Vaak staan ze in rijen dik voor de COOP in Bad Nieuweschans, nu blijven de Duitsers weg

Foto: DVHN

Het is stil in Bad Nieuweschans waar Duitsers zondag rijen dik voor de COOP horen te staan. De omzet van de supermarkt en de horeca daalt, maar iedereen staat nog op de loonlijst.

,,Waar blijven ze nou?’’ Liesbeth Schippers, boerendochter uit Finsterwolde, gooit nog maar een doekje over de tafel. Op zondag is het hier met vier man flink aanpoten. Nu staan ze maar met z’n tweeën.

,,Het is klo...’’, zegt Schippers in de lunchroom van supermarkt COOP in Bad Nieuweschans. ,,De Duitsers zijn bang. Ze komen niet. Ze denken dat ze hier corona oplopen. Als ze langer dan 24 uur in Nederland zijn, moeten ze in quarantaine.’’

Ook in de supermarkt en de viskiosk is het rustig. Nooit eerder vertoonde het parkeerterrein in het weekend zoveel lege plekken. ,,Ik moet het hebben van Duitsers’’, zegt COOP-eigenaar Bert Stuut. ,,Voor hen is een bezoek aan ons horeca- en winkelcentrum een uitje. Ze komen van heinde en verre en brengen tachtig procent van mijn omzet binnen. In de stad Groningen zijn veel besmettingen, maar helaas scheren de Duitsers alles over één kam. Wat dat betreft zijn ze heel pünktlich. Ik hou mijn hart vast.’’

Paar hele goede weken gehad

Stuut zegt behoorlijk in de piepzak te hebben gezeten na het uitbreken van de coronacrisis in maart. ,,Je denkt: hoe loopt dit af?’’ Na een slechte periode kwamen de mensen weer en trok de omzet aan. ,,We hebben een paar hele goede weken gehad. Nu zit de klad er in.’’ Stuut heeft maatregelen getroffen. Scherper inkopen, minder voorraad en de loonkosten binnen de perken houden.

Vol lof over werkgever

Alle zeventig medewerkers staan nog op de loonlijst. Op mensen met een nulurencontract doet hij iets minder een beroep. Schippers is vol lof over haar werkgever. ,,Hij doet er alles aan om de zaak overeind te houden. Aan het einde van de dag zeg ik: sorry Bert, meer is het niet. Dat doet pijn. We nemen zoveel mogelijk van onze vrije uren op. Ik woon hier tegenover. Als het rustig is, ga ik een paar uur naar huis.’’

Bang om failliet te gaan is Stuut niet. ,,De contacten met COOP, de leveranciers en de bank zijn goed. Ze zijn zeer behulpzaam. Dat komt omdat we al jaren goed met elkaar omgaan. Je hebt over en weer vertrouwen opgebouwd. Natuurlijk zijn er wel zorgen. Het zou raar zijn als dat niet zo was.’’

‘Blijf gezond hè!’

De spaarzame eters worden door Schippers hartelijk en persoonlijk uitgezwaaid door de speciale zij-uitgang. ,,Blijf gezond hè! Ja, je moet de moed er een beetje inhouden. Ik ben een positief mens.’’

Dat was ze al in 2012 toen Schippers bij COOP kwam werken. ,,Ik ben vergroeid met dit bedrijf. Vlak voor de opening heb ik hier de verf tussen de tegels weg gekrabd. We hebben al heel wat meegemaakt. Zelfs nog een brand. Nee, ze krijgen ons hier echt niet klein.’’

Van opgeven wil Schippers niet weten. Zelfs niet nu ze geholpen is aan haar kaak. ,,Ik krijg implantaten. Twee uur na mijn bezoek aan de dokter stond ik hier. Gewoon doorgaan toch?’’ Haar mond verborgen achter het mondkapje vertelt ze dat bukken lastig is. ,,Dan voel je ineens wat druk op je hoofd.’’ Haar collega sjouwt de dozen. ,,Zo helpen we elkaar waar het kan.’’

‘We houden ons hart vast’

Gedeelde smart is halve smart, denkt Stuut als hij na een moeilijke dag naar huis rijdt. ,,Dan kom ik langs het kuuroord en zie ik hoe leeg de parkeerplaats daar is. Dan denk je toch och, och...’’ Ook bij de tankstations vlak over de grens is het rustig. Maandag worden nieuwe coronamaatregelen verwacht. ,,Corona slaat hier minder toe dan in de Randstad. Maar de effecten van de maatregelen zijn ook hier voelbaar. In de grensstreek houden we ons hart vast.’’

menu