Rat Patrol: We spelen ruiger dan ooit

Foto: Reyer Boxem

De Groningse band Rat Patrol bestaat dertig jaar. De muzikanten van de langst bestaande punkband van Nederland kunnen bogen op een goede maatschappelijke carrière. De vier vrienden – vijftigers inmiddels – hebben net een nieuw album opgenomen. Ze zien er tegenwoordig aardig ‘casual’ uit, maar voelen zich nog punker.

De hardcoremuziek knettert uit de versterkers en vult de kleine oefenruimte. Oordoppen zijn geen overbodige luxe. De vier muzikanten van de Groningse band Rat Patrol gaan helemaal op in hun muziek. Forever makes me cry , schreeuwt zanger Roelof Roelsel Oldenburger (53) in de microfoon. ,,Laat de broekspijpen maar wapperen’’, zegt hij als de band even stil is, grijnzend van oor tot oor.

Idealen

Dertig jaar geleden gingen ze als punkers door het leven: scheuren in de broek, riem met noppen, zware kistjes en een ruige haardos met veel zeep. Alternatievelingen die protesteerden tegen oorlogen en kernwapens. De spijkerbroeken zijn er nog, de grote scheuren niet meer. De muzikanten – alle vier de 50 gepasseerd – hebben hun wilde haren verloren. Maar niet hun idealen. Hoger opgeleide mannen, die weten wat ze willen. Een keer in de week proberen ze bij elkaar te komen in hun oefenhok in Groningen om te genieten van hun punkmuziek. Vol passie en vol verhalen.

Ze zijn nog altijd maatschappelijk geëngageerd, blijkt uit hun nieuwe album We’re doing fine . Bassist Jan Jansel Plenter (54) schreef de meeste muziek, Oldenburger maakte de meeste teksten. De reactie van de Amerikaanse president Donald Trump op weer een nieuwe schietpartij triggerde de zanger. Hoezo leraren bewapenen om aanvallen af te slaan? In More guns ventileert hij zijn afkeer tegen wapens.

Volwassen songs

Het album is net opgenomen en komt later dit jaar uit. In tegenstelling tot hun uiterlijk is de muziek ruiger dan ooit. Drummer Henk Henry Mulder (54): ,,Elk album is ruiger dan het vorige. ‘Jullie lijken wel 20’, zeggen vrienden.’’ Maar de songs zijn meer volwassen. Behalve over politieke issues zingt de band ook over relatieverdriet en levensvragen.

Plenter maakte een nummer over een vriendin die plotseling haar partner verloor: Collaps . ,,Bij de opnames in de studio stonden wij te luisteren hoe Roelsel het nummer inzong. Alle drie hadden we kippenvel.’’ In een van de softere nummers op het album, Wanna sleep , geeft de zanger zichzelf bloot: net gescheiden, op een flat, kennis aan een nieuwe dame, helemaal uit balans. ,,Ik kwam er even niet uit. Maar in zware tijden kan ik wel liedjes schrijven.’’ Ook zelfspot is de heren niet vreemd. Oldenburgers credo: neem jezelf niet al te serieus.

Ramones

Als in de jaren zeventig de punk floreert, zit het viertal net in de puberteit. Diskjockey Alfred Lagarde (onder meer Veronica) draait de rauwe muziek van de Ramones, Motörhead en Sex Pistols. Roelof Oldenburger, Henk Mulder, Pieter Köhne en Jan Plenter zijn aangenaam verrast. Deze stroming met een kritische blik op oorlogen, kernraketten en de gevestigde orde past hen beter dan de gladde discomuziek.

De vier rebelse pubers beginnen in 1988 Rat Patrol, genoemd naar een nummer van de punkband Naked Raygun. Omdat het zo lekker klinkt. Een jaar later komt de eerste elpee. Drummer Mulder: ,,Van punkers wordt vaak gedacht dat ze niks doen. Maar ze deden echt wel wat. Non-profitactiviteiten in kraakpanden, vrijwilligerswerk. Het was de tijd van dingen zelf oppakken. Wij gaven bijvoorbeeld zelf ons album uit. We wilden niet meewerken aan het overeind houden van de grote platenlabels.’’

De punkband maakt naam, wordt geboekt voor optredens in het hele land maar staat vooral ook in Groningen veel op het podium. In kroegen als de Crowbar maar ook in zalen als De Oosterpoort, Simplon, Huize Maas en Vera. En in kraakpanden.

Broodspelen zit er niet in. ,,Dat is maar voor een enkeling weggelegd’’, zegt Mulder, in het dagelijkse leven adjunct-opleidingsdirecteur bij de RUG. ,,We hadden voor een echte muziekcarrière ook te veel concessies moeten doen. We spelen nu gewoon lekker alleen wat we willen.’’ Henk Mulder ofwel Henry heeft moeite zich te schikken in een keurslijf. Hij wordt scheikundige maar komt al gauw erachter dat hij liever werkt met mensen dan met chemicaliën. Hij wil de kloof tussen wetenschap en maatschappij slechten. Voor hem geen driedelig pak en keurige schoenen. ,,Ik ben zoals ik ben. En dat kan ook op mijn werk.’’

Aanstootgevend

Plenter ontdekt in zijn jonge jaren al vrij snel dat punk lang niet altijd samengaat met de gevestigde orde. Hij studeert fysiotherapie. Direct al bij z’n eerste stageplek op revalidatiecentrum Beatrixoord is zijn uiterlijk een probleem. Een keurige witte doktersjas camoufleert z’n gescheurde broek weliswaar, maar niet z’n ruige haar en zware schoenen. ,,Aanstootgevend, vond mijn stagebegeleider.’’ Hij wil geen onvoldoende en kuist zijn uiterlijk. ,,Roelof noemde dat verraad. Dat doe je toch niet’’, imiteert hij zijn bozige vriend. ,,Maar ook jij ging heel snel om, meneer’’, lacht hij zijn maat toe. Plenter is nu mede-eigenaar van fysiotherapie Den Ommelanden met meerdere vestigingen in de provincie.

De jonge Roelof Oldenburger wil de communicatiewereld in maar komt nergens aan de bak. ,,Ik werd wel uitgenodigd, maar als ze me dan zagen haakten ze af. Mijn docent zei: ‘pas je toch eens aan. Je identiteit zit binnen’.’’ Hij leent een jasje en dasje en wordt prompt aangenomen als bedrijfsjournalist bij DSM. Nu is hij mede-eigenaar van organisatie- en adviesbureau Movum in Groningen. En doet z’n werk in een pak. ,,Anders word ik niet serieus genomen. Best irritant natuurlijk.’’ Maar hij werkt vanuit zijn idealen. Zijn centrale vraag aan cliënten: ‘wanneer ga je eindelijk eens doen wat je wilt? In plaats van doen wat van je wordt verwacht?’

Gitarist Pieter Pjotr Köhne (50) is software-engineer en houdt energiecentrales aan de praat. Hij woont als enige niet meer in de provincie Groningen, verhuisde voor zijn lief naar Enschede. ,,Bijna twintig jaar geleden alweer.’’ Ook hij heeft moeite met hiërarchie. ,,Lastig die bazen op het werk.’’ Kledingprotocol? Hij draagt gewoon waarin hij zin heeft.

Hun volle agenda’s maakt optreden lastig. Maar ze proberen wel één keer in de week te repeteren. Köhne rijdt met plezier naar Groningen om zich met zijn maten te verschansen in een oefenhok in het Viadukt, dat onlangs verhuisde naar een voormalig schoolpand aan de Euvelgunnerweg in Groningen. Ze zien er niet meer uit als punkers. Mulder: ,,Maar ik identificeer me nog wel met de punkscene.’’ Köhne: ,,Dit is liefde.’’

menu