Ontslag RUG-hoogleraar Joost Herman definitief

Academiegebouw Rijksuniversiteit Groningen Foto Frits Poelman

Het ontslag van oud-hoogleraar Joost Herman van de Rijksuniversiteit Groningen is door het hoger gerechtshof in Leeuwarden bekrachtigd. Bestuursvoorzitter Jouke de Vries zei dit vandaag tijdens de Universiteitsraad.

Het College van Bestuur ontsloeg de gerenommeerde hoogleraar van de Faculteit der Letteren in mei dit jaar, omdat hij zonder toestemming van de universiteit een stichting oprichtte waardoor deze 1,2 miljoen euro mis zou zijn gelopen. Herman ontkent niet dat hij met de oprichting van de stichting een fout maakte, maar ontkent dat dit geld niet juist is besteed.

De Vrije Student: handelwijze universiteit bij ontslag Herman ‘stuitend’

Het ontslag leidde tot verzet onder collega’s en oud-studenten. David Jan Meijer van de fractie De Vrije Student noemde de handelwijze van de universiteit ‘stuitend’. Hij zei dit donderdag in de Universiteitsraad die onder meer het nieuwe integrititeitsbeleid behandelde.

Meijer: ,,De proceshouding van de RUG in dit College is namelijk stuitend. In plaats van de integere werkwijze, waarin men begint met een gesprek bij twijfel over de gang van zaken, springt men met de hak op de tak met een ontslag op staande voet en een persberichtenoffensief. Om vervolgens door te drammen met het blokkeren van dossiers en kantoorruimten, tot het frustreren van een ziektewetuitkering aan toe. Dat terwijl de bedrijfsarts van de RUG de lezing van de heer Herman heeft bevestigd. Is dit een werkwijze die ook onder het nieuwe integriteitsbeleid zal plaatsvinden?’’

Hij vraagt zich hardop af waarom het bestuur voor deze weg koos. ,,Ook hier zijn weer eenvoudige en dus geruststellende verklaringen denkbaar. Bijvoorbeeld een College van Bestuur dat vanwege twee recente schandalen – de corruptiezaak rondom het hoofd van de technische dienst in 2016 en de onterechte financiering van het mislukte Yantai-avontuur met publieke middelen – al op voorhand ‘scherp stond afgesteld’. De simpele conclusie luidt dan: hoogleraar Herman had domme pech, toen hij zijn tijdelijke stichting te laat bij Letteren probeerde onder te brengen.

Bestuursvoorzitter Jouke de Vries wilde niet inhoudelijk op de kwestie ingaan, maar verwees naar de uitspraak van het gerechtshof waar het hoger beroep van Herman tegen zijn ontslag diende en vertelde dat de RUG in het gelijk is gesteld.

Waarom leidde de oprichting van een stichting tot het ontslag van een hoogleraar?

Herman richtte in 2014 de Stichting NOHA Groningen op, genoemd naar het internationale opleidingsprogramma Network On Humanitarian Action. Deze opleiding voor humanitaire dienstverlening bij rampen wordt ook op andere, buitenlandse universiteiten aangeboden. Europa subsidieert deze opleiding en de stichting NOHA Brussel zorgt dat dit bij de deelnemende universiteiten terechtkomt.

Herman wilde met zijn stichting de in zijn ogen hinderlijke bureaucratie van de RUG omzeilen en voorkomen dat het geld door de faculteit voor het oplossen van de eigen tekorten zou worden gebruikt. Tot de oprichting van de stichting ging een deel van de financiering van extra activiteiten van studenten via de RUG die deze vervolgens op aangeven van Herman liet besteden. Nu fungeerde zijn stichting als tussenstation.

De universiteit deed aangifte van subsidiefraude en valsheid in geschrifte.

menu