Herman van der Meer, waarnemend president van de rechtbank Noord-Nederland.

Terug naar drie zelfstandige rechtbanken voor Groningen, Drenthe en Friesland 'geen gekke gedachte', zegt rechtbankpresident Herman van der Meer

Herman van der Meer, waarnemend president van de rechtbank Noord-Nederland. Foto: ANP/Lex van Lieshout

Waarnemend rechtbankpresident Herman van der Meer draait er niet omheen: het dinsdag gepresenteerde onderzoeksrapport schetst geen positief beeld van de rechtbank Noord-Nederland. Verrast heeft het hem niet.

Sinds november vorig jaar neemt Van der Meer - tevens president van het gerechtshof in Amsterdam - de zaken in het Noorden waar. ,,Ik herken veel van wat in het rapport staat.’’

Er is niet één probleem, maar verscheidene. En het speelt dwars door de organisatie heen, onder medewerkers, onder rechters, in Assen, in Groningen, in Leeuwarden. Van der Meer: ,,Er is kortom werk aan de winkel voor de hele organisatie.”

Geen angstcultuur, wel onveiligheid

Hij is blij dat het rapport weerlegt dat er sprake zou zijn van een angstcultuur binnen de rechtbankorganisatie. ,,Maar mensen voelen zich wel onveilig en dat is niet goed. Ik hoop altijd dat iedereen vrolijk fluitend naar zijn werk gaat, maar dat is hier niet het geval. Dat is treurig. Er is niet altijd sprake geweest van goed werkgeverschap en dat is pijnlijk voor de betrokkenen. Ik heb daar ook mijn spijt over uitgesproken, dat had zo niet mogen gebeuren. Gedragsregels waren er wel, maar die werden niet elke dag toegepast.’’

Van der Meer zegt ervan overtuigd te zijn dat de onderzoekers de onderste steen boven hebben gekregen. ,,Dat hoop ik niet, maar dat is zo.’’

Met elkaar in gesprek

De kern van het probleem is volgens Van der Meer: de onderlinge communicatie. ,,Die moet op alle fronten worden verbeterd. We moeten met elkaar in gesprek gaan in plaats van meteen te oordelen en er iets van te vinden. Oordelen en veroordelen, dat past bij rechters. Maar buiten de rechtszaal zijn rechters ook teveel rechters en daar hebben anderen last van.’’

Van der Meer: ,,Er wordt veel gedacht in juridische frames. In rechten en veel minder in plichten. Het zou fijn zijn als dat wat meer in balans kwam. Rechters zijn professionals en goed want anders was je geen rechter geworden. Maar je grootste kwaliteit is ook je grootste valkuil.’’

Stel eens een vraag

Hij zegt dat het hem binnen de organisatie is opgevallen dat iedereen snel een oordeel klaar heeft. ,,De mensen vinden van alles iets. Ik dacht soms, joh stel eens een vraag.’’

De waarnemend president - hij blijft tot oktober - hoopt dat het rapport de ogen opent. ,,Ik hoop dat iedereen in de spiegel kijkt en zich afvraagt: wat heb ik eigenlijk bijgedragen aan wat in het rapport is beschreven? En had ik het anders kunnen doen, anders kunnen benaderen? Dat vraag ik aan iedereen. Je bent tegenover je collega verplicht hier aan mee te doen, want dit is niet een probleem van het bestuur of van leidinggevenden, maar van de hele organisatie.’’

Drie zelfstandige rechtbanken

In het rapport staat dat de problemen terug zijn te voeren tot 2013, toen de drie zelfstandige rechtbanken in Groningen, Assen en Leeuwarden fuseerden tot de Rechtbank Noord-Nederland. Van der Meer: ,,Het verleden heeft de organisatie beschadigd. Het fusiebestuur heeft toen een jaarplan geschreven, maar daarin zat geen visie op één rechtbank. Niemand zag het nut en de noodzaak in van die fusie. Het daarop volgende bestuur had er dus een zware klus aan en inmiddels zijn we bij de vierde bestuurssamenstelling. Dat zegt ook iets.’’

Zou je kunnen zeggen: de fusie is mislukt en nu zitten we met de gebakken peren? En dat er weer drie zelfstandige rechtbanken moeten komen in Noord-Nederland?
Van der Meer: ,,Ik sluit niets uit. Maar ik ga er niet over. Als gedachte is het geen gekke gedachte. Zeker niet. Aan de andere kant is een periode van tien jaar voor dit soort fusieprocessen als het op cultuur aankomt helemaal niet zo raar.’’

Hoe nu verder?
,,De komende periode wordt alles met iedereen besproken wat moet uitmonden in een plan van aanpak. We trappen niet in de valkuil van het verleden: het bestuur ziet een probleem en zegt vervolgens tegen de mensen, we hebben een oplossing bedacht, hier is het, zo gaan we het doen. Dat werkt hier niet. We moeten met z’n allen aan de slag. Ik hoor ondertussen reacties van medewerkers die zeggen te hopen dat het niet bij een eenmalige bespreking blijft. Het moet iets duurzaams worden. Dat is mijn opzet, daar ga ik voor zorgen.’’


LEES OOK: DOSSIER ONRUST RECHTBANK

menu