanmaningen van de toezichthouder. Loopt Nouryon achter de feiten aan?

Robert Jan Poppen, Plant Manager Salt in Groningen reageert: „Dat zou ik niet zo willen zeggen. Wat je ziet is dat de techniek en inzichten snel voortschrijden. Waar we nu veel tijd instoppen is in het bestuderen van de ondergrond. Wat gebeurt er precies en hoe kunnen wij vervolgens de afsluiting op een juiste manier vormgeven? Wij staan voor de uitdaging dat zo’n put 10.000 jaar stabiel blijft, dat is nogal een opgave.”

Behalve de ‘probleemputten’ in Heiligerlee zijn er op dit moment nog ruim veertig potentieel instabiele cavernes in Twente. In een gebied waar zich cruciale infrastructuur en hoogspanningskabels bevinden. Als deze putten zouden instorten kan dit tot grote bodemdaling leiden of enorme sinkholes veroorzaken. Dit zou al in de periode 2020-2025 een mogelijk gevaar kunnen zijn, constateerde Nouryon zelf al in 2015.

Op aandringen van SodM is er daarom door Nouryon een seismisch meetsysteem ingevoerd, dat waarschuwt wanneer er brokstukken naar beneden vallen. Daarnaast worden deze veertig putten door het zoutbedrijf opgevuld met reststoffen van de winning, zoals steenresten en gips. Dit vullen gaat volgens de toezichthouder nooit snel genoeg, omdat vullen enkel zo snel kan als het leeghalen. Er is niet genoeg restmateriaal. Alternatieve vulstoffen, zoals vliegas dat vrijkomt bij afvalverbranding, kunnen een oplossing bieden. Hiervoor is echter geen draagvlak in Twente. Mede daardoor gaat stabiliseren van deze cavernes tergend langzaam.

Gebrekkige veiligheidscultuur in de gehele zoutsector

Door het gebrek aan voortgang bij het indammen van de veiligheidsrisico’s voelen inwoners in zoutwinningsgebieden zich niet serieus genomen. Dit gevoel wordt versterkt doordat SodM in het jaarplan 2020 de ‘gebrekkige veiligheidscultuur en het veiligheidsbesef in de gehele zoutsector als een van de grootste risico’s van zoutwinning’ noemt. Plant manager Poppen weerspreekt de kritiek. „Bij ons is veiligheid een basisprincipe. Als leidinggevende wil ik niet verantwoordelijk zijn voor onveilige situaties of een onveilige situaties creëren.”

Wil dat zeggen dat het verscherpte toezicht onterecht is? „Kijk, het is niet iets waar je voor kiest. Het Staatstoezicht is erg kritisch, maar dat hoort ook de rol van een toezichthouder te zijn. Dat kan lastig zijn, maar het geeft ons ook de kans om aan te tonen dat we ons uiterste best doen om veilig te werken.”

loading  

Hoofd Zoutwinning van SodM Ronald van Steveninck geeft aan dat er inmiddels stappen zijn gemaakt, maar blijft kritisch: „We zien op bepaalde punten dat ons toezicht helpt om aandacht in de goede richting te leiden, maar het kan altijd beter. Het gaat daarbij niet alleen om de risico’s van vandaag en morgen, maar om de toekomst van de kinderen van onze kinderen te waarborgen. De eerste stap, eerlijk en transparant zijn, dat kost soms tijd. Die stap is nu gezet. De uitdaging is vervolgens het treffen van de juiste beheersmaatregelen. Die bal ligt bij het management van de zoutbedrijven zelf. Zij moeten voldoende budget en deskundigheid vrijmaken om de veiligheid te garanderen.”

Juist dat is wat de bewoners van Heiligerlee zorgen baart. De verantwoordelijkheid voor hun veiligheid ligt bij de zoutbedrijven zelf, terwijl jaar in jaar uit kritiek wordt geleverd door de toezichthouder op het veiligheidsbesef, mede doordat inspecteurs van SodM ervaren dat de balans tussen productie en veiligheid in de praktijk te sterk naar de kant van de productie doorslaat. Hier bovenop komt dat de aanbevelingen die zijn gedaan door SodM met betrekking tot veiligheid en schadeafhandeling niet worden overgenomen door het ministerie van Economische Zaken.

Harm Vos: „Als bewoners zijn we misschien te snel bezorgd en bang, maar mijnbouwers denken al snel dat het goed genoeg is. Het is een klein wereldje dat wordt opgeleid en gevoed door NAM, Shell en Esso. Ook het ministerie denkt alleen in economische termen. Ze staan niet stil bij wat er boven de grond gebeurt. Ondertussen zijn wij, de bewoners, proefkonijnen.”

menu