Zo'n twintig huurders van de schimmelwoningen in Appingedam brachten op 16 december een bezoek aan het kantoor van Woongroep Marenland. Links zit huurder Marcel Dijkema, in het midden Jürgen Romeling en rechts Marenland-directeur Gerke Brouwer.

Bewoners 'schimmelwoningen' in Appingedam willen gelijke behandeling

Zo'n twintig huurders van de schimmelwoningen in Appingedam brachten op 16 december een bezoek aan het kantoor van Woongroep Marenland. Links zit huurder Marcel Dijkema, in het midden Jürgen Romeling en rechts Marenland-directeur Gerke Brouwer. Foto: Archief Bram Noordhuis

,,Iedereen is teleurgesteld’’, zegt Marcel Dijkema. De bewoner van een van de ‘schimmelwoningen’ in Appingedam had gehoopt dat Woongroep Marenland maandag duidelijkheid zou bieden over de woningen aan de Gerrit Raapstraat en Pieter Veningastraat. Die duidelijkheid bleef uit.

Dijkema is daarom nog dezelfde dag in de pen geklommen en schreef een brief aan minister Kajsa Ollongren (D66).

Er stond ‘niets nieuws’ in de brief van Marenland, verzucht Dijkema. ,,Er is nog steeds geen advies, ze praten nog steeds met de Nationaal Coördinator Groningen over versterking. Maar er moeten gewoon nieuwe woningen komen.’’ Ergens in oktober, dan wordt de buurt weer bijgepraat over een nieuw advies ‘om het versterkings- en verbeterplan’ te bespreken, staat daarin. Het duurt allemaal veel te lang, vindt Dijkema. Hij hoopt dat Ollongren een einde kan maken aan het ‘mensonterende spel’.

Nog steeds geen besluit

Dijkema en zijn buren wonen in verouderde woningen. Schimmel, tocht, verzakkingen: ,,Je kunt het zo gek niet bedenken, we wonen al jaren in verrotte huizen.’’ In 2013 lag er al een onderzoek over alles wat er moest gebeuren. Het werk zou in 2015 plaatsvinden, schrijft hij aan de minister, maar juist in 2013 begon de aardbevingsproblematiek vorm aan te nemen en kwam alles stil te liggen.

De bevingen veranderden de situatie voor Woongroep Marenland. Die vroeg zich af of de huizen nog gerenoveerd moesten worden of dat die vervangen zouden worden. Een besluit daarover is nu, zeven jaar later, nog niet genomen. In tussentijd is ook het onderhoud fors achtergebleven. Constant moeten de bewoners druk zetten op het proces, want anders gebeurt er niets, ervaart Dijkema: ,,Ze zijn alleen maar aan het tijdrekken.’’

In tussentijd zijn er scheuren in sommige vloeren ontdekt en wordt afgeraden spullen naar boven te tillen. Ook is de energierekening torenhoog doordat de woningen slecht geïsoleerd zijn, schrijft Dijkema aan de minister.

‘Wij vragen om gelijke behandeling’

Het is een rare situatie, zegt hij. Huizen in straten rondom de Gerrit Raapstraat en Pieter Veningastraat worden namelijk wél gesloopt en herbouwd. Bijvoorbeeld in de Emmastraat, de Patrimoniumstraat en Focco Ukenalaan.

Dijkema trekt de vergelijking met het ‘vergeten hoekje’, negen straten in Opwierde waarover lange tijd onduidelijkheid bestond. De bewoners kregen recent te horen dat de 337 woningen toch gesloopt en herbouwd worden. Om de negen straten heen was dat al volop aan de gang. Even leek het erop dat het Hart van Opwierde vergeten zou worden.

Waarom daar wel en niet bij hem, vraagt Dijkema zich af. Hij voelt zich in de steek gelaten door Marenland en lokale politici. In zijn brief aan minister Ollongren roept hij op tot actie. Want het gaat hier om een kwestie van gelijkheid, bepleit hij. ,,Wij vragen om gelijke behandeling.’’

Woongroep Marenland was niet bereikbaar voor commentaar.

menu