Wies en dochter Ramona in hun kapperszaak. FOTO MARCEL JURIAN DE JONG

Snoeien in wildgroei aan kapsalons

Wies en dochter Ramona in hun kapperszaak. FOTO MARCEL JURIAN DE JONG

Kapsalons in winkelstraten dreigen de dupe te worden van het grote aantal thuiskappers. Kappersbond Anko wil daarom dat gemeenten ingrijpen.

,,Er moet echt een einde komen aan de ongebreidelde groei’’, zegt Anko-woordvoerder Gert-Jan Deben.

In 1991 waren in Nederland 10.000 kapsalons. Deben: ,,Inmiddels zijn er meer dan 21.000. Het gaat maar door. En van die 21.000 kappersbedrijven zijn er slechts 6000 met personeel. Maar die zorgen wel voor werkgelegenheid en steken tijd en energie in de opleiding van de kappers van morgen.’’ Hij waarschuwt voor de gevolgen. ,,Als gemeenten niet ingrijpen, vallen kapsalons in winkelstraten om. Dat heeft gevolgen voor de werkgelegenheid, de leerwerkplekken, leefbaarheid en de leegstand.’’

'De kapper is een winkelambacht'

Van de ruim 14.000 kapperszaken zonder personeel hebben er volgens de Anko maar 3000 een bedrijfspand. ,,Circa 5500 rijden in een autootje of op de fiets naar klanten toe en eenzelfde aantal is op zolder of in de garage aan de slag gegaan. Wij vinden in tegenstelling tot bijna alle gemeenten kapper geen aan huisgebonden beroep. De kapper is een winkelambacht, net zoals de slager en de bakker.’’

Veel gemeenten vinden een kapsalon aan huis dus geen enkel probleem. ,,Het bestemmingsplan laat het toe’’, zegt een woordvoerder van de gemeente Groningen,. En de vele kapsalons in een winkelstraat dan? ,,Dat laten we over aan de marktwerking.’’

De Anko pleit er niet alleen voor dat gemeenten hun beleid ten opzichte van thuiskappers veranderen. Ze wil ook dat die gemeenten, die een kapsalon aan huis niet toestaan, ook ingrijpen als een kapper dit toch doet. Volgens de Anko laat de handhaving in een aantal gemeenten te wensen over. Deben: ,,Alleen op die manier ontstaat een goede balans in het kappersaanbod.’’

Lage drempel

Als een van de voornaamste oorzaken voor de groei van het aantal kapperszaken noemt hij de economische teruggang. ,,Kapsalons moesten mensen ontslaan en die ex-werknemers zijn voor zichzelf begonnen. Als ze dat in een winkelpand doen, is dat gewoon eerlijke concurrentie. Niks mis mee. Maar de meesten beginnen een zaakje aan huis en hebben dus minder kosten. Daar komt bij dat de drempel om een kapperszaak te beginnen erg laag is.’’

Voorzitter Marga Patijn van FNV Mooi, de vakbond voor onder meer kapsalons, noemt het standpunt van de Anko ‘betuttelend’. ,,De verschuiving van werknemer naar ZZP’ers is al jaren aan de gang. Elke tijd heeft zijn eigen ontwikkeling. Maar er zijn inderdaad veel kappers. Op de opleidingen zitten er jaarlijks ruim 5000. Het is de vraag of dit wenselijk is.’’

De Anko blijft bij gemeenten aandringen op verandering. Deben: ,,Maandag gaan we met de gemeente Leek in gesprek. Daar zitten 34 kappers waarvan er 12 in een winkelpand zitten. In andere gemeenten, zoals Haren, Vlagtwedde zijn individuele kappersbedrijven met de gemeente in gesprek gegaan.’’

menu