Het Verwey-Jonker instituut en de RUG onderzoeken hoe maatschappelijke onrust als gevolg van gas- en zoutwinning, of het plaatsen van zonne- of windparken in de directe leefomgeving, kan worden voorkomen. De resultaten moeten nog dit jaar bekend zijn.

In het regionaal beleidsplan van de politieregio Noord-Nederland (Drenthe, Friesland en Groningen) is maatschappelijke onrust benoemd als thema.

Ongewenste veranderingen in de directe omgeving

Onrust als gevolg van ongewenste veranderingen in de directe omgeving door de energietransitie, maar ook de boerenacties in het recente verleden worden daartoe gerekend.

In het onderzoek van het Verwey-Jonker instituut en de RUG wordt ook de totstandkoming van het Windpark N33 bij Meeden gereconstrueerd. Daar is veel weerstand. Daartegenover staat de zoutwinning bij Harlingen, waar juist weinig weerstand tegen is.

Eén van de grootste zonneparken in Nederland

In Midden-Groningen heerst momenteel onrust over een mogelijk tweede groot windpark bij Noordbroek. Eén van de grootste zonneparken van Nederland komt wellicht op het grondgebied van Veendam, aan de grens met Midden-Groningen.

De Rijksuniversiteit Groningen, in de persoon van hoogleraar sociale psychologie Tom Postmes, is de bestuurlijke trekker van het onderzoek.

Openbare orde en veiligheid

Daarvoor worden dossiers doorgespit, archieven van media gelicht en gesprekken gevoerd met de initiatiefnemers van aanstootgevende activiteiten, alsook bewoners en gemeentelijke bestuurders.

Vanuit Harlingen en Midden-Groningen zijn de burgemeesters het aanspreekpunt. Zij zijn uit hoofde van hun functie verantwoordelijk voor openbare orde en veiligheid.

Dat is dus beslist hoe het níet moet

Het Windpark N33 bij Meeden werd met een Rijkscoördinatieregeling doorgedrukt waardoor lokale overheden buitenspel werden gezet. ,,Dat is dus beslist hoe het níet moet’’, zegt Adriaan Hoogendoorn, burgemeester van Midden-Groningen. ,,Dat hebben we met elkaar alvast geleerd.’’

,,De onderzoeksvraag luidt: hoe moet het dan wel? Hoe kunnen rijk, provincie en gemeente in voorkomende gevallen voorkomen dat burgers zich genoodzaakt voelen zich te verenigen? Een top down benadering, zoals bij Meeden, moeten we in de toekomst voorkomen. Wij staan daar als lokale overheid feitelijk machteloos. Dat voelt niet goed, want wij worden wel geacht de scherven bij elkaar te vegen.’’

Rijk, provincie en gemeente één lijn trekken

Het Verwey-Jonker instituut zetelt in Utrecht en doet wetenschappelijk onderzoek naar verschillende maatschappelijke thema’s. Het onderzoek met de RUG naar de oorzaak van maatschappelijke onrust moet leiden tot een analyse en aanbevelingen. ,,Hoe kunnen het rijk, provincie en gemeente beter gepositioneerd worden en één lijn trekken?’’, zou Hoogendoorn willen weten.

Hij wil ook de gemeenteraad als volksvertegenwoordiging beter in stelling kunnen brengen. ,,We moeten voorkomen dat we, zoals in Meeden is gebeurd, als lokale overheid machteloos staan. Dat voelt niet goed.’’

Er zullen altijd dingen gebeuren waar mensen niet blij mee zijn

Hoogendoorn spreekt de verwachting uit dat de uitkomsten van het onderzoek gezagsdragers, politie en gemeenten, munitie geeft om in gesprek te gaan met provincie en het rijk.

,,Er zullen altijd dingen blijven gebeuren waar mensen niet blij mee, maar de manier waarop moet anders. Het is absoluut funest wanneer het vertrouwen in de overheid zó wordt aangetast als in Meeden is gebeurd.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen