Weggepoetste propaganda-herinneringen

Een fractie uit de ongekende oorlogsverzameling van Stadjer Theo Onstenk is met ingang van zondag te zien in het Veenkoloniaal Museum.

In de kelders van V&D aan de Grote Markt in Groningen huisde tot in de jaren tachtig een bijzonder particulier museum. Theo Onstenk had er zijn uitgebreide verzameling, vaak onvervangbare, (Duitse) spullen: van wapens tot aanplakbiljetten en ander propagandamateriaal. Het Veenkoloniaal Museum stelt met ingang van zondag een deel van die propaganda-affiches uit de Tweede Wereldoorlog ten toon onder de titel Geen commentaar.

De Veendammer verzameling is een van de meest indrukwekkende van het Noorden. Alleen de zogeheten collectie De Roos in het gemeentearchief in Leeuwarden is uitgebreider. De spullen zijn grotendeels gekregen van Theo Onstenk, die in 1927 is geboren in Hillegom en zijn jeugd doorbracht in Hilversum waar zijn vader beroepsmilitair was. In 1941 verhuisde het gezin naar Groningen. De jonge Theo had toen al een behoorlijke verzameling aangelegd.

Een fractie

Zijn latere huis in de Populierenlaan stond propvol. ,,Hij scharrelde een ongekende hoeveelheid materiaal bij elkaar. Wat wij laten zien is een fractie van wat we van hem hebben’’, zegt museumdirecteur Hendrik Hachmer.

Het gaat om tijdschriften, boeken, speldjes, kranten, uniformen, mappen vol documenten en officiële bescheiden, persoonsbewijzen, vergunningen, beschikkingen, foto- en filmmateriaal, bidprentjes, ansichtkaarten, postzegels, illegale bladen, onderscheidingstekens, insignes en zelfs een emmertje vol schelpen. ,,Die had Onstenk meegenomen uit Normandië, van een van de invasiestranden van D-Day. En nee, het waren geen schelpen uit 1944. Dat maakte Onstenk niets uit. Het ging om het gevoel, iets tastbaars te hebben van een plek die zo belangrijk is geweest in de oorlog.’’ Onstenk liet zoveel achter, dat een deel van de spullen in bruikleen is gegeven aan het Herinneringscentrum Kamp Westerbork .

De collectie bevat vooral ook aanplakbiljetten en propagandamateriaal. Heel veel propagandamateriaal met manipulerende, bondige teksten en hele of halve waarheden die het nationaalsocialisme verheerlijken. Te zien zijn strak vormgegeven posters waaraan menig kunstenaars en ontwerper uit die tijd graag meewerkte. Maar er hangen ook aankondigingen van een Wenschconcert, een dansavondje met een muziekkorps van de Kriegsmarine in De Harmonie in de W.A. Scholtenstraat in Groningen en een oproep van Het Nederlandsche Arbeidsfront om deel te nemen aan een athletiek curus in het Stadspark.

,,Affiches die hij soms letterlijk van muren haalde of op een heel andere manier wist te krijgen.’’ Hachmer wijst naar posters die volledig gaaf zijn. ,,Als Onstenk zijn zinnen op iets had gezet, schreef hij instellingen in Den Haag of Groningen aan en die stuurden hem dan keurig een affiche of boekje. Waarschijnlijk waren ze daar al lang blij dat er een Hollandsche jongen was met interesse in de nationaalsocialistische zaak.’’

Grote schoonmaak

Vooral net na de oorlog wist Onstenk zijn collectie aan te vullen. Na de bevrijding woedde er een grote schoonmaak in Groningen. De mensen waren blij dat ze bevrijd waren. De herinnering aan de Duitsers werd weggepoetst. Letterlijk. Nagenoeg alles wat aan de bezetting herinnerde, werd verbrand of weggegooid. Onstenk wist in die dagen heel wat spullen te bemachtigen.

Het was Eddy de Jonge, oud-directeur van het Veenkoloniaal Museum, die met de verzamelaar in contact kwam. Dat was begin jaren negentig. Onstenk gaf aan wel van zijn verzameling af te willen. Hij was bang dat zijn collectie verspreid zou raken en wilde graag dat vooral de verzameling propagandamateriaal op één plek terecht zou komen.

De Jonge, nu directeur van RHC Groninger Archieven in Groningen, regelde vervoer en vrijwilligers en haalde dozen, kisten, mappen en vitrines vol spullen naar Veendam. Hachmer was daarbij.

Handgranaten

Hoe bijzonder de verzameling was, merkten de museummedewerkers toen een van de kisten werd geopend. ,,Die zat vol handgranaten.’’ Deksel en breekijzer bleven waar ze lagen en in allerijl werd de politie gebeld. ,,De eerste agent die kwam zei nog: we gaan het niet rondtoeteren via het bakkie, de politiemobilofoon. Dan kan iedereen meeluisteren. Een agent deed het toch en zo stond het hier al snel vol met nieuwsgierigen.’’

Hachmer: ,,Toen de Explosieven Opruimingsdienst kwam, dachten we dat alles ontruimd moest worden. Niets van dat alles. Een EOD’er pakte heel laconiek een handgranaat uit de kist. Hij schroefde de dop er af, hield het ding op de kop en liet het kruit achteloos weglopen.’’ De museummedewerkers keken met grote ogen en open mond toe. Hachmer: ,, As wie dat waiten haren, haren wie dat zulf ook doun kind , ik hoor het De Jonge nog zeggen.’’

Hachmer verloor Onstenk acht jaar geleden uit het oog. Hij omschrijft hem als een rustige, wat introverte man die een doel had. Hij wilde de jeugd laten weten hoe het in de oorlog was. ,,Hij leefde voor zijn collectie en had juist ook oog voor spullen die ogenschijnlijk geen of nauwelijks waarde hadden. Hij had alles netjes gerubriceerd en zelfs al ruimte ingericht voor spullen van een eventuele Derde Wereldoorlog.’’

Geen Commentaar is tot en met 15 mei in het Veenkoloniaal Museum te zien. Behalve nationaalsocialistische propaganda-affiches wordt ook een selectie affiches en prenten getoond rond WO II met thema's als Nederlands-Indië, bevrijding en herdenking.

menu