Het beeld van Groningen: hoe een roze driehoek uitgroeit tot een geuzenteken

In 1979 wordt voor het eerst tijdens de nationale dodenherdenking in Groningen een krans gelegd voor vervolgde homoseksuelen. Foto: Groninger Archieven/persfotobureau D. van der Veen

Persfotobureau D. van der Veen fotografeerde in de jaren zestig en zeventig kleine en grote gebeurtenissen in de stad en provincie Groningen. In deze rubriek staat wekelijks een beeld uit de collectie van ruim 500.000 negatieven centraal. Vandaag: Roza Winkel

Pas 34 jaar na de bevrijding wordt voor het eerst tijdens de nationale dodenherdenking in Groningen een krans gelegd voor vervolgde homoseksuelen. De jaren ervoor had de organisatie van de kranslegging het steevast verboden.

Dat de Nazi’s homo’s vervolgden werd zelden besproken. Met de invoering van de ‘Verordening ter bestrijding van tegennatuurlijke ontucht’ was homoseksualiteit vanaf 3 augustus 1940 strafbaar.

In 1943 schreef het Nederlandse SS-blad Storm dat homoseksuelen ‘als onkruid in den Nederlandschen tuin dienen te worden uitgerot tot den laatsten man’. Homoseksuelen die in concentratiekampen terecht kwamen moesten een roze driehoek op hun kleding dragen, in het Duits de ‘Rosa Winkel’.

Daar verwijst deze driehoekige krans naar, die leden van COC Groningen/Drenthe op 4 mei 1979 bij het monument op het Martinikerkhof leggen. Als u goed kijkt ziet u dat beide kransleggers een driehoekig speldje dragen. Vanaf het eind van de jaren ‘70 wordt de roze driehoek een geuzenteken voor de homogemeenschap.

menu