Een familiepicknick op ruim anderhalve meter afstand.

Operatie familiebezoek: hoe ik na vier maanden corona mijn Brabantse moeder en broers weer zag

Een familiepicknick op ruim anderhalve meter afstand. Foto: Trudy Lakeman

Ping! Een berichtje van mijn schoonzus in de familieappgroep: Center Parcs blijft tot en met 19 mei gesloten. Het nieuws waarvan we wisten dat het zou komen. Daar gaat ons familieweekend, terwijl het maanden geleden is dat we elkaar voor het laatst hebben gezien. Kan het niet toch op een veilige manier? Operatie familiebezoek is gestart.

Dit is mijn familie: mijn ouders wonen in het Brabantse Berghem, hartje coronagebied. Mijn stiefvader herstelt langzaam van wat bijna zeker een coronabesmetting is geweest. Als 70-plusser en suikerpatiënt met hartproblemen valt hij in de categorie ‘kwetsbare ouderen’. Mijn moeder loopt tegen de zeventig en is kerngezond.

Mijn oudste broer woont met zijn vrouw en zoontjes van 2,5 en 5 in Breda, mijn andere broer pendelt tussen zijn huis in Utrecht en dat van zijn vriendin met dochter van 7 in Raamsdonkveer. Ik woon met mijn vriend in Groningen. Elkaar zien is altijd al een puzzel, maar nu in coronatijd helemaal. Toch willen we het proberen: ik heb mijn moeder en jongste broer in januari voor het laatst gezien, mijn grote broer met kerst. We missen elkaar.

Wens of noodzaak?

Onze wens om elkaar te zien botst met de mantra van het kabinet Rutte III: blijf zoveel mogelijk thuis. Tegelijkertijd klonk de afgelopen weken een stemmetje in mijn hoofd steeds dwingender: ik wil naar mijn moeder toe.

Wanneer wordt een wens een noodzaak?

De Groningse gedragspsycholoog Pontus Leander, initiator van een wereldwijd onderzoek naar de psychische gevolgen van corona, is er helder over: ,,Onze behoefte aan sociaal contact is fundamenteel, heel sterk en valt niet te ontkennen.”

Sociaal psycholoog Luzia Heu, die onderzoek naar eenzaamheid doet aan de Rijksuniversiteit Groningen, onderschrijft dat. ,,Als je je belangrijkste relaties – zoals met je moeder – niet kunt onderhouden, kan dat een gevoel van eenzaamheid en verdriet creëren. We weten uit onderzoek dat sociale media als WhatsApp kunnen helpen om contacten in stand te houden, maar het blijkt de behoefte om elkaar in het echt te zien niet compleet te kunnen vervangen.’’

Bovendien: sinds 12 mei zijn de corona-maatregelen versoepeld. Basisscholen, kappers en bibliotheken zijn weer open. Buitensporten op 1,5 meter mag weer. De heropening van horeca en musea komt eraan. Dan moeten wij elkaar toch ook ‘coronaproof’ kunnen zien? Maar hoe?

Een 1,5-meterpicknick

Bij een van ons thuis afspreken is verreweg het eenvoudigst. Het kabinet heeft een oproep gedaan om niet meer dan drie mensen tegelijk te ontvangen, maar een gebod is dat niet. 1,5 meter afstand houden met tien man in een rijtjeshuis met een tuintje is echter een uitdaging. Een uitdaging die mijn ouders niet aandurven.

Daar hebben ze gelijk in, zegt viroloog Coretta Van Leer. ,,Van de coronapatiënten van wie we weten hoe ze het virus hebben opgelopen, lijkt het erop dat dat steeds binnen is gebeurd. Thuis, op het werk, in de kroeg, op de sportclub. Ik heb nog niet gehoord dat iemand het in het park heeft opgelopen. Buiten is de plek waar je wél met elkaar kunt afspreken.’’

Dus besluiten we de natuur op te zoeken. Ons oog valt op natuurpark de Loonse en Drunense duinen. Als we daar gaan wandelen en picknicken is er meer dan genoeg ruimte. Om andere weekendbezoekers te mijden, spreken we zondagochtend om 10.00 uur af; lekker vroeg. Om besmetting te voorkomen, nemen we bovendien allemaal ons eigen eten mee. Goed en veilig geregeld, denken we.

Illegale samenscholing of legale groepsvorming?

Totdat we drie dagen voor ons geplande uitje de Volkskrant openslaan. Daarin staat een verhaal over de grote onduidelijkheid over wat wel en niet mag volgens de corona-verordening, de lijst met regels waar we ons volgens het kabinet aan moeten houden en waarop de veiligheidsregio’s controleren. Vooral wanneer sprake is van een verboden samenkomst, is vaag. Is onze 1,5-meterpicknick nu legaal of illegaal?

Jan Brouwer, hoogleraar Recht en samenleving aan de Rijksuniversiteit Groningen, snapt de verwarring. ,,Het verbod op samenkomsten in artikel 1 van de noodverordening staat haaks op artikel 2. Daarin staat dat het vormen van een groep is toegestaan, mits je je onderling maar aan de 1,5-meterafstandseis houdt. Maar wat is dan het verschil tussen een samenkomst en een groep?’’

Wat betekent dat voor ons familie-uitje? Volgens de website van de politie is buiten sporten en bewegen toegestaan. Zolang we wandelen is er niks aan de hand. Maar zodra we pauzeren, zijn we een verboden samenscholing en daarmee strafbaar. Brouwer: ,,Behalve als jullie zeggen dat je elkaar toevallig tegen bent gekomen, dan zijn jullie een groep.’’

Volgens de hoogleraar is de kans dat een eventuele boete stand houdt voor de rechter klein. ,,Deze strafbepaling dient zorgvuldiger te worden geformuleerd. Daarvoor is deze kwestie veel te belangrijk.’’

Toch nemen we liever geen risico. We besluiten om als we pauzeren ons in groepjes op te splitsen.

Laatste hobbel: vervoer

Alles in kannen en kruiken, op één ding na: ik moet nog van Groningen in Brabant komen, en ik heb geen auto. Normaal ben ik een fervente treinreiziger maar sinds de lockdown ben ik Groningen niet uit geweest, behalve op de fiets als de stadse horizon me te beperkt werd.

Voor het eerst in weken open ik nu de reisplanner van NS. Het eerste wat me tegemoet knalt is een rode balk met de tekst ‘Reis alleen met de trein als het echt moet!’ Maar wat is echt moeten? Een woordvoerder van de NS: ,,Dat moet iedere reiziger voor zichzelf bepalen. Heb je een vitaal beroep? Ben je afhankelijk van de trein? We zeggen niet: je mag de trein niet in, we zeggen: maak een zorgvuldige afweging.’’

Dus ga ik, buiten de spits, dat wel.

Voor het laatste stukje van mijn reis reserveer ik een deelauto van Greenwheels op station Den Bosch. Want meerijden met mijn familie, dat kan ook niet: volgens de website van de politie is het strafbaar om met drie personen of meer in een auto te zitten als je niet uit hetzelfde gezin komt. Doe je het toch, dan kan dat een boete opleveren van 390 euro per persoon, en een aantekening op je strafblad. Dat wil ik niemand aandoen.

loading

Een enorm gevoel van vrijheid

En zo ga ik op weg, inclusief corona-uitrusting: een doos mondkapjes voor het geval iedereen in het openbaar vervoer die al draagt, desinfecterende doekjes voor de Greenwheelsauto en desinfecterende handgel voor alles wat ik aanraak in de trein.

Het begin van de reis is onwerkelijk. Vanwege werkzaamheden aan het spoor is er van Groningen tot Assen alternatief vervoer. De bus hangt vol afzetlint. Je mag alleen aan de raamkant zitten, voor, achter en naast je mogen geen mensen zitten. In de enorme touringcar passen niet meer dan elf mensen, normaal zijn dat er tientallen.

loading

In de trein is ogenschijnlijk alles hetzelfde als anders; alleen groene stickers op het raam op de plekken waar je mag zitten, wijzen op corona. Wat wel gek is, is om de coupé helemaal voor jezelf te hebben.

Eenmaal onderweg bekruipt me langzaam maar zeker een ongekend gevoel van vrijheid: Groningen laat ik achter me, het landschap schiet aan me voorbij, ik ben op pad! Op naar Brabant. Ik had me niet gerealiseerd hoe opgesloten ik me de afgelopen weken heb gevoeld.

Ook dat heeft te maken met een diepe psychologische behoefte, legt Pontus Leander uit: ,,Net als onze behoefte aan verbondenheid, is onze behoefte aan autonomie een heel wezenlijke. Deze pandemie en de reactie van de overheid en de samenleving op het virus grijpen daar diep op in. Het is een van de belangrijke vragen uit ons onderzoek hoe we met dat conflict omgaan.’’

loading

Allemaal een elleboog

Daar staan we dan, na maanden oog in oog op de parkeerplaats bij de Rustende Jager in Biezenmortel. Even is het ongemakkelijk. Hoe zeg je elkaar gedag als je elkaar niet mag zoenen of omhelzen? Mijn neefjes hebben de oplossing, die zijn de afgelopen week getraind op school: ze rennen op me af en geven me een elleboog. Dat voorbeeld volgen we maar.

Daarna gaat het in ganzenpas het bos in, keurig op anderhalve meter achter elkaar. We wandelen, we kletsen en in het duingebied gaan de kinderen los: ze stuiven door het zand. Als we pauzeren, zorgen we dat we ver uit elkaar blijven. Niet dat er in de verste verte een ambtenaar in de buurt is. Er komen alleen af en toe wat wandelaars of hardlopers langs.

Alles lijkt bijna normaal. Totdat mijn jongste neefje in volle vaart op oma afholt om haar te omhelzen. Dan roept zijn grote broer: ,,Afstand houden, afstand houden!”

Dat zit er al diep in.

loading

De social distancing generatie

Wat betekent het voor kinderen om op te groeien in een wereld waarin je je grootouders niet meer spontaan een knuffel kunt geven? Luzia Heu: ,,In onze cultuur is het gebruikelijk om elkaar aan te kunnen raken, maar gebruiken kunnen veranderen. Aanraken is echter ook een heel belangrijke manier om affectie te tonen. Of kinderen iets mislopen als ze opgroeien in een samenleving die veel afstandelijker is, weten we nog niet.”

Pontus Leander: ,,Groeien onze kinderen op als de social distancing generatie? Dat hangt af van hoe het virus zich ontwikkelt, maar het zou heel goed kunnen. Elkaar aanraken is nu een heel belangrijke manier om je emoties te tonen, zeker als je die niet goed onder woorden kunt brengen, zoals jonge kinderen. Wat betekent het als dat niet meer kan? Dat is een heel relevante vraag.”

Op weg terug naar de auto lopen mijn moeder en ik achteraan onze optocht. ,,Gek hè, dat je elkaar niet even vast kunt houden”, zeg ik. Heel even knijpt ze in mijn bovenarm. Ik geef snel een kneepje terug. Het is iets. Maar eigenlijk is het niet genoeg.

Hoogleraar Jan Brouwer en viroloog Coretta Van Leer waren eerder te gast in DvhN Live. Kijk hieronder de video’s terug:

loading

loading

menu