In februari 2017 werd in Groningen massaal gedemonstreerd tegen de gaswinning.

Tweede Kamer wil na de verkiezingen een parlementaire enquête over de gaswinning: de onderste steen moet boven

In februari 2017 werd in Groningen massaal gedemonstreerd tegen de gaswinning. Archief DvhN

De Tweede Kamer wil na de landelijke verkiezingen in maart een parlementaire enquête houden over de aardgaswinning en de gevolgen voor Groningen.

Een tijdelijke commissie van Kamerleden begint mogelijk nog deze maand met de voorbereiding. Na een onderzoek van vier tot zes maanden doet de commissie een voorstel dat de mogelijkheid biedt de onderste steen boven te krijgen. De Kamer wil weten hoe het komt dat de veiligheid van de Groningers bij de gaswinning van ondergeschikt belang is. Al vele jaren heeft Groningen te maken met aardbevingen door gaswinning. Doel van de parlementaire enquête en dus ook het vooronderzoek is waarheidsvinding, zo schrijft de vaste Kamercommissie Economische Zaken en Klimaat aan de fractievoorzitters.

Waarom werd gaswinning na Huizinge opgeschroefd?

Welke oorspronkelijke afspraken hebben de oliemaatschappijen met de overheid gemaakt? Welke keuzen hebben zij gemaakt? Wat betekenden die keuzen op lange termijn voor verantwoordelijkheden en aansprakelijkheid van de verschillende partijen? Ook moet duidelijk worden waarom de gaswinning na de zware aardbeving van 2012 in Huizinge werd opgeschroefd. Toen al pleitten deskundigen om veiligheidsredenen voor afbouw van de gaswinning.

Voor de schadeafhandeling geldt dat niet alleen de afgelopen jaren in beschouwing worden genomen. Naast de financiële aspecten, waaronder de vraag waar de gasbaten zijn beland en al dan niet teruggevloeid zijn naar Groningen, vindt de commissie van EZK het belangrijk dat ook veiligheid, gezondheid en welzijn worden onderzocht.

Vizier niet alleen op kabinet

De parlementaire enquête moet zich niet alleen richten op de rol van het kabinet, maar ook op die van het parlement, de gemeenten, de provincie, private partijen zoals onder meer de NAM, EBN, Shell en Exxon en partijen die adviezen hebben uitgebracht, zoals het Staatstoezicht op de Mijnen, het KNMI en de Mijnraad.

De commissie raadt aan om na te gaan wat er gedaan is met uitgebrachte adviezen van deze partijen en het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV). De commissie wil de rol van binnenlandse- en buitenlandse contracten rond gaslevering uitpluizen. Dit in relatie tot de prognoses en afspraken rond de te winnen hoeveelheid aardgas.

Welke Kamerleden aan de slag gaan met het vooronderzoek wordt binnenkort bekendgemaakt.


menu