Dr. Jacqueline Stefels van de Rijksuniversiteit Groningen keert terug van de grootste poolexpeditie ooit.

RUG-wetenschapper Jacqueline Stefels keert terug van Noordpool in 1,5 metersamenleving

Dr. Jacqueline Stefels van de Rijksuniversiteit Groningen keert terug van de grootste poolexpeditie ooit. Foto Eigen foto

RUG-wetenschapper Jacqueline Stefels is op de terugreis van haar deelname aan de grootste poolexpeditie uit de geschiedenis. Ze keert terug in een wereld die sinds haar vertrek rigoureus is veranderd.

Zeshonderd wetenschappers uit zeventien landen nemen deel aan de MOSAiC-expeditie. Het Duitse onderzoeksschip Polarstern drijft een jaar lang in het ijs van de Noordelijke ijszee. Wetenschappers doen onderzoek naar klimaatverandering.

Jaar lang vastgevroren in poolijs

De Polarstern vertrok in september 2019, geëscorteerd door een Russische ijsbreker, vanuit de Noorse haven Tromsø naar het noordpoolgebied. Na een reis van ongeveer twee weken zochten de expeditieleden een geschikte ijsschots uit waar ze het schip lieten invriezen. Hier werd een onderzoekskamp ingericht. De ijsschots moest minimaal 1,5 meter dik en enkele kilometers breed zijn, zodat er genoeg ruimte over is voor een landingsbaan. Eind oktober begon de poolnacht waarna het maandenlang pikdonker was. De temperatuur daalde tot min 42 graden Celsius en de gevoelstemperatuur tot min 60. De wetenschappers maakten onder meer gebruik van sneeuwscooters en werden tijdens hun onderzoek tegen ijsberen beschermd.

In het donker dreef de Polarstern met de stroming mee naar plekken die zelfs voor ijsbrekers onbereikbaar zijn. De teams werden met enige regelmaat afgelost. Stefels kwam op 1 maart aan. Het was de bedoeling dat begin april de aflossing met ijsbrekers of vliegtuigen zou worden gebracht, maar dat bleek uiteindelijk niet mogelijk. Ze verliet op 16 mei de onderzoeksbasis met de Polarstern.


IJsbrekers haken af vanwege coronacrisis

,,Op dit moment zijn we op weg naar Spitsbergen en hebben dus met de Polarstern het ijskamp verlaten. Het was de bedoeling dat de nieuwe ploeg naar ons toe zou komen, maar vanwege de coronacrisis hebben diverse ijsbrekers moeten afzeggen. Dit heeft tot gevolg gehad dat de nieuwe ploeg nu met twee gewone onderzoekschepen van de Duitse overheid wordt overgevaren naar Spitsbergen en dan wisselen we daar van schip en gaat de nieuwe ploeg weer terug het ijs in, terwijl wij terugvaren naar Bremerhaven.

Door de coronacrisis bij jullie aan land is onze tijd aan boord met twee maanden verlengd. Ik had eigenlijk begin april al thuis moeten zijn, maar dat wordt nu dus half juni. We hebben daardoor heel erg veel kunnen doen en hebben de overgang van de koudste maand (maart) naar het voorjaar mee kunnen maken. Dat is allemaal erg waardevolle informatie, omdat dit nooit eerder op deze schaal is onderzocht.

Geen dag-nachtritme

Het was ook heel interessant om de overgang van donker naar licht mee te maken. Omdat we eind februari zo ver naar het noorden waren gedreven, is de overgang van 24 uur donker naar 24 uur licht in een paar dagen bereikt. In feite draait de zon de hele dag om je heen en is er dus geen dag-nachtritme meer. Voor sommige mensen is dat moeilijk om bij te slapen, maar de verduisteringsgordijnen in de hut werken voor mij goed genoeg.’’

,,Een ander probleem was dat het ijs veel eerder dan verwacht is opgebroken, waardoor we gedwongen werden het hele ijskamp uiteindelijk op te ruimen. Toen we aankwamen zat alles nog aan elkaar, maar al gauw begon de boel op te breken en dan wordt het lastig werken, omdat er overal elektriciteitsleidingen vanaf het schip naar meetstations lopen. Die moesten dus allemaal losgekoppeld worden. En uiteindelijk werd de situatie zo slecht dat we alle instrumenten van het ijs af hebben moeten halen. Dat was vlak voor vertrek, dus je mag wel zeggen dat we er het maximum uitgehaald hebben.’’

Haar team deed onderzoek naar de rol van het zee-ijs bij het vastleggen van CO2 (koolstofdioxide) en de productie van dimethysulfide (dms), dat de aarde afkoelt. Het gas dms vormt de bouwstenen voor wolken die de aarde afschermen van de zon en het zonlicht reflecteren. Het team wil weten of het smelten van het zee-ijs de klimaatverandering versterkt.

Werken tot diep in de nacht

,,Omdat we ons natuurlijk moeten houden aan het schema van de bemanning, wordt het programma rond de maaltijden gevlochten. Na het ontbijt was het voor mij vaak direct het lab in, dat zich ergens binnenin het schip bevindt, en dan eindeloos veel monsters analyseren, experimenten doen, ijskernen smelten en bemonsteren en watermonsters analyseren. Vaak werden die water en ijskernen door anderen genomen, maar regelmatig ging ik zelf ook op pad om watermonsters te halen en om verschillende soorten ijs te bemonsteren. Maar feitelijk was ik het merendeel van de tijd aan boord aan het werk. Dat werk ging dan vaak tot middernacht door, met af en toe een uurtje rust ertussendoor. Zondagochtend was altijd een ochtendje rust, maar verder ging dit patroon de hele week zo door. Twee en een halve maand lang dus.’’

Ze had gezelschap van zestig wetenschappers. ,,We zijn zo langzamerhand inderdaad een hechte groep geworden en ik moet zeggen dat het nog steeds heel relaxed toe gaat. Ook de spanningen die er waren tijdens de periode dat er onduidelijkheid was over ons vertrek en opvolging door de volgende groep, zijn heel goed opgevangen en iedereen heeft oog voor elkaar.’’

Gevangen in het ijs op de terugreis

En nu is ze bijna thuis. ,,Dat voelt heerlijk! Zoals uit bovenstaande mag blijken hebben we heel hard gewerkt en is het een lange periode geweest met veel obstakels. Allereerst kwamen we vanuit Tromsø niet door het ijs heen en duurde het twee weken langer voordat wij op de Polarstern aankwamen, toen dus die onzekerheid over onze terugreis en een verlenging van twee maanden, en nu is onze thuisreis ook niet zonder obstakels. We zitten momenteel vast in dik ijs ten noorden van Spitsbergen en moeten wachten totdat de wind draait en er meer ruimte komt in het ijs voordat we verder kunnen varen. De geplande 2 juni terug in Bremerhaven gaan we zeker niet halen, en wanneer het wel wordt is nog onduidelijk.’’

Maar appen is nog mogelijk

Maar er is veel contact met het thuisfront. ,,Gelukkig konden we appen, al was dat zonder foto’s of andere bijlagen. Maar dat is toch wel fijn om af en toe direct contact te hebben. Ook kan er op twee telefoontoestellen aan boord per iridium satelliet gebeld worden. Die valt af en toe weg en heeft nogal wat vertraging, maar dat neem je op de koop toe.’’

MOSAiC vindt haar oorsprong in de Fram-expeditie van de Noorse ontdekkingsreiziger Fridtjof Nansen, die tussen 1893 en 1896 zijn houten schip de Fram, die speciaal voor dit doel was gebouwd, liet vastvriezen in het ijs in de hoop zo de Noordpool te bereiken.

menu