Spotify voor school

Kees Versteeg (51) uit Emmen wil leermiddelen en lesboeken digitaliseren en toegankelijker maken. Docenten kunnen er de beste lessen uithalen. Voor ouders moet het bovendien goedkoper worden.

Versteeg zag het bij zijn dochter. ,,Zij ging vorig jaar van school en had nog lesboeken in cellofaan zitten. Het hele jaar niet gebruikt! Wie betaalt die? Die betaal ik. Als ouder.’’ Lesboeken op school worden soms half en soms helemaal niet gebruikt, zegt hij. Leraren zijn niet tevreden over sommige hoofdstukken en hebben zelf beter materiaal. Mede daarom moeten alle leermiddelen digitaal, zegt Versteeg.

Kees Versteeg nam vorige week afscheid als directeur van het Hondsrug College in Emmen. Een school voor vmbo, havo en vwo die zich profileert met digitaal onderwijs. Leerlingen in de onderbouw gebruiken iPads. Niet dat er geen lesboek meer op tafel komt. Soms is een boek toch nog handiger en af en toe is er gewoonweg geen goed digitaal materiaal beschikbaar. Tot ergernis van Versteeg. De man met een groot netwerk in de digitale schoolwereld wil sneller en flexibeler leveren dan uitgevers.

Hij heeft grote kritiek op educatieve uitgevers. Niet op de lesmaterialen die zij leveren, ,,daar is niks op af te dingen”, maar wel op het hele systeem er omheen. ,,Hoe gaat het? Ik koop een methode van een uitgever. Het boek is waarschijnlijk drie of vier jaar daarvoor gemaakt en na vier of vijf jaar afgeschreven. Als leerling heb je kans met een acht jaar oud boek te werken.’’

Versteeg is in dienst getreden bij ZuluBook. Daar moet hij een digitaal platform ontwikkelen – zeg maar een kaartenbak op internet – bomvol lesmateriaal. Uitgevers en leraren, wie maar wil, moeten hun lesmethoden en modules er op zetten. Graag met linkjes, foto’s, YouTube-filmpjes en noem maar op.

Vervolgens kunnen docenten – van basisonderwijs tot universiteit – die kaartenbak raadplegen en er lessen zoeken die ze willen. Ze kunnen zo hun eigen lesmethoden samenstellen.

Leraren en personen die er materiaal op plaatsen krijgen daarvoor betaald. Wie er wat afhaalt krijgt een rekening. ,,Zo betalen docenten en dus leerlingen alleen voor wat ze gebruiken. Docenten kunnen maatwerk leveren waardoor het veel goedkoper is dan het huidige systeem. En digitaal is actueel.’’ Nu betaalt de overheid de schoolboeken voor leerlingen, maar de kans is groot dat ouders bij een volgende kabinetsperiode dit weer zelf moeten doen. Dat komt al snel op 300 euro per leerling per jaar. Versteeg denkt dat met zijn systeem terug te kunnen brengen tot 100, 150 euro per jaar, afhankelijk van het gebruik.

FLEXIBILITEIT

Het huidige model deugt niet, zegt Versteeg. ,,De lesmaterialen van uitgevers worden gemaakt door docenten. Als ik als leraar voor een uitgever schrijf, krijg ik daar wat voor, zeg 5 procent. 95 procent gaat naar de uitgever. En die doen daar wat voor, daar zal ik niks van zeggen, maar die verhouding vind ik scheef. Als we dat nou eens omdraaien. Ik maak een methode of module en stop die in een digitale kaartenbak. Als veel andere docenten die er afhalen – het is dan blijkbaar een geweldige les – dan is 70 tot 80 procent voor de maker, de docent, en 20 of 30 procent voor het platform zodat we dat draaiende kunnen houden. Die docenten blij en wij blij: meer flexibiliteit.’’

De kans dat uitgevers in de rij staan voor zijn plan is niet groot. Zij verliezen een groot deel van hun inkomsten. Toch denkt Versteeg dat ze er uiteindelijk niet meer omheen kunnen. ,,Hoe meer ik mijn kaartenbak vul, hoe zenuwachtiger ze worden. Als ze zien dat mensen er gebruik van maken, moeten ze wel meedoen en met hun prijzen zakken. Het zijn aannames, maar ik zie het bij anderen.’’

