Medicijnen zijn steeds beter uitgekiend. Daarom komt het ook nauwer of je ze op de juiste manier slikt. De tweede lezing in de voorjaarsreeks van de Medische Publieksacademie UMCG gaat over geneesmiddelen.

Pillen werken bij de ene patiënt net iets anders dan bij de andere.

Mensen verschillen van elkaar, en in de loop van het leven veranderen mensen en hun ziektes waardoor medicijnen andere effecten kunnen krijgen.

Het kan nogal uitmaken hoe je medicijnen inneemt, wat je erbij eet en welke andere geneesmiddelen je gebruikt.

Als pillen beter werken en handiger zijn om te slikken, zijn patiënten eerder geneigd zich netjes aan de voorschriften te houden.

Apothekers en artsen komen er meer en meer achter dat ze met bovenstaande factoren rekening moeten houden. ,,We kunnen tegenwoordig een genetisch profiel maken van een patiënt, een zogenoemd farmacogenetisch paspoort’’, zegt hoogleraar Jos Kosterink, ziekenhuisapotheker in het UMCG. ,,Daarmee kunnen we beter inschatten hoe bepaalde geneesmiddelen bij die ene patiënt werken.’’

Vervolgens hangt het ook van de leefsituatie van de patiënt af welk medicijn ideaal is. ,,Of je één keer of drie keer per dag moet slikken kan al behoorlijk verschil maken’’, weet apotheker en hoogleraar Petra Denig. ,,Vroeger schreven artsen gewoon voor wat zij als het beste middel zagen. Tegenwoordig bespreken we meer met mensen wat ze haalbaar vinden. Soms is het best mogelijk om een ander middel te kiezen dat je minder vaak op een dag hoeft in te nemen. Of een middel dat bepaalde bijwerkingen niet geeft.’’

Bekijk medicijnlijst van oudere patiënt kritisch

Het is verstandig als mensen ouder worden om de hele medicijnlijst kritisch door te nemen. ,,Kwetsbare ouderen krijgen in de loop van de tijd vaak te maken met een stapeling van meerdere ziektes’’, legt Denig uit. ,,Ze krijgen er dan steeds nieuwe pillen bij. Het is op een gegeven moment dan goed om nog eens opnieuw te kijken of al die middelen wel echt nodig zijn, de zogenoemde medicatiebeoordeling.’’

Zo geldt voor veel cholesterolverlagers, bloeddrukverlagers en diabetesmedicijnen dat ze vooral op de langere termijn effect hebben. Uit uitgebreide wetenschappelijke studies is gebleken dat mensen minder hartinfarcten krijgen als ze die cholesterolverlagers vele jaren achter elkaar slikken. ,,Maar als mensen heel oud zijn en de levensverwachting korter wordt, kun je je voorstellen dat zulke preventieve middelen niet meer echt nodig zijn. De kans dat je met die medicijnen een hartinfarct voorkomt wordt dan wel erg klein terwijl de kans op bijwerkingen juist toeneemt.’’

Pillen bieden ook houvast

Hoewel het voor de buitenwereld misschien logisch klinkt, is die boodschap voor veel oudere patiënten vaak wel even schrikken. ,,’Ben ik dan al opgegeven?’ vragen ze dan wel eens angstig’’, merkt Kosterink. ,,Hun dagelijkse hoeveelheid medicijnen biedt veel mensen ook houvast. Ze zijn niet altijd blij om te minderen’’, weet Denig.

Toch proberen artsen en apothekers vaker te overleggen met elkaar en de patiënt of alle medicijnen nog wel nodig en verstandig zijn. ,,Soms moeten mensen ook nog pillen slikken tegen de bijwerkingen van andere geneesmiddelen. Als je het ene middel stopt, kan het andere ook weg.’’

Beter afstemmen maakt ook dat patiënten hopelijk meer vertrouwen krijgen in hun medicijnen, of deze in elk geval trouwer gaan slikken. Want daaraan schort het nogal eens, zo blijkt uit onderzoek van Job van Boven, apotheker en gezondheidseconoom. ,,Soms vergeten ze het gewoon, soms ontbreekt het aan vertrouwen, soms gaat het ook om de kosten, want mensen moeten eigen bijdrages en eigen risico betalen voor hun medicijnen. En soms raken mensen ook in de war als ze worden overgezet op een ander middel.’’

Al die obstakels belemmeren de werking van geneesmiddelen zoals de bedoeling is. Er zijn allerlei manieren om te controleren of patiënten genoeg medicijnen innemen om daarvan echt profijt te hebben, bijvoorbeeld speekseltestjes, bloedprikken of urinecontroles. ,,We willen natuurlijk geen politieagent spelen en mensen de pillen door de strot duwen’’, zegt Van Boven.

,,Maar er zijn mensen die gewoon wat hulp nodig hebben, want pillen slikken is soms lastig in te bouwen in een druk leven. Daar zijn wel hulpmiddelen voor. Het elektronische pillenpotje bijvoorbeeld. Het geeft een signaal af als het tijd is om te slikken. Of een uitdrukstrip waaraan je kan zien of je je pil al hebt geslikt.’’

Persoonlijke afstemming werkt beter

Wat misschien ook werkt is dat medicijnen beter kunnen worden afgestemd op de individuele patiënt. Vroeger kreeg eigenlijk iedereen ongeveer dezelfde middelen bij overeenkomende klachten. Nu kiezen artsen en apothekers er vaker voor om een genetisch profiel te maken van patiënten die onverwacht last krijgen van bijwerkingen of weinig effect merken van hun medicijnen.

Uit onderzoek is gebleken dat de stofwisseling per persoon verschilt. Dezelfde pil wordt bij de één veel sneller en beter verteerd dan bij de ander, waardoor de werkzame stof eerder of later in het bloed komt. Door een farmacogenetisch paspoort op te vragen, wordt duidelijk wat voor soort stofwisseling die patiënt heeft. ,,Vroeger waren we met sommige middelen best lang aan het uitproberen wat de beste dosis was voor die patiënt. Nu kunnen we dat met een genetisch profiel al van tevoren beter inschatten.’’

Iets anders, maar beetje vergelijkbaars is dat bij bepaalde vormen van kanker de tumor andere eigenschappen heeft. ,,Een bepaald medicijn tegen darmkanker werkt wel als iemand geen mutatie in een bepaalde tumor heeft, maar het werkt niet als je wel een mutatie hebt. Dat moet je dan dus wel van tevoren weten’’, legt Kosterink uit.

Wat je eet en drinkt maakt heel veel uit

Ten slotte maakt het ook nog uit wat iemand eet en drinkt. ,,Voeding en geneesmiddelen hebben veel effect op elkaar’’, weet Denig. ,,Sommige middelen werken beter als je minder zout eet, en soms kan je helemaal stoppen met middelen als je anders gaat eten. Een ziekte als diabetes is bij jongere patiënten soms terug te dringen door meer te gaan sporten en gezonder te eten. Dan hoef je de geneesmiddelen uiteindelijk helemaal niet te gebruiken.’’

Soms gaat het ook gewoon om dingen die slecht samen gaan. Sommige pillen worden anders afgebroken in het lichaam als je ze inneemt met grapefruitsap. ,,Gelukkig weten we steeds meer over de samenhang en kunnen we daar ook beter rekening mee houden’’, zegt Kosterink.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen