Personeel van het Schimmelpenninck Huys is bezig het hotel te veranderen in een tijdelijke daklozenopvang. Bedrijfsleider Sanne Luijten stofzuigt op de gangen.

Wat voor plek is het Hotel Schimmelpenninck Huys in Groningen, waar Youp van 't Hek verliefd op werd en waar tijdelijke opvang komt voor daklozen?

Personeel van het Schimmelpenninck Huys is bezig het hotel te veranderen in een tijdelijke daklozenopvang. Bedrijfsleider Sanne Luijten stofzuigt op de gangen. Foto: Reyer Boxem

Wie in Hotel Schimmelpenninck Huys overnacht, is misschien wel in een vreemde stad, maar toch een beetje thuis. Dat is het geheim van het driesterrenhotel, denkt manager Sanne Luijten, die tijdelijk daklozen verwelkomt in haar Huys.

Wie logies boekt in het fraaie, twaalfde-eeuwse patriciërspand aan de Oosterstraat 53 in Groningen, wordt per mail begroet met ‘Welkom Thuys’.

Bij aankomst vindt zij, of hij, een fraaie jugendstilzaal op de begane grond. Op de trap ligt dik, rood-zwart tapijt. Boven zijn de deuren voorzien van gouden nummers en achter elk van die nummers ligt een andere kamer. Geen twee vertrekken zijn hetzelfde. „Komt doordat het al zo’n oud huis is”, zegt Sanne Luijten, die de scepter zwaait over dit driesterrenhotel Schimmelpenninck Huys.

‘Hier kom je thuis, al ben je in een vreemde stad’

Dit is het hotel dat cabaretier Youp van ‘t Hek steevast opzoekt als hij in de Groningse Stadsschouwburg speelt, en dat hij een jaar of vijf geleden uitbundig de liefde verklaarde in een column met de titel Hoteldebotel. Die column was vóór Luijtens tijd, maar ze grijnst breed als Youp ter sprake komt en ze weet wel waarom hij haar hotel omschrijft als ‘een herberg waar ze de gasten snappen’.

„Het zit al in onze naam: we zijn een huis. Al ben je in een vreemde stad, hier kom je thuis.” Je hoort aan haar trotse stem dat ze het eigenlijk met de lange ij zegt. Thuys.

Driesterrenhotel wordt opvang voor dak- en thuislozen

Vanwege het rondwarende coronavirus zit momenteel bijna iedereen thuis met een i. Maar de stad heeft ook bewoners voor wie dat geen optie is. Zij zijn vanaf donderdag welkom bij Luijten. Op initiatief van de gemeente en in samenwerking met stichting Het Kopland maakt ze van haar driesterrenhotel een opvang voor dak- en thuisloze Groningers.

Luijten heeft genoeg ruimte om dat coronaproof te doen, iets wat in de reguliere nachtopvang aan de Schoolstraat niet meer lukt. Er blijft een klein groepje hotelstaf in de baan, maar in feite nemen de medewerkers van Het Kopland het Schimmelpenninck Huys de komende maanden over: „Zij weten het beste hoe het normaal gaat in de opvang.”

Een verbouwing in een paar dagen

Eerst moet het hotelpersoneel in enkele dagen het nodige verbouwen. In de gemeenschappelijke ruimtes zetten ze de tafels en stoelen extra ver uit elkaar. Er wordt gesleept met koelkasten, stoelen en bedden: alle kamers worden eenpersoons. Matrassen en bedlinnen worden straks vervangen door de eigen spullen van Het Kopland. „Die zijn brandvertragend”, verklaart Luijten.

„Sanne!”, roept een kamermeisje Luijten toe. „De bank in kamer 2, moet die weg of laten we die staan?”

„Daar kijk ik straks even naar, ja?”, belooft Luijten.

‘Ik vind het spannend, maar ben blij dat ik dit kan doen’

Tien hotelkamers doen dienst als opslag voor het tijdelijk overtollige meubilair. „Overal zit een briefje op met het kamernummer”, wijst Luijten, „anders heb ik over drie maanden geen idee meer wat waar hoorde.” Ze blikt een beetje verloren in de vol gestapelde kamer. „Rare tijden, hoor. Ik vind het best spannend.”

Natuurlijk: als ze eerlijk is, zou Luijten het allerliefste willen dat ze ‘gewoon’ gasten kon verwelkomen, dat er geen corona was, geen social distancing en geen noodzaak om binnen te blijven. Maar onder de huidige omstandigheden is ze blij dat de gemeente bij haar aanklopte. „Ik vind het fijn dat we dit kunnen faciliteren. Dat we zo een maatschappelijk belang kunnen dienen.”

Zo staat haar fraaie pand tenminste niet leeg, maar kan het blijven wat het al sinds de twaalfde eeuw is. Een Huys.

menu