Overheid lapt bij windpark N33 subsidieregels aan haar laars

De rijksoverheid weigert opnieuw de miljoenensubsidie voor Windpark N33 bij Meeden en Veendam in te trekken. Ondanks dat projectontwikkelaars hun zaken niet tijdig voor elkaar hebben.

Tegenwind N33: ‘Overheid zet tegenstanders windparken op achterstand’
Lees verder

Innogy Windpower en Windpark Vermeer BV zijn er niet in geslaagd binnen de gestelde termijn alle juridische procedures te doorlopen en de vereiste contracten voor de aanleg van het windpark te overleggen. Daarmee handelen ze in strijd met de subsidieregeling voor duurzame energieproductie (SDE).

Jaar na subsidie moet windpark juridisch zijn afgehandeld

De SDE-regeling schrijft voor dat een jaar na het verlenen van de subsidiebeschikking een windparkproject juridisch afgehandeld moet zijn en klaar voor uitvoering. In het voorjaar van 2017 kregen de projectontwikkelaars te horen dat ze 393 miljoen euro subsidie konden krijgen voor 35 turbines, als ze op tijd hun zaken voor elkaar hadden. Toen dat niet het geval bleek, trok de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), die voor de overheid de subsidieregels handhaaft, aan de bel. Uitstel, zo meldde RVO, kon niet worden toegestaan.

Toch streek de rijksdienst in april vorig jaar enigszins met de hand over het hart. De projectontwikkelaars kregen acht maanden respijt: tot 1 januari 2019. Daarmee konden Innogy Windpower en Windpark Vermeer BV proberen het windpark snel dichtgetimmerd te krijgen bij de Raad van State waar omwonenden bezwaar hebben gemaakt tegen het windplan. De Raad van State werd verzocht rekening houden met de financiële omstandigheden van de projectontwikkelaars. Zij konden zonder uitspraak van de bestuursrechter geen contracten afsluiten.

Uitspraak laat enkele maanden op zich wachten

Nog steeds wachten de projectontwikkelaars echter op een zitting bij de hoogste bestuursrechter. Eind januari houdt de Raad van State drie zittingsdagen over de plannen voor Windpark N33. Daar zijn 21 bezwaren over binnengekomen. De verwachting is dat de uitspraak enkele maanden op zich laat wachten.

Een woordvoerster van RVO erkent dat de windparkontwikkelaars te laat zijn. In een schriftelijke toelichting stelt ze dat de rijksdienst de subsidie ondanks het overschrijden van de termijn, op dit moment niet intrekt. ,,De reden van de vertraging geldt nog steeds. Er loopt een beroepszaak waardoor de ondernemers niet verder kunnen met het project. Deze vertraging ligt buiten de invloedsfeer van de aanvragers en we gaan daarom (nog) niet handhaven.’’

‘Er zit grens aan flexibititeit’

Herman Broring, hoogleraar bestuursrecht aan de RUG, snapt dat RVO zich nu nog flexibel opstelt. ,,Maar daar zit een grens aan. Als de Raad van State de zaak terug verwijst naar het bestuur, wordt het spannend. Dan kan ik me voorstellen dat RVO zegt: nu is het mooi geweest.’’

De aanleg van Windpark N33 is al tien jaar omstreden. Omwonenden menen dat de overheid het megawindpark er doorheen heeft gedrukt, zonder serieus overleg met de bevolking vooraf. Daarbij is volgens hen gebruik gemaakt van de Rijkscoördinatieregeling en de Crisis- en Herstelwet die de aanleg bevorderen met versnelde procedures.

‘Groningen en Drenthe vernield’

Actievoerders stellen dat de overheid met een serie megawindparken grote delen van Groningen en Drenthe vernielt en met ook nog de gasellende, de leefbaarheid, het landschap, de gezondheid van omwonenden en de waarde van woningen zwaar aantast. Het leidde tot felle protesten, waarbij de afgelopen jaren actievoerders de initiatiefnemers en de landbouwers die de komst van het windpark mogelijk maken, zelfs vergeleken met de Duitse bezetter in de Tweede Wereldoorlog.

Ook waren er de afgelopen tijd ‘ondergrondse’ acties, waarbij recent asbest werd verspreid in de omgeving van het windpark en de locatie voor de nieuwe stikstoffabriek bij Zuidbroek.

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.