Ze willen dat iedereen dezelfde kansen krijgt en zich even thuis voelt in hun organisatie. Daarom tekenden tien grote Noordelijke werkgevers donderdag het Charter voor Diversiteit. De komende maanden werken ze elk een eigen, concreet actieplan uit.

,,We gaan er zo mee aan de slag dat iedereen er beter van wordt: wij als instellingen, de werknemers en de samenleving als geheel’’, zegt Fransien Saalbrink. Ze is beleidsadviseur diversiteit en emancipatie bij de gemeente Groningen, één van de organisaties die onder het Charter staat. Het is ook ondertekend door de Rijksuniversiteit Groningen, de Hanzehogeschool, het Alfa-college, het UMCG, het Groninger Museum, de Gasunie, CMZorg, Schouwburg De Lawei uit Drachten en vacatureplatform Noorderlink.

,,In diverse bedrijven worden talenten beter benut, ze zijn flexibeler, kunnen zich beter aanpassen’’, somt Saalbrink op. Ze hoopt op een ‘zwaan-kleef-aan’-effect. ,,We beginnen met grote werkgevers die al veel met diversiteit en inclusie bezig zijn en veel mensen bereiken, en zo komt hopelijk het gesprek steeds meer op gang.’’

‘Charter onderstreept wat we al doen’

Het Charter bevat geen harde quota, maar is een intentieverklaring. De ondertekenaars beloven zich in te zetten voor diversiteit in één of meer van vijf ‘dimensies’: gender, LHBTI+, etnische en culturele achtergrond, leeftijd en arbeidsvermogen. Hoe ze dat precies doen, is aan henzelf. ,,Allemaal maken we het komende halfjaar een businesscase, waarin de intenties concreter staan uitgewerkt.’’

Zo maakt de RUG vooral werk van meer vrouwen op topposities. ,,In 2025 willen we dat 33 procent van onze hoogleraren vrouw is’’, zegt Gerry Wakker, zelf hoogleraar Griekse Taal- en Letterkunde. ,,Nu zitten we op 27 procent.’’ Wakker is één van de diversity officers van de universiteit, waar HR-managers bijvoorbeeld trainingen krijgen om alert te zijn op onbewuste vooroordelen in sollicitatieprocedures. ,,Voor ons betekent dit Charter niet zozeer een verandering, het onderstreept wat we al aan het doen zijn.’’

Maar de RUG kan - en moet - nog meer doen, vindt ze. ,,Op deze manier laten we zien hoe belangrijk wij het vinden dat iedereen een plek kan krijgen bij ons. En we zijn er nu nog meer op aanspreekbaar: we hebben iets ondertekend, daar moeten we dan ook mee aan de slag.’’

‘Wat leren we studenten kunstgeschiedenis?’

Ook Dorothea van der Meulen, die zich voor de Hanzehogeschool met diversiteit en inclusie bezighoudt, vindt dat daar de meerwaarde van het Charter ligt. ,,We spreken met verschillende instellingen tegelijk uit dat dit thema belangrijk is, en we kunnen onderling van elkaar leren.’’

De hogeschool is in achttien schools verdeeld; Van der Meulen staat aan het hoofd van de kunstacademie Minerva. ,,We doen op zich al van alles, maar het is erg versnipperd’’, heeft ze gemerkt. Daar iets aan doen is het eerste actiepunt. ,,We gaan in gesprek om een beter beeld te krijgen van de ervaringen op de verschillende schools .’’ Op Minerva speelt nu bijvoorbeeld het curriculum van de kunstgeschiedenislessen. ,,Wat leren we daar, past het nog bij de steeds internationalere studentengemeenschap?’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen