Een inwoner van Meeden die op persoonlijke titel ten strijde trekt tegen het Windpark N33 is door de rechtbank in het gelijk gesteld. Maar gelijk hebben blijkt ook hier iets anders dan gelijk krijgen.

De rechtbank Noord-Nederland oordeelde vorige week keihard over de vraag of de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) de verlichting op de turbines van Windpark N33 goed had mogen keuren. Nee.

Een nieuw besluit nemen

De uitspraak luidt dat de Inspectie niet eens de bevoegdheid heeft om over obstakelverlichting te oordelen, maar ‘pretendeert’ daarover te mogen beslissen. Er moet een nieuw besluit worden genomen.

De obstakelverlichting op de 35 windmolens van Windpark N33 is daags wit van kleur en knippert. Dat is niet zoals het in het inpassingsplan van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) staat. Daar staat in dat de lampen op de windmolens vast brandend moeten zijn.

Vast brandende verlichting valt minder op

Alleen; de Inspectie Leefomgeving en Transport stelt dat vast brandende verlichting piloten niet of minder goed opvalt. De knipperende lampen zijn niet in overeenstemming met de afspraken die bij de bouw zijn gemaakt, maar continue brandende lampen zouden de windmolens onvoldoende zichtbaar maken voor het luchtverkeer.

De gemeenteraad van Midden-Groningen heeft unaniem een motie aangenomen waarin het college van B en W wordt opgedragen Windpark N33 ‘s nachts ‘uit te zetten’. Daarover moeten burgemeester en wethouders, drie weken na datum, nog een besluit nemen; gaan ze de motie, feitelijk een opdracht van de raad aan het college, uitvoeren?

Op 29 december 2020 een handhavingsverzoek ingediend

Intussen vecht een inwoner van Meeden op persoonlijke titel met succes tegen de knipperende lampen. Deze persoon, juridisch bijgestaan door Anne van Nus van Dokk advocaten, wil niet met naam en toenaam in de krant. Beroepshalve is het niet prettig als hij of zij te boek komt te staan als ‘windmolenactivist(e)’.

De Omgevingsdienst Groningen (ODG) in Veendam is de handhavende instantie. Op 29 december 2020 wordt daar een handhavingsverzoek ingediend. Op 11 februari 2021 wordt de overtreding vastgesteld.

Gevolgen van overtreding zijn beperkt

De ODG volstaat met een waarschuwing. Zij kwalificeren de gevolgen van de overtreding als ‘beperkt’ en noemen de opstelling van de overtreder ‘goedwillend’. Een maand geleden heeft ODG de exploitanten van het windpark een brief gestuurd met het verzoek de knipperende verlichting uit te zetten of vast brandend te maken.

Als er zicht is op legalisatie, het ministerie van EZK is voornemens de regels zo aan te passen dat knipperende obstakelverlichting wél wordt toegestaan, dan hoeft er niet gehandhaafd te worden. Dan kan worden volstaan met een waarschuwing en het geven van gelegenheid om de overtreding te beëindigen.

Sinds vorig jaar nieuwe richtlijnen

De bezwaarmaker, die dus door de rechtbank in het gelijk is gesteld, vraagt zich af of de regels wel zo snel aangepast kunnen worden.

,,Sinds vorig jaar gelden nieuwe richtlijnen. Obstakelverlichting zoals op windpark N33 brandt zou nu niet meer mogen.’’ De indiener heeft opnieuw bezwaar aangetekend. ,,Dit is niet handhaven, maar beloven dat in de toekomst misschien te gaan doen, en dat mag niet.’’

Reactie Eurus en RWE

Windpark N33 bestaat uit 35 windturbines, waarvan er 20 van Eurus zijn en 15 van RWE. De exploitanten laten weten in contact te staan met de gemeente over de verlichting van de windturbines en samen met hen aan een oplossing te werken.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen