Provincie: Omgekeerde bewijslast invoeren bij zoutwinningsgebied in Veendam

Nedmag in Veendam wint magnesiumzouten in de provincie Groningen. Foto: Archief Harry Tielman

De omgekeerde bewijslast die geldt voor schades aan woningen in het Groningse gasveld moet ook van toepassing worden verklaard in het zoutwinningsgebied bij Veendam.

Dat vindt een meerderheid in Provinciale Staten van Groningen. Het provinciebestuur is gevraagd hier bij de minister op aan te dringen. Dat gebeurt in de zienswijze op het winningsplan van het bedrijf Nedmag. Het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) vindt eveneens dat het bewijsvermoeden moet gelden, zoals dat gebeurt bij de gaswinning.

SodM: schade door zoutwinning en bodemdaling niet uit te sluiten

Bij het hanteren van de omgekeerde bewijslast wordt er op voorhand van uitgegaan dat de schade aan woningen wordt veroorzaakt door de mijnbouw. Het bedrijf dat delfstoffen uit de grond haalt, in dit geval Nedmag, moet dan aantonen dat dit niet het geval is. Op dit moment krijgen inwoners in het zoutwinningsgebied na onderzoek steevast van Nedmag te horen dat de schade aan hun huizen niets te maken heeft met de zoutwinning. Zij zijn daar bepaald niet van overtuigd. SodM zegt dat schade door zoutwinning en bodemdaling aan gebouwen niet valt uit te sluiten.

Van de coalitiepartijen vinden GroenLinks, PvdA, ChristenUnie, CDA en D66 dat het bewijsvermoeden moet gelden. Net als een groot deel van de oppositie. ,,Problemen worden niet serieus genomen’’, zegt Isolde den Haring (PvdA). ,,We moeten inwoners beter beschermen tegen Kafkaiaanse processen’’, vindt Geert Kamminga (D66). ,,De minister moet zorgen dat een onafhankelijke partij schades onderzoekt en een ruimhartige afhandeling garanderen.’’

Minister Wiebes: Kans op schade door zoutwinning klein

Minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat (VVD) wil daar niet aan. Alleen het feit dat er een kans op schade bestaat vindt hij onvoldoende voor het invoeren van een wettelijk bewijsvermoeden. Volgens hem is de kans op schade ten gevolge van de zoutwinning klein. Dat is, zo meent Wiebes, ook het grote verschil met de situatie rond de gaswinning. De minister merkt op dat omgekeerde bewijslast alleen bij wet kan worden geregeld en niet door middel van een vergunningvoorschrift. Wiebes beoordeelt de zienswijzen en komt dan met een instemmingsbesluit voor het winningsplan.

Gedeputeerde Tjeerd van Dekken (PvdA) zegt toe het bewijsvermoeden op te nemen in de zienswijze. ,,Maar wij hebben niet de illusie dat de minister afwijkt van zijn standpunt.’’

menu