Kijk naar tv-dienst Netflix, zegt hij, kijk naar de muziekindustrie. ,,Iedereen vond het verschrikkelijk dat iTunes en Spotify kwamen. Maar inmiddels streamen we bijna alleen nog maar. Er zit een nieuwe wereld aan te komen.’’ Wat hij maakt is zeg maar een educatieve Blendle, Edu-Blendle, zegt hij. Blendle is het systeem waarbij lezers losse artikelen uit kranten en tijdschriften kunnen kopen. Ze betalen niet meer voor de hele krant of het tijdschrift, maar alleen voor het artikel dat ze interesseert.

Het Blendle-principe past bij de visie van Versteeg. Het onderwijs kan volgens hem efficiënter en leuker. Hij vindt dat iedere leerling les op maat moet krijgen. Nu zijn leerlingen ingedeeld naar leeftijd en zitten ze bij elkaar in de klas, of ze nu goed of minder goed leren. Maar hoezo? ,,Waarom zet je leerlingen niet bij elkaar die hetzelfde niveau hebben, ongeacht hun leeftijd? En waarom werken met roosters? Als een leerling wiskunde goed beheerst, laat hem dat nog één uur in de week volgen. En als hij verschrikkelijk slecht is in Engels volgt hij dat zes uur in de week.’’ Door het digitaal werken zijn prestaties van leerlingen goed te volgen en daarom is een eindexamen volgens hem ook overbodig. Leerlingen moeten alle vakken op een bepaald niveau afronden en doen ze dat, dan kunnen ze automatisch door naar het vervolgonderwijs.

ONTWIKKELINGEN

Bijna alle middelbare scholen zijn bezig met lessen op maat en de vraag hoe ze dat kunnen verwezenlijken. ,,Wij hebben als school iets in gang gezet en die ontwikkelingen zijn niet terug te draaien. In elk beleidsstuk over onderwijs gaat het over maatwerk, over gepersonaliseerd leren, over digitalisering en over het opnieuw vorm geven aan het onderwijs. Kijk naar Platform Onderwijs2032 of Leerling2020. Beide concluderen dat het onderwijs anders moet en denken na over hoe het toekomstig onderwijs er uit moet zien.’’

Is zijn plan haalbaar? Veel scholen hebben voor hun leerlingen maar een of twee computerlokalen, de apparatuur is (deels) verouderd, er zijn haperende netwerken. Dat is te wijten aan fout beleid, zegt Versteeg.

,,Veel scholen geven nog les in de vorige eeuw. We hebben geen geld voor ict-investeringen, zeggen ze. Maar dat is het punt niet. Ze hebben er best geld voor, maar maken andere keuzes. Dat is het.’’ En de onderwijscultuur is er een van doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg, vindt hij. ,,Dan zeggen docenten en bestuurders: ‘Wie zegt dat digitaal beter is’? En: ‘Er is geen onderzoek naar gedaan’. Maar wat wil je? Dit zijn nieuwe ontwikkelingen, daar is geen wetenschappelijk onderzoek naar gedaan. Dan moet je ook een beetje je onderbuikgevoel laten spreken. Je moet een lerende organisatie zijn. Gaat het een keer fout … oké, dan doen we het de volgende keer beter.’’

Versteeg wil dat het onderwijs aantrekkelijker wordt. ,,Verkeerslessen kun je virtueel doen. Het Hondsrug College zet twee digitale radiostations en een tv-station op poten. Daar ben ik apetrots op.’’

,,Wij hadden een vmbo-kader-leerling. Hij heeft al drie eigen bedrijven en uitzendbureau Randstad huurde hem in om de marketing te regelen. Hij presenteerde een onderwijscongres! Ik wist niet dat hij zo goed Engels sprak. En wie interviewt hij daar? Een van de grootste onderwijspedagogen van deze tijd, een Chinees. En wat doe ik: ik huur deze leerling in voor workshops op school over ondernemerschap. En daar betaal ik hem voor! Vmbo-kader ... Dat is toch lachen! Hier gaat het om. We moeten nadenken over hoe het onderwijs weer leuk kan worden.’’

menu